Inleiding

    De Bund Deutscher Osten (BDO) was een Duitse nationaal-socialistische beweging die ontstaan is uit verschillende 'Völkische-groeperingen' (belangengroeperingen voor etnische Duitsers) die betrokken waren bij oosterse kwesties (Ostverbande). De BDO is opgericht om de annexatie van West-Pruissen en de Vrijstaat Danzig te bevorderen, en richtte om die reden tot 1939 haar propaganda voornamelijk tegen de Polen. De BDO diende als de belangrijkste agent van het grensland-nationalisme en speelde een leidende rol in het voeren van de aanhoudende koude oorlog over deze gebieden. De BDO heeft het voortouw genomen bij de uitvoering van het beleid van het regime van Eindeutschung (Germanisering). In nauwe samenwerking met regionale nazi-organisaties en de Gestapo, forceerde een 'Duitse cultuur' op niet-Duitse etnische minderheden, waarbij alle culturele sporen van 'Poolsheid', 'Joodsheid' en andere 'buitenlandse' identiteiten - vaak losjes en willekeurig gedefinieerd, met geweld werden gewist.

    De organisatie is halverwege de Tweede Wereldoorlog opgeheven. Polen was toen immers al jaren bezet.


    Medaillon uitgevaardigd door de Bund Deutscher Osten. Bron: Reinhard Tieste, Spendenbelege des WHW

    Definitielijst

    nationalisme
    Streven van een volk staatkundig onafhankelijk te worden of die onafhankelijkheid veilig te stellen.
    nazi
    Afkorting voor een nationaal socialist.
    propaganda
    Vaak misleidende informatie die gebruikt wordt om aanhangers / steun te winnen. Vaak gebruikt om ideele en politieke doelen te verwezenlijken.

    Achtergrond

    Tijdens het bewind van Otto von Bismarck begonnen de etnische en culturele spanningen in de in de 18e eeuw geannexeerde Poolse gebieden te stijgen. Dit ging gepaard met groeiende tendensen van nationalisme, imperialisme en chauvinisme binnen de Duitse samenleving. Aan de ene kant werd een nieuwe wereldorde geëist met de wens om een Duits koloniaal imperium te creëren. En aan de andere kant, groeide het gevoel van vijandigheid tegenover andere nationale groepen binnen de Duitse staat.

    De Poolse kwestie bleef tot zijn pensionering belangrijk voor von Bismarck, die de Kulturkampf had geïntroduceerd. Met het einde van von Bismarck's heerschappij en de benoeming van zijn opvolger Leo von Caprivi in 1890, werd de nadruk minder op het germaniseringsproces gelegd en veel Duitse landbezitters vreesden dat dit zou leiden tot een vermindering van de Duitse controle over de Poolse gebieden en uiteindelijk het ontnemen van wat zij zagen als een natuurlijk reservoir van arbeidskrachten en land. Hoewel de feitelijke omvang van von Caprivi's concessies jegens de Polen zeer beperkt was, vreesde de Duitse minderheid in Groot-Polen dat dit een stap te ver was en dat de regering van von Caprivi de macht in Groot-Polen aan de Poolse geestelijkheid en adel zou afstaan.

    In dit maatschappelijke milieu werden een aantal nationalistische organisaties en belangenorganisaties onder de zogenoemde Nationale Verbände opgericht. Veel landeigenaren vreesden dat hun belangen door deze organisaties niet goed genoeg vertegenwoordig zouden worden. De extreem-nationalistische en xenofobische Pruisische organisatie Deutscher Ostmarkenverein zou deze belangen wel vertegenwoordigen.

    Het naziregime had aanzienlijke inspanningen geleverd om dit zogenaamd etnisch-werk over te nemen; dat wil zeggen, zorgen voor de zaken van en invloed op verwerven over de ongeveer 10 miljoen leden van Duitse minderheden in de rest van Europa. Op het moment van de machtsovername door de nazi's waren er een aantal organisaties en instellingen (de meerderheid conservatief en nationalistisch), die actief betrokken waren bij de ontwikkeling van de relatie met etnische Duitse minderheden, waaronder met name: Der Verein (vanaf 1933) ), Volksbund für das Deutschtum im Ausland (vanaf 1933), de Volksbund für das Deutschtum im Ausland; de Deutsche Schutzbund, de Deutscher Ostmarkenverein, de Bund Deutscher Osten, en het Deutsche Auslands-Institut in Stuttgart.


    Rudolf Heß Bron: Bundesarchiv

    Een aantal nazi-politici eisten een leidende rol in het etnische beleid of op zijn minst het recht om er iets over te zeggen. Zo ook het hoofd van de NSDAP/AO, Ernst Wilhelm Bohle, die zijn verantwoordelijkheid voor de omgang met de Duitsers in het buitenland probeerde uit te breiden naar etnische Duitsers met een buitenlandse nationaliteit. Dit gold ook voor Hitlers ambitieuze, speciale vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken, Joachim von Ribbentrop, evenals voor Alfred Rosenberg, die het hoofd was van de afdeling Buitenlands beleid van de NSDAP.

    Een paar maanden na de machtsovername van Hitler schonk hij zijn plaatsvervanger Rudolf Hess uiteenlopende bevoegdheden op het gebied van het etnisch beleid. De taak van Hess was moeilijk. Een meedogenloze coördinatie van de bestaande, niet nazi-belangenorganisaties, was niet wenselijke, omdat de nazi's er geen belang bij hadden om het grote aantal conservatieve etnische activisten te vervreemden en mogelijk een beweging onder de Duitse minderheden in het buitenland tegen het naziregime te creëren. Bovendien wilde het, gezien de omvang van het diplomatieke isolement van de nieuwe regering, niet de indruk wekken dat het van plan was de Duitsers in het buitenland te gebruiken om verstoring of zelfs een vijfde kolom te veroorzaken.

    In het najaar van 1935 besloot Hess echter om het etnisch beleid te reorganiseren en een kantoor op te zetten onder leiding van Otto von Kursell, een schilder en kunstleraar die sinds de vroege jaren '20 een actieve aanhanger van de nazi's was en die vanaf oktober 1934 bij het Rijksministerie van Onderwijs in dienst was. Dit kantoor (formeel het "Kursell-kantoor" genoemd) had de taak om het etnische beleid te coördineren en werd kort daarna omgedoopt tot de Volksdeutsche Mittelstelle (VoMi). De ''VoMi'' werd ondergeschikt gemaakt aan Hess’ vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken, Joachim von Ribbentrop, om hem een handvat te bieden voor zijn ambities op het gebied van etnisch beleid. De ''VoMi'' werd onder de leiderschap van SS-Standartenführer Hermann Behrends de hoogste instantie die zich bezighield met zaken rondom etnische Duitsers.

    Definitielijst

    imperialisme
    Het streven van een staat naar sterke uitbreiding van zijn grondgebied. Na WO II kreeg het begrip meer een culturele en economische lading dan dat er sprake is van een daadwerkelijke onderwerping van het gebied.
    nationalisme
    Streven van een volk staatkundig onafhankelijk te worden of die onafhankelijkheid veilig te stellen.
    nazi
    Afkorting voor een nationaal socialist.

    Ontstaangeschiedenis

    "Hindenburg en Hitler zijn vanuit het oosten en zuidoosten gekomen om het Reich te dienen. In hen is de oude en eervolle traditie van de Duitse Orde verenigd met de oostwaartse traditie van hun leden die afkomstig waren uit het Beierse ras van Hitler - verenigd om Duitsland terug te leiden naar het licht. Zoals de Rijkskanselier onlangs zei, Duitsland wil vrede. Maar niemand kan eisen dat we onze rasbroeders die onze taal spreken en die ons bloed zijn, verlaten en die toch van ons gescheiden zijn. De geciviliseerde wereld moet aan Duitsland toegeven dat de eenheid met de gescheiden takken van het ras vanzelfsprekend voor de Duitsers een zaak van eer is, die de eersten waren om de oostelijke marken te cultiveren. Geen enkel deel van Duitsland leed zwaarder dan het (Duitse) oosten door het Verdrag van Versailles. Het object dat voor ons ligt als leden van de Bund Deutscher Osten is de samenvoeging van de grote tradities van het Duitse oosterse beleid. Elke Duitser in het Reich kan en moet helpen bij dit werk."

    - Oberpräsident Wilhelm Kube, 29 mei 1933

    De Bund Deutscher Osten werd op 27 mei 1933 door de Duitse nationaalsocialisten Alfred Rosenberg en Alfred-Ingemar Berndt opgericht. De Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij verenigde alle Völkische -groeperingen die betrokken waren bij oosterse kwesties (Ostverbande) onder de ''BDO'' om Oosterse propaganda te stroomlijnen. Alle andere Duitse organisaties die zich bezighielden met de belangen van de etnische Duitsers in het buitenland, werden op last van Adolf Hitler opgeheven en door de ''Verein für Deutsche Kulturbeziehungen im Ausland'' geabsorbeerd. De BDO was ondergeschikt aan de Volksdeutsche Mittelstelle (VoMi). Een van de belangrijkste en beruchtste organisaties die werden ontbonden was de Deutscher Ostmarkenverein.


    Theodor Oberländer Bron: Bundesarchiv

    SS-Gruppenführer Hermann Behrends Bron: Publiek domein

    Franz Lüdtke was de eerste ''Reichsleiter'' van de beweging. Hij werd al snel in 1933 vervangen door Theodor Oberländer, die op zijn beurt vanwege zijn te zwakke standpunt over de Poolse kwestie in juli 1937 door SS-Standartenführer Hermann Behrends vervangen werd. Behrends was toen ook al hoofd van de ''VoMI'' en werd verantwoordelijk voor "grensgebied activiteiten"

    "De strijd om etniciteit is niets anders dan het voortzetten van oorlog met andere middelen onder de dekmantel van vrede. Niet een gevecht met gas, granaten en machinegeweren, maar een gevecht over huizen, boerderijen, scholen en de zielen van de kinderen, een strijd waarvan het einde, anders dan bij oorlog, niet te voorspellen is zolang het krankzinnige principe van nationalisme van de staat de oostelijke regio domineert, een strijd die generaties lang doorgaat met één doel: uitroeiing!"

    - Theodor Oberländer, 1936

    Op 2 november 1933 werd Alfred Rosenberg tijdens een bijeenkomst van leiders van de Bund Deutscher Osten in Berlijn formeel ingewijd als eerste lid van de beweging en kreeg het bijhorende ledeninsigne. Dit insigne was in de vorm van het zwarte kruis van de Duitse Orde met daarop een swastika.

    In 1934 had de organisatie 100.000 leden. In 1942 was dit aantal gestegen tot 800.000. De ''Bund Deutscher Osten'' werd tijdens de Tweede Wereldoorlog opgeheven.

    Definitielijst

    nationalisme
    Streven van een volk staatkundig onafhankelijk te worden of die onafhankelijkheid veilig te stellen.
    propaganda
    Vaak misleidende informatie die gebruikt wordt om aanhangers / steun te winnen. Vaak gebruikt om ideele en politieke doelen te verwezenlijken.
    Rijkskanselier
    Benaming voor het Duitse staatshoofd, vanaf 1933 tot 1945 was Hitler Rijkskanselier van Duitsland
    swastika
    Ander woord voor hakenkruis.

    Missie

    De politieke missie van de beweging was de annexatie van West-Pruissen en de Vrijstaat Danzig. Om die reden richtte de organisatie tot 1939 haar propaganda voornamelijk tegen de Polen.

    De BDO diende als de belangrijkste agent van het grensland-nationalisme en speelde een leidende rol in het voeren van de aanhoudende koude oorlog over deze gebieden. Als een door de staat gesponsorde voorstander van de "germanisering" en secularisatie van de grensgebieden en hun uitbreiding ten nadele van Polen, werd de BDO een Duitse tegenhanger van de Poolse ZOKZ (omgedoopt tot de Poolse Westerse Liga/ Polski Zwiazek Zachodni, of PZZ, in 1934), die als missie had om de westelijke gebieden te verdedigen.

    Definitielijst

    nationalisme
    Streven van een volk staatkundig onafhankelijk te worden of die onafhankelijkheid veilig te stellen.
    propaganda
    Vaak misleidende informatie die gebruikt wordt om aanhangers / steun te winnen. Vaak gebruikt om ideele en politieke doelen te verwezenlijken.

    Organisatie

    Hermann Behrends was tot 1945 de ''Reichsleiter'' van de ''Bund Deutscher Osten''. Horst Hoffmeyer had de taak als BDO-manager om zakelijke aangelegenheden onder de directie van de ''VoMi'' te leiden. De BDO was georganiseerd in staatsgroepen met regionale grenzen die correspondeerden met die van de Reichsgaue. De BDO stond ter beschikking van de Gauleiters van de "Gaue" aan de grenzen voor politieke taken aldaar. Er werden zogenoemde Grundlandamten voor de volgende "Gaue" opgericht: Oost-Pruisen, Pommeren, Mark Brandenburg, Silezië, Sudetenland, Beierse Ostmark, Boven-Donau, Beneden-Donau. In andere "gaue" werden speciale grenskantorenbureaus of -vertegenwoordigers (indien aanwezig) ontbonden.

    De BDO bestond uit een nationaal netwerk van wetenschappers, activisten, instituten en verenigingen gewijd aan het oostelijke grensgebied. De activiteiten van de BDO werden op alle mogelijke manieren ondersteund door de partijkantoren. De aard van deze ondersteunding werd bepaald door overwegingen op het gebied van buitenlands beleid.


    Wasserschloss Niederruppersdorf was tussen 1938-1945 in gebruik als grensschool van de Bund Deutscher Osten. Bron: Wikimedia Commons

    Activiteiten

    De BDO heeft het voortouw genomen bij de uitvoering van het beleid van het regime van Eindeutschung (Germanisering). In nauwe samenwerking met regionale nazi-organisaties en de Gestapo, forceerde een 'Duitse cultuur' op niet-Duitse etnische minderheden, waarbij alle culturele sporen van 'Poolsheid', 'Joodsheid' en andere 'buitenlandse' identiteiten - vaak losjes en willekeurig gedefinieerd, met geweld werden gewist.

    Het Marienwerder-kantoor

    Het zogenoemde ''Marienwerder-kantoor'' van de BDO was de opvolger van de ''Arbeitsgemeinschaft fur Grenzlandarbeit in Westpreussen'', dat propaganda-briefkaarten verspreidde en bezoeken aan het grensgebied tijdens de Weimarrepubliek organiseerde. Het kantoor startte de productie van suggestieve muurkaarten, die voor eigen propaganda-inspanningen en die van de regionale partijleiderschool ('' Kreisführerschule''), de Hitlerjugend en de Bund Deutscher Mädel gebruikt werden. Hoewel het Propagandaministerie het Marienwerderkantoor financieel ondersteunde, was het niet direct betrokken bij de productie van kaarten. De controle werd blijkbaar alleen maar uitgeoefend door het goedkeuren van materialen in het jaarlijkse budget van het kantoor.

    Voor de BDO-tentoonstelling "Der Osten, das deutsche Schicksalsland" werd de expertise van de Publikationsstelle (PuSte) gebruikt bij de voorbereiding van de historische sectie. De Puste was betrokken bij de productie van een kaart die aantoonde dat de Poolse etnische grens niet overeenkwam met de huidige politieke grenzen, maar eerder met het Poolse grondgebied dat door Napoleon Bonaparte was ingesteld. Het werkte ook met kaarten waarop Poolse aanvallen op Oost-Pruisen in de 15e en 17e eeuw waren afgebeeld. Toen de ''BDO'' een suggestieve kaart van de Duitsers in het Sudetenland en een kaart van het Duitse Oosten wilde publiceren, vroeg het om assistentie van leden van de ''Puste'' en de ''Nord- und Ostdeutsche Forschungsgemeinschaft''. Een ontwerp van de kaart met betrekking tot het Sudetenland, dat een muurkaart moest zijn, werd onderzocht door Germann Aubin, Walter Kuhn en Franz Doubek. Doubek, specialist in Duitse dialecten in Polen, diende ook een schets in van de eilanden van Duitse vestigingen in het Poolse deel van de Sudetenland-kaart. Deskundigen eisten echter dat hun namen niet op de kaart zouden worden vermeld om hun toekomstige onderzoeksactiviteiten niet in gevaar te brengen. Doubek stuurde ook een schetskaart om de productie van de BDO-kaart van het Duitse Oosten te ondersteunen en drong er bij de ''BDO'' op aan om geen vaste lijn te gebruiken bij het afbakenen van de grenzen van verspreide Duitse gebieden in Polen.

    Lezingen

    Op 24 december 1933 organiseerde het "Amt für Granzlandwerbung Bezirk Westpreussen'' van de ''Bund Deutscher Osten'' samen met de Kaiser-Wilhelm-Gesellschaft een evenement in het Harnack-Haus. Ook organiseerde de organisatie lezingen over de Germanisering van Oost-Europa zoals "Der Deutsche Osten unter besonderer Berücksichtigung von Weichsel Korridor, Danzig und Gdingen - eine Lebensfrage des Deutschen Volkes".

    De Poolse kwestie

    Totdat de nazi's aan de macht kwamen, ontsnapte de 'Bond van Polen in Duitsland' (ZPwN) aan de omvang van de discriminatie waaraan haar Duitse minderheidspostgenoot in het Voivodeship onder Michał Grażyński werd blootgesteld. Dit veranderde in het Derde Rijk en met name na het verstrijken van de Geneefse Conventie in juli 1937, toen de Poolse minderheid vatbaar werd voor toenemend geweld, terreur en intimidatie. Niettemin, om de Polen geen voorwendsel te geven om de Volksbund, de tegenhanger van de ZPwN aan hun kant van de grens, te liquideren, hebben de nazi's de ZPwN pas na de aanval op Polen in september 1939 opgeheven.

    In haar pogingen om iedereen "die zich Pools gedroeg" te straffen, gebruikte de BDP een reeks tactieken, van sociale druk tot terreur, bangmakerij, intimidatie en ten slotte de dreiging van opsluiting in een concentratiekamp. De BDO zette ook de lokale bevolking onder druk om alleen "puur" Duits te spreken, aangezien de nazi's het Silezisch dialect als gelijkwaardig aan het Pools beschouwden. De organisatie concentreerde zich vooral op inspanningen om de lokale bevolking onder druk te zetten en te dwingen niet deel te nemen aan Poolstalige religieuze diensten, maar het ontmoedigde ook deelname aan Poolse minderheidsorganisaties, activiteiten en evenementen. Door de lokale bevolking die weigerde zich aan deze druk te conformeren op een zwarte lijst te plaatsen, onderwierp de BDO hen aan sociale discriminatie en economische tegenspoed.

    De Sorbische kwestie

    De BDO nam in 1935 de Sorbische kwestie onder de loep. Volgens de toenmalige leider Theodor Oberländer was de onderdrukking van de taal het enige wat nodig was om de West-Slavische minderheidsgroep Sorben opnieuw te germaniseren, aangezien de Sorbische cultuur in zijn ogen in essentie Duits van oorsprong was.

    Het beleid van taalonderdrukking werd in 1936 geïntensiveerd, toen in een geheim besluit van de organisatie werd bepaald dat de termen "Wenden", "wendisch" en "wendisches Volkstum" van openbare borden verwijderd moesten worden. Ook Sorbische opschriften werden verwijderd. Hoewel er officieel geen 'Sprachverbot' bestond, werden plaatsnamen en geografische termen systematisch germaniseerd. Dat gold ook voor Sorbische namen op officiële documenten. In 1937 werd ‘Domowina’ (Thuisland), de Sorbische culturele organisatie, verboden omdat die de nieuwe grondwet waarin de term "wendisch sprechende Deutsche" niet zou erkennen. In september 1939 werd de laatste Sorbische krant Katolski Posol verboden. Sorbische leraren en priesters werden naar andere delen van het Reich gedeporteerd en de Sorbische taal werd uit het educatieve systeem gehaald. De taal bleef alleen nog maar binnen de families gebruikt en werd door sommige katholieke priesters gebruikt om te prediken.

    Definitielijst

    liquideren
    Uitschakelen, uit de weg ruimen.
    nazi
    Afkorting voor een nationaal socialist.
    propaganda
    Vaak misleidende informatie die gebruikt wordt om aanhangers / steun te winnen. Vaak gebruikt om ideele en politieke doelen te verwezenlijken.

    Prominente BDO-leden

    * Franz Lüdtke: Leider (1933)

    * Theodor Oberländer: Leider (1934-1937)

    * Hermann Behrends: Leider (1938-1945)

    Informatie

    Artikel door:
    Kaj Metz
    Geplaatst op:
    11-06-2019
    Laatst gewijzigd:
    17-06-2019
    Feedback?
    Stuur het in!

    Gerelateerde boeken