105 mm Gun Motor Carriage (GMC) T95

    Inleiding

    Tijdens de Tweede Wereldoorlog produceerden fabrieken in de Verenigde Staten tanks en tankjagers. De Amerikaanse tankjagerdoctrine legde nadruk op het gebruik van verouderde rompen van tanks. Tankjagers als de M10 Wolverine en M36 Jackson hadden koepels in tegenstelling tot Duitse tankjagers als Jagdpanzer 38(t) Hetzer en Jagdpanzer IV. Gebruik van bestaande tankonderstellen had één groot voordeel: de productie van tankjagers was goedkoop. Niet alle Amerikaanse tankjagers hadden koepels. In september 1943 werd door het Ordnance Department, de legerorganisatie verantwoordelijk voor militaire logistiek, de constructie van een zwaar gepantserd voertuig voorgesteld. Dit voertuig zou de naam T-28 krijgen. De T28 kon bunkers en vijandelijke posities aanvallen. Het moest een tank worden die nagenoeg onkwetsbaar was voor vijandelijk geschut. De Duitse Siegfriedlinie was een mogelijk doelwit voor de T28. Vanwege de dreiging van Duitse tanks zoals Tiger, Tiger II en de zware tankjager Jagdtiger, kreeg het T28 project een grote impuls.

    Het voertuig zou gebaseerd worden op het onderstel van de T23 middelzware tank. Een nieuw ontworpen 105mm T5E1 kanon vormde de bewapening. Dat kanon had een hoge mondingssnelheid. In april 1944 werd toestemming gegeven voor ontwikkeling van de T95. Bij de ontwikkeling van het voertuig zou geen elektrische transmissie gebruikt worden, zoals dat bij de T23 middelzware tank wel het geval was. De T28 werd mechanisch aangedreven. Er werden vijf ‘pilot models’ (testmodellen) besteld bij het Amerikaanse voertuigbedrijf Pacific Car & Foundry. In maart 1945 werd de naam veranderd in ‘T95 GMC’. GMC staat voor ‘Gun Motor Carriage’ dat verwijst naar de montage van een kanon in de romp van een tank. Het voertuig kon dienen als ‘rijdende bunker’ en tankjager. Uiteindelijk werden slechts twee stuks gebouwd omdat de Tweede Wereldoorlog toen al nagenoeg ten einde was. In september 1945 was het eerste model klaar. De eerste testritten begonnen pas na de oorlog. Het tweede T95 model vloog in brand tijdens de testtrajecten. In oktober 1947 eindigden alle projectactiviteiten.

    Techniek en kenmerken

    De T28/T95 was het zwaarste Amerikaanse gepantserde voertuig uit de oorlog. Maximale staalbeplating bedroeg 305mm. Die beplating was aan de voorkant van het voertuig aanwezig. Het pantser zorgde ervoor dat de voorkant van het voertuig nagenoeg ondoordringbaar was voor Duitse granaten. De zijkant was voorzien van 152mm staal en de achterkant van 50 tot 51mm staal. Het voertuig viel in de klasse van superzware voertuigen, dat wil zeggen voertuigen met een gewicht van zeventig ton of meer. Qua vormgeving leek het voertuig op de Britse Tortoise. De romp van het voertuig was uit één stuk metaal vervaardigd. Op het dak van het voertuig was plaats voor een .50 (12.7mm) machinegeweer in een cilindervormige geschuttoren. Het 105mm kanon had een beperkte draaicirkel. Om op bewegende doelen te schieten die zich buiten de vuurlinie van het kanon bevonden moest het hele voertuig gedraaid worden.

    Het voertuig was niet alleen een zeer opvallend ontwerp, het had dubbele rupsbanden. Dubbele rupsbanden om het gewicht gelijkmatig over het grondoppervlak te verdelen. Desondanks was de T95 een erg langzaam voertuig. Het voertuig kon slechts 13 km/u bereiken op de weg. Dat kwam door het gewicht van 86 ton en de relatief zwakke motor. De Ford GAF V-8 van 500 pk was te zwak om de T95 voort te stuwen. Het is zeer waarschijnlijk dat de T95 geen groot succes zou zijn geweest indien het voertuig al in 1944 aan het front ingezet was. Te langzaam, duur in onderhoud (het had een enorm brandstofverbruik) en kwetsbaar voor luchtaanvallen. Het was een trage ‘bunker' op rupsbanden. Het zou in elk geval wel elke Duitse tank kunnen vernietigen. Inclusief Panzerkampfwagen VI Ausf. B Tiger II (Königstiger).

    In 1974 werd de laatste T95 gevonden in de buurt van het militair terrein Belvoir te Virginia. Tegenwoordig kan men het voertuig bewonderen in het General George Patton Museum, gelegen bij de Amerikaanse legerpost Fort Knox in de staat Kentucky.

    Technische gegevens:

    Model: T28 later T95 GMC oftewel 105mm Gun Motor Carriage T95
    Gewicht: Plusminus 86000 kg (86200 kg)
    Bemanning: 4 man
    Motor: Ford GAF V-8 benzine 500 pk
    Snelheid:13 km/u maximaal op de weg
    Bereik:160 km
    Afmetingen: Lengte: 11.10 meter, hoogte: 2.84 meter, breedte: 4.39 meter
    Bewapening: 1 x 105mm T5E1 kanon, 1 x .50 (12.7mm) mg
    Munitie: 105mm T5E1 (62 granaten), .50 (660 kogels)
    Bepantsering: Voorkant - 305mm, zijkant - 152mm, achterkant - 50 tot 51mm

    Definitielijst

    kanon
    ook bekend als Kanone (Du) en Gun (En). Wordt vaak gebruikt om allerlei geschut aan te duiden. Eigenlijk slaat de term op vlakbaan geschut. Wordt gekenmerkt door een langere loop en grotere dracht.

    Afbeeldingen

    De enige overgebleven T95/T28 tank bij het Patton Museum, Fort Knox, Kentucky. Bron: Randen Pederson / Flickr.
    Een T95/T28 tank tijdens de Tweede Wereldoorlog.
    Achteraanzicht van de T95/T28 tank bij het Patton Museum. Bron: Wikimedia Commons.
    Vereenvoudigde tekening van de T95/T28 tank.
    Filmopname van een testrit met de de T95/T28 tank. Bron: YouTube.

    Informatie

    Artikel door:
    Ruben Krutzen
    Geplaatst op:
    13-07-2013
    Laatst gewijzigd:
    19-08-2017
    Feedback?
    Stuur het in!

    Gerelateerde bezienswaardigheden