Op zoek naar een boerderij in Volkel

Bij het uitwerken van interviews met ooggetuigen van de oorlog wil je zoveel mogelijk informatie kunnen controleren. Geheugens willen nog wel eens vervagen. Momenteel ben ik bezig met de herinneringen van iemand uit Helmond wiens toekomstige zwager in 1939 werd gemobiliseerd. Hij schrijft daarover: “Op een zondag zei mijn zus, die 11 jaar ouder was dan ik: 'Ga je mee naar Volkel, want daar is mijn vriend ingekwartierd.' We gingen met de fiets; ik achterop en na een kleine twee uurtjes trappen, kwamen we aan bij een grote boerderij. Op de hooischelf lagen daar, althans 's-nachts, een 30-tal soldaten. Licht geschut was aanwezig. Iedereen had een geweer en vijf kogels. Er was ook een rijdende keuken, getrokken door paarden.”

Uiteraard was de vraag mijnerzijds waar deze boerderij dan stond. Helaas was dat niet meer duidelijk. Na onderzoek bleek zijn zwager gediend te hebben bij het 2e Regiment Infanterie. Eenheden hiervan zaten inderdaad in Volkel. Uit een verslag van Karel Droog en Huub de Kok kwam het volgende naar voren:

“Om 10 uur [2 september 1939] komen we in Volkel aan. Hub de Kok met zijn motor staat ons al in het dorp op te wachten. “Hé, Karel! kom gauw. Een schitterend kwartier”. We deponeren onze fietsen bij een oude molen, als kwartier ingericht.” Huub schrijft daarna verder: “Na twee dagen op een verkeerde plaats te hebben gelegen moest ons hele regiment ongeveer twee kilometer opschuiven in noordelijke richting. In afwachting van een nieuw barakkenkamp, werden we aan de buitenkant van Volkel ondergebracht in boerderijen, schuren, kippenhokken en ijlings gevorderde danstenten. […] We kregen de gave, soliede zolder ter beschikking van de vrij nieuwe boerderij van Pietje van Duinhoven. De boerderij lag in een kleine buurtschap van een stuk of acht oude en zeer oude boerenhoeven. Ze lagen schilderachtig gegroepeerd om een driehoekig veldje met bomen.”



Uiteraard is niet zeker dat de genoemde zwager bij deze Huub de Kok zat ingedeeld. Maar het was in ieder geval een uitgangspunt. Het plan was om op zoek te gaan naar het driehoekig veldje in de hoop een stel oude boerderijen aan te treffen die dan eventueel weer herkend konden worden door degene achter het verhaal. Al kijkend op de kaart aan de noordkant van Volkel kwam ik al snel in het buurtschap Lankes terecht. Helaas was Google Streetview hier nog nooit geweest dus moest ik ouderwets 'het veld in' om ter plekke te kijken.

In het verslag van Huub de Kok wordt aangegeven dat er onder het raam van de boerderij een kastanjeboom stond. Gelukkig stond er ook een foto bij van de desbetreffende boerderij. Als deze nog in Lankes zou staan zou het niet al te moeilijk moeten zijn deze te vinden...

Dat had ik gedacht... Aldaar rondgelopen bleken er geen boerderijen te staan met, wat ik later die dag zou leren, een Franse kap. Navraag in de buurt leverde ook weinig op. Al lopende op deze koude zaterdagochtend in februari zag ik er blijkbaar nogal hopeloos uit. Al snel stopte een auto met de vraag of ik een lift wilde naar het dorp. Dat hoefde nu ook weer niet... Uiteraard vroeg ik of de beste man bekend was in de buurt en misschien wist waar ik de boerderij van de foto kon vinden.

De vraag kwam al snel waarom ik daarnaar op zoek was. Nadat ik het verhaal uitgelegd had, bleek ik op Harry van den Bergh van het Veteranen Café in Uden gestuit te zijn. Of zoals hij het zelf noemde: “een gelijkgestemde idioot”. Van hem leerde ik ook de Franse kap kennen, die daar niet te vinden was. Veel oude boerderijen waren er niet meer helaas. We zijn samen de auto ingestapt en half Volkel doorgereden. Geen één boerderij leek op de foto en we kwamen al snel tot de conclusie dat de boerderij ondertussen wel gesloopt zou zijn.

Terwijl we weer eens door de Antoniusstraat rijden valt ons ook op een klein huisje met een Franse kap. Het heeft dezelfde raampartijen en dezelfde details in het metselwerk. Het is alleen geen boerderij en staat niet in de buurt van een veldje maar midden in het dorp. Het lijkt het huis op de foto te zijn... al lijken de posities van de boven- en onderramen ten opzichte van elkaar niet helemaal te kloppen. De buurman van het huis weet wel te bevestigen dat het vroeger een smederij was en dat het in 1938 gebouwd is. Het zou kunnen.



Ondertussen rijden we door Volkel en omgeving. Langs de vliegbasis en de diverse bunkers. Langs de camouflage-unit op het Duitse lijntje en naar de Aspergeversperring in Mill en naar het monument voor het 2e Regiment Infanterie in Odiliapeel. Eenmaal bij Harry van den Bergh thuis gekomen zoeken we nog even door de boeken over Volkel in de oorlog. Er wordt wat gebeld en al snel is de boerderij van Pietje van Duinhoven gevonden. Niet in Lankes maar in Oosterens, daar, nog steeds aan de Antoniusstraat, zou de boerderij gestaan moeten hebben. Al is deze al jaren geleden gesloopt.

In één van de boeken over Volkel vinden we nog het volgende: “In sommige boerderijen waren wel 30 soldaten ingekwartierd, zoals op Oosterens, Lagenheuvel, Heikant, Schadron, Lankes enz. en eveneens in het nabij gelegen Missiehuis en Retraitehuis te Uden. Het waren 2500 à 3000 militairen die gehuisvest moesten worden.”

Dit geeft wel aan dat het hele dorp vol soldaten zat en dat ze eigenlijk overal ingekwartierd waren. De specifieke locatie van de zwager uit ons verhaal zal dan ook niet meer te achterhalen zijn. De boerderij van Pietje van Duinhoven uit het verhaal van Huub de Kok is namelijk niet te koppelen aan deze zwager.

Helaas zijn nooit alle vertelde verhalen te controleren of te herleiden tot een locatie. Al leverde het wel een leuke dag op.

Bronnen
- Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag, Gevechtsverslagen en -rapporten mei 1940, Toegang 409, inventarisnummer 519009, Verslag van de commandant van het 2e regiment infanterie luitenant-kolonel E.H.C. van Gent.
- Versteegde, G.W., Volkel van bezetting tot bevrijding, 1939-1945

Met dank aan
- Harry van den Bergh
- Kevin Prenger, STIWOT

Gebruikte bron(nen)