Dwangarbeiders bouwden locomotieven in het Duitse Wildau tijdens WO2

Aan de oorlogsgeschiedschrijving komt geen einde. Onlangs is daaraan weer een bijzonder boekwerk toegevoegd. "Barak 88, Dwangarbeid tijdens de Tweede Wereldoorlog in het Duitse Wildau".

Wout den Breems, voorzitter van de Historische Vereniging Vlaardingen, schreef het boek over het leven van de dwangarbeiders in de locomotievenfabriek Schwartzkopff in Wildau ten ZO van Berlijn. Onder de circa 275 Nederlanders bevonden zich circa 45 Vlaardingse mannen en jongens, waaronder zijn vader Jo den Breems. Hij was er kok in het Hollandlager.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog moesten Nederlandse mannen zich melden voor de Arbeitseinsatz. Via het Gewestelijk Arbeidsbureau in Vlaardingen werden mannen en jongens uit de regio tewerkgesteld over geheel Nazi-Duitsland. Verschillenden kwamen zo in Berlijn-Wildau terecht. Ondanks het zware werk en lange dagen geeft het boek over het algemeen een redelijk beeld van het leven in de Arbeitslagers.

Echter, in het laatste oorlogsjaar was het geen pretje meer. Er was steeds minder werk in Wildau voor de circa 10.000 dwangarbeiders en krijgsgevangen uit geheel Europa. Ook het voedsel werd steeds schaarser en moest men leven van watersoep, brandnetelsoep en een boterham per dag. "Te weinig om van te leven en te veel om dood te gaan " vertelde een van de geÔnterviewde.

In het boek zijn meerdere herinneringen opgenomen van oud arbeiders en laat een uitgebreid reisverslag zien hoe de terugreis in april en mei 1945 is verlopen. Een groot deel van de reis werd te voet afgelegd. In "Barak 88" zijn veel foto's opgenomen van groepen mannen die veelal poseerden bij het Hollandlager op de berg, het z.g. "Bovenlager".

Het boek is uitgegeven door de Historische Vereniging Vlaardingen. Verkrijgbaar via de boekhandel en Hist. Ver. Vlaardingen. ISBN/EAN: 978-90-75938-81-4. 64 pag. A4 formaat. Prijs ? 15,99 excl. verzenden.

Gebruikte bron(nen)