TracesOfWar heeft jouw hulp nodig! Wij missen foto's van belangrijke bezienswaardigheden in Nederland, België, Frankrijk en Duitsland. Stuur uw foto's in naar input@tracesofwar.com en wordt gepubliceerd!

Ontsnapt uit het Apeldoornsche Bosch

Titel:Ontsnapt uit het Apeldoornsche Bosch - De joods psychiatrische inrichting die in 1943 door de nazi's werd ontruimd
Schrijver:Ásser, E.
Uitgever:Amphora Books
Uitgebracht:2021
Pagina's:230
ISBN:9789064461521
Omschrijving:

Veel geluk gehad – dat is nogal een understatement als het gaat om de vele keren dat Eli Asser op het nippertje door de handen van de Duitsers glipt. Dat zijn kinderen besloten zijn verhalen daarover te boekstaven is voor de lezer zeker een geluk.

Eli Asser is net klaar met zijn gymnasiumopleiding aan het Barlaeus in Amsterdam. Filosofie was zijn lievelingsvak. Zijn vader is standwerker, verkoper van bretels op diverse plaatsen in het land, maar vanwege zijn gezondheid al enkele jaren niet meer in staat te werken en heeft kromgelegen om Eli een opleiding te kunnen geven. Dat redt Eli dan ook, op een andere manier dan zijn vader ooit zal hebben gedacht, het leven. Op een dag wordt Eli al dromend over zijn vriendin Eva van straat geplukt en verdacht van deelname aan een communistische samenzwering. Eli weet werkelijk van niets. Tijdens het verhoor komt het gesprek op filosofie. Zijn Duitse verhoorder wil voor de grap wel eens weten wat zo’n ‘Joodse snotneus’ van net achttien jaar te vertellen zou kunnen hebben daarover. Eli ratelt over klassieke filosofen, eerst zenuwachtig maar steeds kalmer, minuten, kwartieren en uiteindelijk uren verder – totdat hij in de zeventiende eeuw bij de Joodse denker Baruch de Spinoza belandt en diens kwaliteiten roemt. Zijn SS-verhoorder brult hem toe te zwijgen – maar schopt hem wel de volgende morgen de gevangenis uit, de vrijheid in. Het lijkt een ongelooflijk verhaal, maar het is slechts het voorspel van het hoofddeel van het boek, over Assers ervaringen in het Apeldoornsche Bosch. Na nog enkele spannende gebeurtenissen en nadat zijn vader, moeder en zusje zijn opgepakt besluit Asser namelijk het advies van een vriend te volgen. Deze is al eerder aangenomen in het Apeldoornsche Bosch, een joodse psychiatrische instelling in Apeldoorn. Daar worden dringend verplegers gezocht vanwege het gedwongen ontslag van niet-Joodse verplegers. Werknemers krijgen een Sperre, dus de verzorging van de psychiatrische patiënten lijkt één van de veiligste bezigheden voor Joodse jongens.

In het boek is de overgang van de Amsterdamse periode (met nog meer wonderlijke ontkomingen aan de Duitsers) naar de Apeldoornse tijd groot. Dat komt vooral doordat het opeens gaat over Matthieu en Judith, de alter ego’s van Eli en Eva. Asser schreef over de gebeurtenissen in het Apeldoornsche Bosch in derde persoon en in romanvorm, omdat het anders te dichtbij kwam voor hem. Schrijven kón Eli wel, waardoor de abrupte overgang snel vergeten is. Hij beschrijft het laatste etmaal van verpleger Matthieu en zijn vriendin, schoonmaakster Judith, in het Apeldoornsche gesticht. Even daarvoor hebben ze gehoord dat de volgende dag alle patiënten op transport naar Polen moeten. De Joodse Ordedienst uit Westerbork is al gearriveerd en de spanning is om te snijden. Matthieu heeft zich opgeofferd om in deze laatste hectische uren te zorgen voor een schizofrene patiënt, Aaron van Rapenburg. Bij de anderen in het gesticht is Aron bekend als acteur, maar tijdens de eerste ontmoeting met Matthieu herkende Aaron in hem de zoon van zijn medestandwerker Simon. Aaron beseft, in vlagen van waanzin en helderheid, terdege wat er te gebeuren staat en wil niet mee naar Polen. Matthieus taak is hem te weerhouden zijn vers gehechte buikwond – er wordt niets over verteld, maar waarschijnlijk een eerdere poging om het transport te voorkomen – open te scheuren. Aaron ligt vastgebonden in bed, in de toneelzaal. Daar is de avond ervoor een geweldige, door Matthieu bedachte voorstelling gegeven. Matthieu probeert zijn dienst bij Aaron te gebruiken om terug te kijken, nog wat te schrijven in zijn dagboek, maar Aaron laat hem geen gelegenheid daarvoor. Eerst frustreert dat Matthieu, maar dan ziet hij dat zijn taak is niet is terug te kijken maar voor Aaron te zorgen en de tijd door te komen. Zijn dagboek scheurt hij aan flarden.

De jonge Joodse verplegers, zoals Matthieu en zijn vriend Barend, hebben geen enkele ervaring met het omgaan met psychiatrische patiënten – en maken dus grote fouten. Asser maakt het niet mooier dan het is, noemt de patiënten bijvoorbeeld ‘gekken’. Juist dat eerlijke, rauwe en tegelijk de band die Matthieu ondanks al zijn ergernis voor Aaron voelt, maakt dat het verhaal binnenkomt. Als lezer voel je de stress en de wanhoop, omdat er nog zo weinig tijd is en geen uitweg. Aaron treitert de jongens ook, door precies hun zwakke plekken en de pijnlijke dingen te benoemen – die hij juist door al zijn wazigheid heen extra scherp ziet. Zo heeft Judith valse paspoorten, maar Matthieu wil eigenlijk niet Barend in de steek laten. Barend voelt zich inderdaad verraden door de geheimhouding van Matthieu hierover. Zelf krijgt Barend door de contacten van zijn vader een vrijgeleide aangeboden voor zichzelf en zijn vriendin Rosa, maar wil die niet aannemen. Hij pleegt uiteindelijk buiten zelfmoord. Als Matthieu dit bericht hoort en gaat kijken, neemt ook Aaron de gelegenheid te baat om een einde aan zijn leven te maken. Daarmee bindt Matthieu en Judith niets meer aan het Apeldoornsche Bos en gebruiken zij hun valse paspoorten. Mathieu alias Eli heet nu Gustaaf Roderick Eimerson en ontsnapt, via een tocht door een greppel en een donker bos, aan het transport naar Polen.

Over de ontsnapping zelf lees je, ondanks de belofte daarvan in de titel, vrijwel niets meer dan dit. Was het toch vrij eenvoudig, of had Eli weer geluk, was het lot hem weer welgezind? Eli zal dat zelf niet zo snel zó zeggen. Dat hij niet in een hogere macht gelooft is alleen al door het regelmatig erg grove taalgebruik wel duidelijk. Eli en Judith overleven samen de oorlog en worden samen oud, al blijft de oorlog hen tot het laatst bezighouden. Daarover getuigt het verhaal van de nieuwe paspoorten van Eli en Judith, dat aan het einde van het boek is opgenomen.

Of het nu om de korte anekdotes voor of na het verhaal over Apeldoorn gaat, alle fragmenten boeien. Het is daarom te meer jammer dat er niet een iets steviger redactie gevoerd is. Nu blijft het de vraag wat de feiten zijn over Eli Assers ontsnapping en wat door hem bedacht is om het romanverhaal te kunnen componeren. Dat neemt niet weg dat dit een verhaal is waar de oorlog je als lezer in de nek gaat zitten en daarmee is ‘Ontsnapt uit het Apeldoornsche Bosch’ het lezen zeker waard.

Beoordeling: Goed

Informatie

Artikel door:
Betsy Biemond-Boer
Geplaatst op:
14-11-2021
Feedback?
Stuur het in!

Afbeeldingen