TracesOfWar heeft jouw hulp nodig! Wij missen foto's van belangrijke bezienswaardigheden in Nederland, België en Duitsland. Stuur uw foto's in naar input@tracesofwar.com en wordt gepubliceerd!

Inleiding

    De Duitse 7. Flieger-Division werd geformeerd in voorbereiding op de Duitse inname van het Sudetenland. Het belangrijkste doel van de formering was het samenbrengen van verschillende bij de Duitse Wehrmacht bestaande parachutisten eenheden. Gedurende de eerste jaren van de Tweede Wereldoorlog zou de 7. Flieger-Division, samen met de 22. (Luftlande) Infanterie-Division deelnemen aan belangrijke operaties en als voorbeeld dienen voor luchtlandingseenheden van diverse andere oorlog voerende naties. Bij de Luftwaffe werd de 7. Flieger-Division de basis voor een hele reeks van later op te richten Fallschirmjäger-Divisionen. De 7. Flieger-Division zelf zou daarbij de basis vormen voor de 1. Fallschirmjäger-Division.


    7. Flieger-Division (vanaf 1940), Fallschirmjäger-Abzeichen en Luftwaffe embleem Bron: Wilco Vermeer collection

    Definitielijst

    Fallschirmjäger
    Duitse parachutisten van de Luftwaffe.
    Infanterie
    Het voetvolk van een leger (infanterist).
    Luftwaffe
    Duitse luchtmacht.

    Het ontstaan

    Op 29 januari 1936 vaardigde Hermann Göring als Reichsminister der Luftfahrt en Oberbefehlshaber der Luftwaffe het bevel uit dat een aantal militairen van het Regiment General Göring op basis van vrijwilligheid dienden te worden opgeleid tot parachutisten. Op de basis te Stendal ontstond op deze wijze de Fallschirmschule Stendal. De belangrijkste opdracht was het trainen op sabotageacties achter de vijandelijke linies[1].

    Op 1 september 1938 werd in Berlijn de Stab 7. Flieger-Division geformeerd[2] onder bevel van Generalmajor Kurt Student. De eerste eenheden die werden toegevoegd waren het I. Bataillon, Fallschirmjäger-Regiment 1, het Fallschirm-Infanterie-Bataillon en de Fallschirmschule. Het I. Bataillon was op 1 april 1934 al opgericht te Stendal met vrijwilligers van het IV. Bataillon, Regiment General Göring van toen de Preusische Landespolizei. In het voorjaar van 1939 kreeg het regiment meer vorm door de opstelling van haar Stab en de omvorming van het Fallschirm-Infanterie-Bataillon tot II. Bataillon en het III. Bataillon dat werd geformeerd uit het Luftlande-Bataillon Hermann Göring.

    Als vliegende eenheden kreeg de divisie de Kampfgruppe z.b.V. 1 en de Kampfgruppe z.b.V. 1 evenals het Lastensegler-Kommando onder haar bevel. In 1938 werden een Luftnachrichten-Kompanie en een Sanitäts-Kompanie ingericht. Na de inval in Polen, werd binnen de 7. Flieger-Division in Hildesheim de Sturm-Abteilung-Koch geformeerd die zich naast parachutespringen specialiseerde in aanvallen met kleine zweefvliegtuigen.

    Definitielijst

    Abteilung
    Maakte meestal deel uit van een Regiment en bestond uit een aantal Kompanien. De Abteilung was de kleinste eenheid die individueel kon opereren en zichzelf kon handhaven. In theorie bestond een Abteilung uit 500 - 1.000 man.
    Bataillon
    Maakte meestal deel uit van een Regiment en bestond meestal uit een aantal Kompanien. In theorie bestond een Bataillon uit 500 - 1.000 man.
    divisie
    Bestond meestal uit tussen de een en vier Regimenten en maakte meestal deel uit van een Korps. In theorie bestond een Divisie uit 10.000 - 20.000 man.
    Fallschirmjäger
    Duitse parachutisten van de Luftwaffe.
    Infanterie
    Het voetvolk van een leger (infanterist).
    Kampfgruppe
    Tijdelijke militaire formatie in het Duitse leger, samengesteld uit verschillende specialismen (pantsereenheden, artillerie, infanterie, anti-tankwapens en soms ook genie) met een speciale opdracht binnen het slagveld. De Kampfgruppen werden meestal genoemd naar de commandant van het verband.
    Kompanie
    Maakte meestal deel uit van een Bataillon of een Abteilung en bestond uit een aantal Züge. In theorie bestond een Kompanie uit 100 - 200 man.
    Luftwaffe
    Duitse luchtmacht.
    Regiment
    Onderdeel van een divisie. Een divisie bestaat uit een aantal regimenten. Bij de landmacht van oudsher de benaming van de grootste organieke eenheid van één wapensoort.

    Eerste operationele inzet

    Als eerste werd de 7. Flieger-Division ingezet tijdens de bezetting van het Sudetenland in het najaar van 1938. Hiertoe werden troepen van het Luftwaffen-Regiment "Hermann Göring" en het Wachbataillon der Luftwaffe (beide als Luftlande-Bataillon General Göring), het Infanterie-Regiment 16 ( van de 22. (Luftlande-) Infanterie-Division) en de SA-Standarte Feldherrnhalle onder bevel van de 7. Flieger-Division gebracht[3]. Als divisie eenheden werden een Luftnachrichten-Kompanie en een Sanitäts-Kompanie opgezet. De eenheid zou worden ingezet bij Freudenthal maar door de ontwikkelingen bleek dit niet meer nodig. Delen van de 7. Flieger-Division werden wel overgevlogen naar het vliegveld van Freudenthal als bezettingsmacht[4].

    Delen van de divisie namen vervolgens in maart 1939 deel aan de bezetting van Tsjechoslowakije waarbij ze werden ingezet op vliegvelden in Praag.

    Tijdens de eerste grote gevechtsoperatie van het Duitse leger, de invasie in Polen, werden delen van de 7. Flieger-Division als Heerestruppen ingezet. Het III. Bataillon, Fallschirmjäger-Regiment 1 kwam in actie bij Wola-Gulowska. Het I. Bataillon, Fallschirmjäger-Regiment 2 werd met Junkers Ju 52/3m transporttoestellen in de omgeving van Deblin-Irena afgezet, het II. Bataillon in Zuidoost Polen, behalve de 5. En 6. Kompanie die op het vliegveld van Deblin werden ingezet[5]. De inzet verliep verder zonder al te veel problemen.

    Vanaf maart 1940 bereidde de 7. Flieger-Division zich voor op inzet in Denemarken en Noorwegen. De 4. Kompanie, Fallschirmjäger-Regiment 1 voerde op 9 april 1940 een luchtlanding uit bij de Storström brug tussen Falster en Seeland en veroverde deze in afwachting van de komst van de Heeres eenheden. Een Zug van dezelfde Kompanie sprong af boven vliegveld Aalborg en bezette deze. De 3. Kompanie werd ingezet op vliegveld Stavanger in Noorwegen en bezette deze tot de komst van de Heerestruppen. De Stab van het I. Bataillon en de 2. Kompanie werden met Junkers Ju 52 transportvliegtuigen ingevlogen naar het vliegveld Oslo-Fornebu en bezetten deze. De 1. Kompanie tot slot werd op 14 april 1940 boven Dombas gedropt om de weg naar Andalsnes te blokkeren tegen daarheen op weg zijnde Britse eenheden. Deze 1. Kompanie was de enige eenheid die zich uiteindelijk moest overgeven en in Noorse krijgsgevangenschap terecht kwam.

    De grootste operatie waar de 7. Flieger-Division echter zou worden ingezet was Fall Gelb. De opdracht die de divisie kreeg was omvangrijk. Met een snelle overvaloperatie diende het Belgische fort Eben-Emael en de bruggen rond het fort te worden ingenomen ten behoeve van de opmars van de 6. Armee. In Nederland diende de divisie de Maasbruggen bij Moerdijk en Rotterdam te veroveren ten behoeve van de opmars van de 18. Armee. Tot slot moesten de Nederlandse vliegvelden rond Den Haag ingenomen worden voor de hieropvolgende landing van de 22. (Luftlande-) Infanterie-Division[6]. De Luftlande-Sturmabteilung gelukte het haar operatie rond Eben-Emael met goed gevolg af te ronden. De operaties in Nederland verliepen echter minder voorspoedig. De bruggen bij Moerdijk konden met zware verliezen worden ingenomen. De Maasbrug in Rotterdam werd echter pas ingenomen toen Nederlandse troepen zich moesten overgeven door de capitulatie. De landingen rond Den Haag liepen echter uit op een totale mislukking waarbij diverse eenheden gevangen werden genomen en als krijgsgevangenen naar Engeland werden afgevoerd en anderen zware strijd in omsingeling moesten voeren tot het Nederlandse leger moest capituleren. De strijd bij de bruggen rond Rotterdam en Moerdijk duurden voort tot de troepen werden ontzet door de komst van de 9. Panzer-Division. Inzetbare onderdelen van het I. Bataillon, Fallschrimjäger-Regiment 1 werden na de strijd in Nederland overgebracht naar Trondheim in Noorwegen om bij Narvik de in zware strijd verwikkelde Duitse troepen te ondersteunen. De strijd hier duurde nog tot 9 juni 1940.


    Fallschirmjäger aan boord van een Junkers JU-52 op weg naar Nederland (DS0025-092) Bron: Collectie Nederlands Instituut voor Militaire Historie

    Definitielijst

    Armee
    Bestond uit meestal tussen de drie en zes Korps en andere ondergeschikte of onafhankelijke eenheden. Een Armee was ondergeschikt aan een Heeresgruppe of Armeegruppe en had in theorie 60.000 - 100.000 man.
    Bataillon
    Maakte meestal deel uit van een Regiment en bestond meestal uit een aantal Kompanien. In theorie bestond een Bataillon uit 500 - 1.000 man.
    capitulatie
    Overeenkomst tussen strijdende partijen met betrekking tot de overgave van een land of leger.
    divisie
    Bestond meestal uit tussen de een en vier Regimenten en maakte meestal deel uit van een Korps. In theorie bestond een Divisie uit 10.000 - 20.000 man.
    Fallschirmjäger
    Duitse parachutisten van de Luftwaffe.
    Infanterie
    Het voetvolk van een leger (infanterist).
    invasie
    Gewapende inval.
    Kompanie
    Maakte meestal deel uit van een Bataillon of een Abteilung en bestond uit een aantal Züge. In theorie bestond een Kompanie uit 100 - 200 man.
    Luftwaffe
    Duitse luchtmacht.
    Regiment
    Onderdeel van een divisie. Een divisie bestaat uit een aantal regimenten. Bij de landmacht van oudsher de benaming van de grootste organieke eenheid van één wapensoort.
    Standarte
    Paramilitaire eenheid, ongeveer ter grootte van een regiment, binnen de Sturmabteilung (SA) en de Schutzstaffel (SS).
    Sturmabteilung
    Semi-militaire afdeling van de NSDAP. Opgericht in 1922 ter beveiliging van bijeenkomsten en leiders van de NSDAP. Hun toenemende macht werd gebroken tijdens de "Nacht van de Lange messen" (29-30 juni 1934).

    Reorganisatie, de Balkan en Kreta

    De strijd in Nederland en Noorwegen had het nodige van de 7. Flieger-Division in personeel opzicht gevergd. Daarnaast waren aanzienlijke hoeveelheden transportvliegtuigen in meer of mindere mate beschadigd. Bij een reorganisatie werd een derde Fallschirmjäger-Regiment opgebouwd en werd de Sturm-Abteilung uitgebreid tot een Luftlande-Sturm-Regiment. In januari 1941 volgde de indeling binnen het nieuw geformeerd XI. Fliegerkorps[7]. Hierdoor raakte de divisie het Fallschirm-Fliegerabwehr-MG-Bataillon, de Fallschirm-Sanitäts-Abteilung, de Luftnachrichten-Abteilung, de Transport-Kompanie en de Aufklärungs- en Lufttransport-Staffeln kwijt. Dit werden allen Korpstruppen. Ook het Luftlande-Regiment, de ondertussen drie, Fallschirmschulen en het Ergänzungs-Regiment werden verzelfstandigd.

    Toen Duitsland de Italianen in de Balkan ging helpen, werd de Stab, 7. Flieger-Division met het Fallschirmjäger-Regiment 2 naar Plovdiv in Bulgarije overgebracht. Op 26 april 1941 werd de eenheid in Korinthe ingezet. Nog tijdens deze inzet kreeg het XI. Fliegerkorps de opdracht zich voor te bereiden op inzet op Kreta.

    Ter voorbereiding op de invasie werd de 7. Flieger-Division overgebracht naar de omgeving van Athene. Voor de inzet op Kreta werd een Kampfgruppe Mitte opgebouwd. Deze kreeg de opdracht op Kreta de stad Chania, de Suda-Bocht en het vliegveld van Rethymnon te veroveren. Het Fallschirmjäger-Regiment 2 vormde de basis voor de Kampfgruppe Mitte. Hiervoor kreeg men versterking van een Artillerie-Batterie, een Flak-Kompanie, een Nachrichten-Kompanie, een Sanitäts-Kompanie en een Pionier-Zug. Het Fallschirmjäger-Regiment 1 werd ingezet bij de Kampfgruppe Ost en kreeg als opdracht de inname van de stad Iraklion en het daarbij gelegen vliegveld.

    Op 20 mei 1941 begon Operatie Merkur, de landing op Kreta. Aanvankelijk verliep de operatie niet voorspoedig. Al direct na de landingen werden grote verliezen geleden. Het was meer dat de Geallieerden besloten dat Kreta een verloren zaak was en dat het hen niet lukte om voldoende versterkingen aan te brengen dat de Fallschirmjäger de overhand wisten te krijgen. Na de strijd bleken de verliezen aanzienlijk, rond 40% was niet meer inzetbaar.

    Definitielijst

    Abteilung
    Maakte meestal deel uit van een Regiment en bestond uit een aantal Kompanien. De Abteilung was de kleinste eenheid die individueel kon opereren en zichzelf kon handhaven. In theorie bestond een Abteilung uit 500 - 1.000 man.
    Artillerie
    Verzamelnaam voor krijgswerktuigen waarmee men projectielen afschiet. De moderne term artillerie duidt in het algemeen geschut aan, waarvan de schootsafstanden en kalibers boven bepaalde grenzen vallen. Met artillerie duidt men ook een legeronderdeel aan dat zich voornamelijk van geschut bedient.
    Bataillon
    Maakte meestal deel uit van een Regiment en bestond meestal uit een aantal Kompanien. In theorie bestond een Bataillon uit 500 - 1.000 man.
    divisie
    Bestond meestal uit tussen de een en vier Regimenten en maakte meestal deel uit van een Korps. In theorie bestond een Divisie uit 10.000 - 20.000 man.
    Fallschirmjäger
    Duitse parachutisten van de Luftwaffe.
    Flak
    Flieger/ Flugzeug Abwehr Kanone. Duits luchtafweergeschut.
    Geallieerden
    Verzamelnaam voor de landen / strijdkrachten die vochten tegen Nazi-Duitsland, Italië en Japan gedurende WO 2.
    invasie
    Gewapende inval.
    Kampfgruppe
    Tijdelijke militaire formatie in het Duitse leger, samengesteld uit verschillende specialismen (pantsereenheden, artillerie, infanterie, anti-tankwapens en soms ook genie) met een speciale opdracht binnen het slagveld. De Kampfgruppen werden meestal genoemd naar de commandant van het verband.
    Kompanie
    Maakte meestal deel uit van een Bataillon of een Abteilung en bestond uit een aantal Züge. In theorie bestond een Kompanie uit 100 - 200 man.
    Operatie Merkur
    Codenaam voor de Duitse verovering van Kreta, van 20 mei tot en met 1 juni 1941.
    Regiment
    Onderdeel van een divisie. Een divisie bestaat uit een aantal regimenten. Bij de landmacht van oudsher de benaming van de grootste organieke eenheid van één wapensoort.

    Oostfront en omvorming

    De gehavende 7. Flieger-Division keerde in Duitsland terug om te worden vernieuwd. Nog tijdens de vernieuwde opbouw werd besloten op 27 september 1941 het Fallschirmjäger-Regiment 1 met zijn I. Bataillon en III. Bataillon naar de Sovjet-Unie te sturen om de strijd bij Leningrad te ondersteunen. Als II. Bataillon werd het II. Bataillon, Luftlande-Sturm-Regiment, versterkt met het Fallschirmjäger-Lehr-Bataillon, meegezonden. Op 29 en 30 september nam men de posities van de 1. Infanterie-Division bij Schlüsselburg over. Op 1 oktober werd het regiment versterkt met de aankomst van het Fallschirmjäger-Regiment 3 welke een deel van de stellingen van het III. Bataillon overnam. Halverwege oktober sloten de overige divisionele eenheden zich bij de troepen in de Sovjet Unie aan en werd in december 1941 de 7. Flieger-Division operationeel onder de 16. Armee gevoegd.

    Tijdens de inzet aan het Oostfront, werd het Fallschirmjäger-Regiment 2, samen met het IV. Bataillon, Luftlande-Sturm-Regiment, onderdelen van de Fallschirm-Panzerjäger-Abteilung 7, een Kompanie van het Fallschirm-Flak-MG-Bataillon en delen van de Fallschirm-Sanitäts-Abteilung 7 bij Mius ingezet los van de 7. Flieger-Division. Het Fallschirmjäger-Regiment 2 werd in maart 1942 naar Wolchow overgeplaatst en keerde in juli 1942 terug naar Duitsland. Na inzet rond Juchnow-Schaikowka, keerden in juni 1942 de Fallschirm-Artillerie-Abteilung 7 en het Luftlande-Sturm-Regiment naar Duitsland terug. In de loop van 1942 waren de verliezen van de 7. Flieger-Division dusdanig groot dat er een vernieuwde opbouw in Duitsland nodig was.

    De Stab kreeg de opdracht aan de opbouw van een Fallschirmjäger-Regiment 4 voor versterking van de divisie te beginnen. Voor de hernieuwde opbouw trok de divisie in haar geheel naar Normandië, Frankrijk. De Fallschirm-Artillerie-Abteilung 7 werd hierbij omgevormd tot een regiment. In september 1942 trok de divisie naar Duitsland om in oktober weer op de trein naar het oostfront te worden gestuurd. Bij het Sovjet Winteroffensief liep de 7. Flieger-Division grote verliezen op. Deze waren dusdanig dat op 30 maart 1943 besloten werd de 7. Flieger-Division naar Duitsland terug te trekken.

    In Duitsland werd de 7. Flieger-Division op 1 mei 1943 omgevormd tot 1. Fallschirmjäger-Division[8].


    Fallschirmjäger verlaten Junkers Ju 52/3m toestellen Bron: Public Domain (Onbekende bron)

    Definitielijst

    Abteilung
    Maakte meestal deel uit van een Regiment en bestond uit een aantal Kompanien. De Abteilung was de kleinste eenheid die individueel kon opereren en zichzelf kon handhaven. In theorie bestond een Abteilung uit 500 - 1.000 man.
    Armee
    Bestond uit meestal tussen de drie en zes Korps en andere ondergeschikte of onafhankelijke eenheden. Een Armee was ondergeschikt aan een Heeresgruppe of Armeegruppe en had in theorie 60.000 - 100.000 man.
    Artillerie
    Verzamelnaam voor krijgswerktuigen waarmee men projectielen afschiet. De moderne term artillerie duidt in het algemeen geschut aan, waarvan de schootsafstanden en kalibers boven bepaalde grenzen vallen. Met artillerie duidt men ook een legeronderdeel aan dat zich voornamelijk van geschut bedient.
    Bataillon
    Maakte meestal deel uit van een Regiment en bestond meestal uit een aantal Kompanien. In theorie bestond een Bataillon uit 500 - 1.000 man.
    divisie
    Bestond meestal uit tussen de een en vier Regimenten en maakte meestal deel uit van een Korps. In theorie bestond een Divisie uit 10.000 - 20.000 man.
    Fallschirmjäger
    Duitse parachutisten van de Luftwaffe.
    Flak
    Flieger/ Flugzeug Abwehr Kanone. Duits luchtafweergeschut.
    Infanterie
    Het voetvolk van een leger (infanterist).
    Kompanie
    Maakte meestal deel uit van een Bataillon of een Abteilung en bestond uit een aantal Züge. In theorie bestond een Kompanie uit 100 - 200 man.
    Regiment
    Onderdeel van een divisie. Een divisie bestaat uit een aantal regimenten. Bij de landmacht van oudsher de benaming van de grootste organieke eenheid van één wapensoort.
    Sovjet-Unie
    Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.

    Organisatiestruktuur

    7. Flieger-Division organisatie en opbouw

    Divisionsstab:


    1 september 1938 - 1 mei 1943
    Kommandeur:

    1. September 1938
    16. Mai 1940
    21. Januar 1941
    20. Mai 1941
    1. Juni 1942
    1. August 1942
    Generalleutnant Kurt Student
    Generalleutnant Richard Putzier
    Generalleutnant Wilhelm Süssmann
    Generalmajor Alfred Sturm
    Generalleutnant Erich Petersen
    Generalleutnant Richard Heidrich
    O1 Adjutant:

    mei 1940
    Oberleutnant Harry Hermann
    1. Generalstabsoffizier, Ia Leiter Führungsabteilung

    1 september 1938 - 15 december 1940
    1 januari 1941
    18 augustus 1942
    28 augustus 1942
    Major im Generalstab Heinrich Trettner
    Major Conrad-Bernhard Graf von Üxküll
    Major Karl Lothar Schulz
    Major Adolf Haering

    Ia op1:

    mei 1940
    Hauptmann Hans Kroh

    Ia op2:

    mei 1940
    Hauptmann Edward Hübner
    2. Generalstabsoffizier, Ib Leiter der Quartiermeisterabteilung:

    mei 1940
    Hauptmann Hans-Joachim Osterroth
    3. Generalstabsoffizier, Ic Feindlageoffizier:

    mei 1940
    Oberleutnant Hans Lampertsdörfer

    Ic AO, Abwehr-Offizier:


    mei 1940
    Major Bock

    Abwehr:


    mei 1940
    Hauptmann Adolf von Feldmann
    IW, Meteorologe:

    mei 1940
    Regierungsrat Dr. Brand
    IIa, Divisionsadjutant:

    mei 1940
    Oberstleutnant Hans von Fichte
    IIb, Vertreter des Divisionsadjutant:

    mei 1940
    Major Ehrlich
    IVa, Divisionsintendant:

    mei 1940
    Amtmann Vitztum
    IVb, Divisionsarzt:

    mei 1940
    Oberfeldarzt Dr. Knebel
    Ib, Waffen und Gerät:

    mei 1940
    Hauptmann B. Käthler
    Ib, Fliegeringenieur:

    mei 1940
    Stabsingenieur Stock
    Nachrichtenführer:

    mei 1940
    Major Otto Schostag

    Organisatie na 7 oktober 1938 (Sudetenland):


    Fallschirmjäger-Regiment 1
    1 juni 1939: Oberst Bruno Bräuer

    Fallschirm-Infanterie-Bataillon
    Major Richard Heidrich

    Luftlande-Bataillon "General Göring"
    Major Otto Adolf Sydow

    Infanterie-Geschütz-Batterie
    Leutnant Bruno Schramm

    Sanitäts-Kompanie
    Major Dieringshofen

    Lastensegler-Kommando
    Leutnant Walter Kiess

    Luftnachrichten-Kompanie
    Leutnant Schleicher

    Fallschirmschule I (Stendal)
    Major Helmut Reinberger

    Kampfgruppe z.b.V. 1
    Hauptmann Friedrich-Wilhelm Morzik

    Kampfgruppe z.b.V. 2
    Hauptmann Friedrich-Wilhelm Morzik

    Organisatie vanaf april 1940 (Noorwegen-Denemarken):

    Fallschirmjäger-Regiment 1
    1 juni 1939: Oberst Bruno Bräuer
    1940: Major Erich Walther (Führer)
    1940: Generalmajor Bruno Bräuer

    Fallschirmjäger-Regiment 2
    21 mei 1940: Major Karl-Lothar Schulz
    21 juni 1940: Generalmajor Alfred Sturm

    Sturm-Abteilung Koch
    2 november 1939: Oberst Walter Koch

    Fallschirm-Maschinengewehr-Bataillon
    1 augustus 1940: Hauptmann Erich Schulz

    Artillerie-Geschütz-Batterie
    Oberleutnant Bruno Schramm

    Panzerabwehr-Kompanie 7
    mei 1940: Hauptmann Hermann Götzel

    Sanitäts-Kompanie
    mei 1940: Oberstabsarzt Dr. Heinrich Neumann

    Transport-Kompanie
    mei 1940: Hauptmann Roloff

    Luftnachrichten-Kompanie
    Oberleutnant Schleicher

    leichte Flak-Batterie 106
    mei 1940: Oberleutnant Erich Timm

    Kradschützenzug
    mei 1940: Leutnant Geyer

    Lufttransportstaffel
    mei 1940: Oberleutnant F. Schäfer

    Aufklärungsstaffel
    mei 1940: Oberleutnant Gerhard Langguth

    Fallschirmschule 1
    1940: Hauptmann Otto Zierach

    Fallschirmschule 2
    1 september 1939: Oberstleutnant von Grazy
    januari 1940: Major Primus
    17 juni 1940: Major Werner Schmidt

    Kampfgeschwader z.b.V. 1
    mei 1940: Oberst Friedrich-Wilhelm Morzik

    Kampfgeschwader z.b.V. 2
    mei 1940: Oberst Gerhard Conrad

    Lastensegler-Kommando


    Organisatie uiteindelijk:

    Fallschirmjäger-Regiment 1
    5 september 1942: Oberst Karl-Lothar Schulz

    Fallschirmjäger-Regiment 2
    21 juni 1940: Generalmajor Alfred Sturm
    oktober 1942: Oberst Hans Kroh

    Fallschirmjäger-Regiment 3
    31 mei 1940: Oberst Richard Heidrich
    1 augustus 1942: Oberst Ludwig Heilmann

    Fallschirmjäger-Regiment 4
    september 1940: Oberst Erich Walther

    Fallschirm-Artillerie-Abteilung
    1940: Major Heinrich Bode

    Fallschirm-Panzerjäger-Abteilung


    Fallschirm-Flak-Abteilung


    Fallschirm-Pionier-Bataillon


    Fallschirm-Maschinengewehr-Bataillon


    Fallschirm-Sanitäts-Kompanie





    Onderscheidingen 7. Flieger-Division

    Noten

    1. 1. Fallschirmjäger-Division, Wikipedia
    2. 7. Flieger-Division, Lexikon der Wehrmacht
    3. Ellis, C, pagina 10
    4. 7. Flieger-Division, Lexikon der Wehrmacht
    5. Ellis, C, pagina 13
    6. Ellis, C, pagina 26
    7. 7. Flieger-Division, Lexikon der Wehrmacht
    8. 1. Fallschirmjäger-Division, Lexikon der Wehrmacht

    Definitielijst

    Abteilung
    Maakte meestal deel uit van een Regiment en bestond uit een aantal Kompanien. De Abteilung was de kleinste eenheid die individueel kon opereren en zichzelf kon handhaven. In theorie bestond een Abteilung uit 500 - 1.000 man.
    Artillerie
    Verzamelnaam voor krijgswerktuigen waarmee men projectielen afschiet. De moderne term artillerie duidt in het algemeen geschut aan, waarvan de schootsafstanden en kalibers boven bepaalde grenzen vallen. Met artillerie duidt men ook een legeronderdeel aan dat zich voornamelijk van geschut bedient.
    Bataillon
    Maakte meestal deel uit van een Regiment en bestond meestal uit een aantal Kompanien. In theorie bestond een Bataillon uit 500 - 1.000 man.
    Fallschirmjäger
    Duitse parachutisten van de Luftwaffe.
    Flak
    Flieger/ Flugzeug Abwehr Kanone. Duits luchtafweergeschut.
    Führer
    Duits woord voor leider. Hitler was gedurende zijn machtsperiode de führer van nazi-Duitsland.
    Infanterie
    Het voetvolk van een leger (infanterist).
    Kampfgruppe
    Tijdelijke militaire formatie in het Duitse leger, samengesteld uit verschillende specialismen (pantsereenheden, artillerie, infanterie, anti-tankwapens en soms ook genie) met een speciale opdracht binnen het slagveld. De Kampfgruppen werden meestal genoemd naar de commandant van het verband.
    Kompanie
    Maakte meestal deel uit van een Bataillon of een Abteilung en bestond uit een aantal Züge. In theorie bestond een Kompanie uit 100 - 200 man.
    Luftwaffe
    Duitse luchtmacht.
    Regiment
    Onderdeel van een divisie. Een divisie bestaat uit een aantal regimenten. Bij de landmacht van oudsher de benaming van de grootste organieke eenheid van één wapensoort.