TracesOfWar heeft uw hulp nodig! Elke euro die u bijdraagt steunt enorm in het voortbestaan van deze website. Ga naar stiwot.nl en doneer!

"Drie kwartier een gewoon miske!! Dat zijn we hier niet gewoon."

Oorlogsdagboeken. Het blijven één van de primaire bronnen die je in een onderzoek kunt gebruiken. Opgeschreven op het moment dat ze plaatsvonden, met de gebruikelijk ‘fog of war’ die gebeurtenissen niet helemaal kunnen duiden. Er zijn er velen, vele zijn al gepubliceerd of beschikbaar in archieven. Maar niet allemaal. Dit is het verhaal van een herontdekking en het daaropvolgende onderzoek.

De Sint Michaëlkerk in Beek en Donk.

Een aantal weken geleden kreeg ik een mailtje van de Heemkundekring Helmont, of ik interesse had in een dagboek uit Beek en Donk. Nu richt mijn onderzoek zich eigenlijk alleen op Helmond, maar een oorlogsdagboek laten we niet liggen. Het bleek een kopie te zijn van een uitgetikte versie van het origineel. Helaas, liever gaan we uit van de echte bron, maar die is niet (meer) beschikbaar. 

Een mailtje naar de Heemkundekring in Beek en Donk leerde me dat ze daar wel bekend waren met het dagboek. Het is ook gebruikt in publicaties, maar ze hadden er zelf geen kopie meer van en het was ook nog niet integraal gepubliceerd geweest. 

De volgende stap was het vinden van de familie van de schrijver. Als je die kan vinden is het belangrijk dat zij geen bezwaar hebben op publicatie. Swinkels was de naam, een niet geheel onbekende naam in de regio. Voorletters waren wat onduidelijk. Meer dan dat had ik niet. Wel schreef hij over zijn omgekomen zoon en via die weg wisten we de naam te achterhalen. Gelukkig de familie ook, die hadden het dagboekje ook al een tijd niet meer gezien en hadden geen enkel bezwaar tegen eventuele publicatie op onze website.

Dan begint het werk pas echt. Eerst het dagboek overtikken en daarna via voetnoten zorgen voor een beetje duiding aan het verhaal. Wat is de historische context achter bepaalde gebeurtenissen? Waren ze echt gebeurd? Of bleken ze later niet correct?

Dit dagboek was niet erg lang, negen pagina's, van mei 1940 tot november 1949. Gedetailleerd is het ook niet, er vallen soms gaten van maanden. Niet alles heeft perse te maken met de oorlog. De schrijver was organist van de Sint Michaëlkerk in Beek en Donk. Veel gaat dan ook over de kerk, het mannenkoor of de jaarlijkse Sint Cecilia-feesten, niet vreemd voor een organist.

Toch is ook dit dagboek belangrijk. Dolle Dinsdag wordt goed beschreven, inclusief de al eerder genoemde 'fog of war'. Op 5 september schrijft hij dat Breda is ingenomen, om daarna te corrigeren: “Het bericht dat generaal Dempsey al in Breda was en dat de geallieerden op Rotterdam aanrukten is vals geweest. ” Breda werd uiteindelijk op 29 oktober bevrijd. Het behandelt verder de inval in mei 1940, de voedseltekorten en de klokkenroof. Vooral dit laatste trok mijn interesse. Hij schreef: “Op het koor in de grote stenen boog zijn ongeveer in het midden daarvan twee stenen door de stalen kabels, waarmee de klokken omlaag gelaten werden, ieder door twee diepe sleuven uitgeschuurd.”

De zin uit de titel van dit artikel slaat op de kapelaanswisseling in 1949. Blijkbaar was de nieuwe kapelaan een stuk langer van stof dan zijn voorganger. Gek genoeg hield deze nieuwe kapelaan het ook maar een jaar uit, voordat hij werd overgeplaatst naar Uden.

Een mailtje naar het parochiebestuur leverde in eerste instantie een ontkenning op. Klokken werden met touwen bediend en van sleuven in de stenen wisten ze daar niks af. Gelukkig gaf ook de kerk niet op, want een dag later hadden ze in een boekje over de kerk gevonden dat aangaf: “In 1943 werd door de Duitse bezettingsmacht de klokken uit de toren weggehaald, waarvan de sporen van de schurende touwen bij het neerhalen nog in de boog boven het koor zichtbaar zijn.” Nu gaat het hier over touwen en in 1943, waar Swinkels schreef over stalen kabels en 1942. Het lijkt dus dat een andere bron een soortgelijk verhaal bevestigd.

Er zat dan ook niks anders op dan een afspraak te maken om zelf te gaan kijken. Het koor van de kerk zit boven de ingang, onder de toren, maar is uiteraard niet standaard geopend. Dankzij de medewerking van de parochie kon ik al snel terecht.

Stiekem had ik gehoopt dat er enorme sleuven te zien zouden zijn, maar ja, dan had de parochie het ook wel geweten. Het bleken vier kleine sleufjes te zijn in de boog boven het koor. Als je weet waarvan ze zijn is het overduidelijk. Als je de klokken via het gat in de toren zelf naar beneden wil laten en over het balkon van het koor naar de grond wil krijgen, dan is het zeer verklaarbaar dat dat deze sleuven achter laat. Was het staal of touw? Ik zou haast zeggen staal, ik vermoed dat een touw niet zulke duidelijke sleuven zou achterlaten, maar daarvoor zou je de hardheid van de stenen moeten gaan testen en dat heb ik maar niet geprobeerd...

De sleuven boven het koor.

Er volgde dan de vraag of er een verdieping hoger ook nog wat te zien was. Helaas was dat niet het geval. Wel is het nog onduidelijk wat er precies met de klokken is gebeurd. Swinkels geeft aan dat de kleinste van de twee op 29 juli 1943 weer is teruggehangen. Beide klokken die er nu hangen zijn echter in 1955 gegoten. Het Museum Klok & Peel kwam met de theorie dat er vermoedelijk een kleinere alarmklok is teruggehangen tijdens de oorlog. Dit gebeurde in meer kerken, zodat ze in ieder geval nog in geval van nood konden luiden.

Ik kreeg ook de gelegenheid om via de gewelven boven het schip naar de toren bij het altaar te lopen. Dat had dan weer niks met het onderzoek te maken, maar als je de kans krijgt om daar door zo'n mooie kerk te struinen moet je het zeker niet laten.

Uiteraard hoop ik nog dat er families zijn die oude dagboeken, documenten of foto's op zolder hebben liggen. Ze lijken misschien niet interessant, maar kunnen kleine sporen van de oorlog geven en helpen duiden. Mail ons, en wij zorgen er voor dat het gepubliceerd wordt en niet ligt te verstoffen in een archief.

De gewelven van de kerk.

Een van de nieuwe klokken uit 1955.

Gebruikte bron(nen)