Getuigenverslag gebeurtenis Volendam

In maart 1976 stond in het plaatselijke krantje de NiVo allerlei getuigenverslagen over de Tweede Wereldoorlog. Helaas ontbreekt bij onderstaande dit getuigenverslag een naam.

Smokkelscheepje
Eens kregen we een seintje dat er een smokkelscheepje onderweg was naar Volendam. Die nacht werden we met 8 man naar de Haven gestuurd. En werkelijk… daar kwam het aan. De touwen werden vastgemaakt en toen dat klaar was kon ons werk beginnen.

We zouden met twee man naar het scheepje gaan om de zaak te verkennen, toen we, O wat een schrik, plotseling omringd waren door naar schatting 25 Duitsers met geweren op hun rug. Op de fiets maakten zij een patrouille-tocht.

Alsof hij zó uit de lucht was komen vallen stond ineens agent Buise (in Volendam De Teerpus genoemd) tussen ons en de Duitsers in. Hij commandeerde “Weg jullie!” Dit hoefde hij geen tweede keer te zeggen, want we waren al weg. En omdat het aarde-donker was, waren we gauw uit het zicht. De “Teerpus” begon in vloeiend Duits met de soldaten te praten, steeds wijzend op het scheepje. Hij heeft ze waarschijnlijk een mooi verhaal op de mouw gespeld, of ze wisten een moment niet wat ze er aan hadden. Want ze lieten ons zomaar gaan. Acht jonge kerels met revolvers, dat was toch een kolfje naar hun hand zou je denken. Maar wij waren erg dankbaar door deze onverwachte tussenkomst van deze agent. Want wat hadden wij moeten beginnen tegen deze groep goed getrainde soldaten? Niet natuurlijk.

We hadden bovendien opdracht om alleen in uiterste nood te schieten, vanwege het grote gevaar van represailles. De politieman had ons op dit moment gered.

Maar waar waren alle andere jongens? We waren allemaal een verschillende richting heen gevlucht. Als het om je leven gaat kun je zo hard lopen, dat menig atleet jaloers op je zou zijn. Overal hadden we ons verstopt. De één stond stijf tegen een muur aan gedrukt, en doordat alles verduisterd was konden ze hem niet zien. Een paar anderen zochten een plekje onderaan de dijk. Maar we wisten van elkaar niet waar we zaten. Een vrouw die blijkbaar wat gerucht had gehoord dacht aan inbrekers en met haar hoofd door het raampje van de deur riep ze “dieven.... help, help. Dieven! Maak dat je wegkomt!” De gevluchte KP-ers hielden zich maar heel rustig want het was te riskant om de vrouwe de ware rede van hun bezoek te vertellen. Ze wisten namelijk niet of er nog meer Duitsers gekomen waren, en of Volendam soms bezet werd om het helemaal uit te kammen. Wel waren ze bang dat de Duitsers op het geschreeuw van de vrouw zouden af komen. Maar gelukkig bleef alles rustig!
Toen begonnen ze toch allemaal aanstalten te maken om na deze mislukte opdracht naar huis terug te gaan.

Met z’n vieren zaten we al thuis vol spanning te wachten op de andere vier van de ploeg. Dit duurde wel twee uur. Toen werden we zo ongerust, dat we naar buiten gingen om onze makkers te zoeken.
Juist toen we op zoek waren gegaan, moeten zij bij ons huis zijn aangekomen. Ze hebben toen voor de ramen geluisterd, maar ze hoorden helemaal niets. Ze durfden niet naar binnen te gaan, uit vrees om moeder de vrouw nodeloos ongerust te maken. Zo liepen we die nacht met z’n allen achter elkaar aan om elkaar te zoeken. In de diepe duisternis kwam hier geen einde aan omdat je elkaar steeds mis liep. Gelukkig kwam ook dit avontuur weer tot een goed einde, en toen het in het oosten alweer begon te gloren, zaten we eindelijk met z’n allen weer behouden thuis. Deze keer hadden we de redding zonder meer te danken aan het kordate optreden van de politieagent. Alle hulde aan zulk een agent!

Met dank aan Nick Doevendans en Henk Visser (drukkerij NiVo)

Gebruikte bron(nen)