Folkers, Ulrich

    Geboortedatum:
    6 maart 1915 (Kiel, Duitsland)
    Overlijdensdatum:
    6 mei 1943 (Noord Atlantische Oceaan)
    Nationaliteit:
    Duitse (1933-1945, Duitse Rijk)

    Biografie

    In april 1934 trad Ulrich Folkers toe tot de Kriegsmarine. Na zijn training werd hij geplaatst op de lichte kruiser Emden. Op 26 september 1934 volgde zijn promotie tot Seekadet, gevolgd door achtereenvolgens de bevorderingen tot Fähnrich zur See (1 juli 1935), Oberfähnrich zur See (1 januari 1937) en Leutnant zur See (1 april 1937).
    Tussen november 1938 en september 1939 nam Folkers deel aan een Verbindings cursus. In de tussentijd werd hij op 1 april 1939 bevorderd tot Oberleutnant zur See. Vanaf september 1939 tot november van datzelfde jaar nam hij deel aan de Marine Artillerie Schule.

    Ulrich Folkers werd vanaf april 1940 geplaatst als Wach Offizier (Wachtofficier) aan boord van de Duitse torpedobootjager Bruno Heinemann. In maart 1941 werd hij overgeplaatst naar de onderzeebootdienst en diende met dezelfde functie als op de Bruno Heinemann bij de 27. en 2. U-boot Flotille. In maart 1941 begon hij aan boord van de U 37. Vanaf april tot en met november voerde hij het bevel over de U 37. Op 1 november werd hij bevorderd tot Kapitänleutnant.

    Bevorderingen:
    8 april 1934: Offiziersanwärter;
    26 september 1934: Seekadett;
    1 juli 1935: Fähnrich zur See;
    1 januari 1937: Oberfähnrich zur See;
    1 april 1937: Leutnant zur See;
    1 april 1939: Oberleutnant zur See;
    1 november 1941: Kapitänleutnant.

    Tussen december 1941 en mei 1943 voerde hij het bevel over de U 125, waarmee hij zeer succesvol was. Een kleine opsomming van zijn overwinningen:
    26.01.1942: Amerikaans vrachtschip ‘West Ivis’ (5,666 BRT) voor de Amerikaanse Oostkust.
    23.04.1942: Amerikaanse vrachtschip ‘Lammot Du Pont’ (5,102 BRT).
    03.05.1942: Dominicaans stoomschip ‘San Rafael’ (1,973 BRT) met één torpedo en 32 schoten met het dekkanon nabij Jamaica.
    04.05.1942: Het Amerikaanse stoomschip ‘Tuscaloosa City’ (5,687 BRT).
    06.05.1942: De Amerikaanse vrachtvaarder ‘Green Island’ (1,946 BRT) en het Britse stoomschip ‘Empire Buffalo’ (6,404 BRT) nabij de Kaaiman Eilanden.
    09.05.1942: De Canadese tanker ‘Calgarolite’ (11,941 BRT).
    14.05.1942: Het Hondureese stoomschip ‘Comayagua’ (2,493 BRT).
    18.05.1942: Het Amerikaanse stoomschip ‘William J Salman’ (2,616 BRT) en de tanker ‘Mercury Sun’ (8,893 BRT: 93,607 vaten Navy fuel oil).
    01.09.1942: Het Britse stoomschip ‘Ilorin’ (815 BRT).
    23.09.1942: Het Britse stoomschip ‘Bruyère’ (5,335 BRT).
    29.09.1942: Het Britse stoomschip ‘Baron Ogilvy’ (3,391 BRT: 5,150t ijzererts) ten zuidwesten van Las Palmas.
    30.09.1942: Het Britse passagierschip ‘Kumsang’ (5,447 BRT) en het stoomschip ‘Empire Avocet’ (6,015 BRT) ten zuiden van Freetown.
    08.10.1942: Het Britse stoomschip ‘Glendene’ (4,412 BRT).
    04.05.1943: Het Britse stoomschip ‘Lorient’ (4,737 BRT) varend in Konvooi ONS-5 the zuiden van Cape Farewell.

    In de vroege morgen op 6 mei 1943, spoorde de HMS Oribi de U 125 op met haar radar. Door in de richting van de gepeilde positie te koersen wist de HMS Oribi, de Duitse onderzeeboot te rammen, vlak achter haar commando toren. De U 125 wist te duiken, maar HMS Oribi kon haar met de ASDIC opsporen. Een enkele dieptelading werd gedropt. Uiteindelijk was Folkers gedwongen de U 125 aan de oppervlakte te brengen, buiten bereik van HMS Oribi. Om 05.50 meldde de U 125 aan het Duitse U boot hoofdkwartier dat ze om 05.01 was geramd en dat het onmogelijk was om nog te duiken. Folkers vroeg om assistentie.
    Het schip werd echter opgepikt op de radar van HMS Snowflake, die nagenoeg gelijk het vuur opende en daarmee enkele treffers wist te plaatsen. Omdat HMS Snowflake dacht de U 125 te hebben uitgeschakeld ging het schip op weg om een ander radarcontact te onderzoeken. Dit bleek echter HMS Sunflower te zijn. Toen HMS Snowflake terugkeerde op de plek waar de U 125 was verlaten, bleek deze te zijn verdwenen. Men ging er vanuit dat de U 125 was gezonken ten gevolge van de opgelopen beschadigingen. Er werden overlevenden aangetroffen, maar men kreeg geen toestemming deze op te pikken. HMS Snowflake en HMS Sunflower keerden terug naar hun escortediensten bij Konvooi ONS-5, van de U 125 met haar 55 bemanningsleden werd niets meer vernomen. Aan Ulrich Folkers werd op 27 maart 1943 postuum het Ridderkruis verleend.

    Heeft u zelf meer informatie over deze persoon? Lever het aan!

    Rang:
    Fähnrich (Adelborst)
    Toegekend op:
    1 november 1936
    Bijzonderheden:
    Toegekend met kroon.
    Order of Military Merit 4th Class
    Periode:
    Tweede Wereldoorlog (1939-1945)
    Rang:
    Leutnant zur See (Luitenant-ter-Zee 3e Klasse)
    Toegekend op:
    8 april 1938
    Dienstauszeichnung der Wehrmacht 4.Klasse, 4 Jahre
    Periode:
    Tweede Wereldoorlog (1939-1945)
    Rang:
    Oberleutnant zur See (Luitenant ter Zee 2e Klasse)
    Eenheid:
    Kreuzer Emden
    Toegekend op:
    15 januari 1940
    Eisernes Kreuz 2. Klasse
    Periode:
    Tweede Wereldoorlog (1939-1945)
    Rang:
    Oberleutnant zur See
    Eenheid:
    Wachoffizier, U 37, 27. Unterseebootsflottille, Kriegsmarine
    Toegekend op:
    26 maart 1941
    U-boot Kriegsabzeichen (ohne Brillianten)
    Periode:
    Tweede Wereldoorlog (1939-1945)
    Rang:
    Käpitanleutnant (Luitenant-ter-Zee 2e Klasse)
    Eenheid:
    Kommandant, U 125, 2. Unterseebootsflottille, Kriegsmarine
    Toegekend op:
    22 mei 1942
    Samenvatting:
    Vermelding:
    "Schepen onder het bevel van de Kapitänleutnants Turmann, Würdemann en Folkers hebben zichzelf succesvol onderscheiden in Amerikaanse wateren."
    Wehrmachtbericht
    Periode:
    Tweede Wereldoorlog (1939-1945)
    Rang:
    Käpitanleutnant (Luitenant-ter-Zee 2e Klasse)
    Eenheid:
    Kommandant, U 125, 2. Unterseebootsflottille, Kriegsmarine
    Toegekend op:
    27 maart 1943
    Ritterkreuz des Eisernen Kreuzes

    Bronnen

    Foto