De website is nu nog groter en beter geworden! Go2War2.nl is vanaf nu volledig samengevoegd met TracesOfWar.nl. Vanaf nu is de sectie Artikelen ook beschikbaar. Veel meer informatie in een groter jasje!

Inleiding

    De LCT (Landing Craft Tank) bleek een onmisbaar landingsvaartuig voor vrijwel elke geallieerde landing in de Tweede Wereldoorlog. Dit landingsvaartuig was in staat om niet alleen mensen of goederen op een verdedigd strand af te zetten, maar ook middelzware en zelfs zware voertuigen en tanks direct tot op het strand te lossen. Vanaf 1940 ontwikkelden tanks zich zo snel, dat men al snel inzag dat men aan landingsvaartuigen die een tank van 18 ton konden vervoeren zoals de LCM zeker niet genoeg zou hebben, dus werd er in 1940 een specificatie uitgegeven voor het vervoeren tot op het strand van middelzware en zware tanks.
    De Britse marine begon met het ontwikkelen van de LCTís en uiteindelijk zouden er acht verschillende versies van gebouwd worden door zowel de Verenigde Staten als Groot-BrittanniŽ. Deze schepen waren vrijwel de grootste in hun soort en konden niet zelfstandig oceanen oversteken. Dit vereiste ondersteuningsschepen zoals onder andere de LSD (Landing Ship Dock).

    De LCT was vrij bijzonder als het om transporteren ging. De vaartuigen konden in segmenten van rond de 50 ton uit elkaar worden gehaald en de segmenten werden dan elk afzonderlijk vervoerd. Vlak voor een landing werden de delen (meestal een stuk of vijf zes) weer aan elkaar bevestigd met bouten, desnoods in het water. Verder werden LCTís ook vaak door LSTís vervoerd, die de LCT op het bovendek vervoerden. Deze werd dan te water gelaten door het schip sterk te laten overhellen naar ťťn kant, waardoor de LCT in het water schoof middels het ballastsysteem van de LST (Landing Ship Tank).

    Van de LCT zijn er gedurende de oorlog rond de 2780 stuks geproduceerd van model 1 t/m 7 en ze kwamen in actie bij vrijwel elke geallieerde invasie vanaf 1942. Dit vaartuig was onmisbaar voor de grotere geallieerde invasies waarbij voertuigen een rol speelden; ook werden ze wel gebruikt bij het oversteken van grotere rivieren, al kwam dit weinig voor.

    Definitielijst

    invasie
    Gewapende inval.

    Afbeeldingen

    LCT(A) 2008 NormandiŽ 1944, zonder boegklep

    LCT(1) en (2)

    LCT(1) Landing Craft Tank Mk I
    De eerste LCTís werden in 1940 en 1941 door Groot-BrittanniŽ gebouwd, en waren alleen geschikt voor korte afstanden. De vaartuigen konden gemakkelijk gedemonteerd worden in vier secties ten behoeve van het vervoer. Ze werden gebruikt en gebouwd door Groot-BrittanniŽ en kregen de nr.ís 1 t/m 30, waarvan er 15 gedurende de oorlog verloren zijn gegaan.

    Technische gegevens:

    Waterverplaatsing: 372 ton
    Afmetingen: Lengte 46,33 m
    Breedte 8,84 m
    Diepgang 1,33 m
    Machinerie: 2 schachten Hall-Scott benzinemotoren, 840 bhp = 10 knp
    Lading: 3-40 t voertuigen of 6-20 t voertuigen
    Bewapening: 2-2 pdr pompom
    2-20 mm kanonnen
    Bemanning: 12 man

    LCT(2) Landing Craft Tank Mk II
    De Mk IIís waren iets groter dan de Mk I, hadden drie in plaats van twee schachten gekregen en werden gelanceerd in 1942-43. Bij dit type werden drie verschillende motoren gebruikt, waarbij enkele toch over twee schachten beschikten. Enkele modellen kregen in plaats van de standaardmotor een Paxman-diesel met drie schachten gemonteerd. De inhoud van de brandstoftank werd ten opzichte van de Mk I vergroot naar 10.800 gallons. Ze hebben de nr.ís 100 t/m 172 gekregen en waren alle gebouwd en gebruikt door Groot-BrittanniŽ. Er gingen er gedurende de oorlog 19 verloren.

    Technische gegevens:

    Waterverplaatsing: 460 ton
    Afmetingen: Lengte 48,74 m
    Breedte 9,45 m
    Diepgang 1,63 m
    Machinerie: 3 schachten Napier benzinemotoren, 1050 bhp = 11 knp
    Lading: 3-40 t voertuigen of 7-20 t voertuigen
    Bewapening: 2-2 pdr pompom
    2-20 mm kanonnen
    Bemanning: 12 man

    LCF(2) Landing Craft Flak Mk II
    Twee LCT Mk IIís werden omgebouwd tot antiluchtdoelvaartuigen. De eerste mat na de verbouwing 455 ton en was bewapend met 4-4 inch QF Mk XVI (2x2) en 3-20mm met een bemanning van 81 man.
    De tweede mat 369 ton en was bewapend met 8 enkelloops 2pdr pompoms en 4-20mm kanonnen. Beide werden aangedreven door een 3 schachten dieselmotor, en allebei gingen ze verloren tijdens de oorlog.

    LCT(R)(2) Landing Craft Tank (Rocket) Mk II
    Deze vaartuigen behielden hun originele nummers en werden voorzien van een kunstmatig dek waarop raketinstallaties werden aangebracht. Ze werden bewapend met 792 5inch raketten die elektrisch ontstoken werden in salvoís over een vaste afstand van 3500 yards. De vaartuigen maten 515 ton en hadden een bemanning van 17 of 18 man.

    LCT(3), (4) en (5)

    LCT(3) Landing Craft Tank Mk III
    De LST Mk IIIís kregen de nummers 300 t/m 499 en 7001 t/m 7150. Het waren eigenlijk Mk IIís die in het midden voorzien waren van een extra sectie, en daardoor verlengde Mk IIís waren, welke bestonden uit vijf secties die bij transport gedemonteerd konden worden. Latere schepen werden voorzien van een twee schachten Sterling benzinemotor, waarbij de brandstoftank werd teruggebracht naar 5760 gallons. De schepen werden in Britse dienst gebruikt en gelanceerd van 1941-44. Van de LCT Mk III zijn er 31 verloren gegaan in de oorlog.

    Technische gegevens:

    Waterverplaatsing: 640 ton
    Afmetingen: Lengte 58,52 m
    Breedte 9,45 m
    Diepgang 1,65 m
    Machinerie: 2 schachten Paxman dieselmotoren, 1000 bhp = 10,5 knp
    Lading: 5-40 t voertuigen of 11-30 t voertuigen
    Bewapening: 2-2 pdr pompom
    2-20 mm kanonnen
    Bemanning: 12 man

    LCF(3) Landing Craft Flak Mk III
    Een aantal dieselaangedreven Mk IIIís werd voorzien van een antiluchtdoelbewapening. Deze vaartuigen kregen de nr.ís 3-6 en 7-8. De eerste groep werd voorzien van 8 enkelloops 2pdr pompoms en 4-20mm kanonnen. Zij hadden een bemanning van 68 koppen. De tweede groep kreeg een bewapening van 4 enkelloops pompoms en 8-20mm kanonnen. De bemanning bestond voor deze groep uit 76 koppen. Gedurende de oorlog gingen er twee vaartuigen van de tweede groep verloren.

    LCT(R)(3) Landing Craft Tank (Rocket) Mk III
    Deze vaartuigen behielden hun originele nummres en werden voorzien van een kunstmatig dek waarop raketinstallaties werden aangebracht. Ze werden bewapend met 1044 5inch raketten of 936 voor tropische doeleinden die elektrisch ontstoken werden in salvoís over een vaste afstand van 3500 yards. De vaartuigen maten 560 ton en hadden een bemanning van 17 of 18 man.

    LCT(L)(3) Landing Craft Gun (Large) Mk III
    Diverse vaartuigen werden omgebouwd tot kanonneerboot, waarbij drie stuks hun originele nummers behielden, de andere werden voorzien van een nieuw nummer. De vaartuigen werden voorzien van de overbodige bewapening van torpedobootjagers. De Nr.ís 1-20 werden voorzien van 2 enkelloops 4.7 inch QF Mk IX en de nr.ís 21, 22, 26, 424, 426 en 449 werden voorzien van 2 enkelloops 4.7inch BL. Alle hadden ze daarnaast nog 2 tot 4 20mm kanonnen en een bemanning van 45-48 man. De nr.ís 5, 424, 426 en 449 werden uitgeleend aan de Verenigde Staten. Totaal zijn er 4 verloren gegaan tijdens de oorlog.

    LCT(4) Landing Craft Tank Mk IV
    De LST Mk IVís kwamen in grote lijnen overeen met de Mk IIIís. De Mk IV was echter wat breder en van een lichtere constructie. Gedurende de oorlog kwam men terug van de lichtere constructie en versterkte men de modellen. Productie liep van 1942-45 en de toegewezen nummers waren 500-1364. Tijdens de oorlog zijn er 39 verloren gegaan.

    Technische gegevens:

    Waterverplaatsing: 640 ton
    Afmetingen: Lengte 57,07 m
    Breedte 11,79 m
    Diepgang 1,36 m
    Machinerie: 2 schachten Paxman dieselmotoren, 1000 bhp = 10 knp
    Lading: 6-40 t voertuigen of 9-30 t voertuigen
    Bewapening: 2-20 mm kanonnen
    Bemanning: 12 man


    LCF(4) Landing Craft Flak Mk IV
    Een aantal Mk IVís werd voorzien van een antiluchtdoelbewapening. Deze vaartuigen kregen de numers 19-46. Ze werden voorzien van 4 enkelloops pompoms en 8-20mm kanonnen. Gedurende de oorlog gingen er drie vaartuigen verloren.

    LCT(R)(4) Landing Craft Tank (Rocket) Mk IV
    Deze vaartuigen behielden hun originele nummers en werden voorzien van een kunstmatig dek waarop raketinstallaties werden aangebracht. Ze werden bewapend met 1044 5inch raketten of 936 voor tropische doeleinden die elektrisch ontstoken werden in salvoís over een vaste afstand van 3500 yards. De vaartuigen maten 560 ton en hadden een bemanning van 17 of 18 man.

    LCT(L)(4) Landing Craft Gun (Large) Mk IV
    Diverse vaartuigen werden omgebouwd tot kanonneerboot, waarbij ze hun originele nummers behielden. Ze werden voorzien van 2 enkelloops 4.7inch BL en 7-20mm kanonnen, de bemanning bestond uit 76 man. De volgende nummers zijn omgebouwd: 680, 681, 687, 764, 811, 831, 893, 939, 1007 en 1062. Hiervan werden de nummers 687, 811 en 893 uitgeleend aan de Verenigde Staten. Totaal zijn er drie verloren gegaan tijdens de oorlog.

    LCT(5) Landing Craft Tank Mk V
    Het ontwerp van de LCT(5) begon nadat de Britten de Amerikanen verzochten om een Amerikaanse versie van een door Thornycroft ontworpen vaartuig voor de vervoer van tanks van ruim 30 meter lang dat in staat was om middelzware en zware tanks op een strand te zetten.
    Volgens de specificatie van november 1941 moest het vaartuig in staat zijn om zes 10 ton trucks, drie 50 tons tanks of zes 27 ton tanks te vervoeren. Ze waren voornamelijk bedoeld voor het vervoer van voertuigen bij een invasie op het Europese vasteland, en zouden dus vanuit Groot-BrittanniŽ opereren, waardoor ze niet in staat hoefden te zijn om over de oceaan te varen. Omdat Groot-BrittanniŽ reeds de LCT Mk 1 t/m 4 in dienst had, werd het Amerikaanse vaartuig LCT(5) genaamd.
    Van de LCT(5) werden er totaal 500 stuks gebouwd waarvan 172 stuks onder lend-lease naar Groot-BrittanniŽ werden gestuurd, waar ze LCT Mk V werden genaamd. Gedurende de oorlog gingen er bij de Britten 29 van verloren.

    Technische gegevens:

    Waterverplaatsing: 283 ton
    Afmetingen: Lengte 34,80 m
    Breedte 9,96 m
    Diepgang 0,86 m voorkant 1,27 m achterkant
    Machinerie: 3 schachten dieselmotoren, 675bhp = 8 knp
    Lading: 4 middelzware of 3 zware tank of 150 ton goederen
    Bewapening: 2-20mm kanonnen
    Bemanning: 11 man

    Definitielijst

    invasie
    Gewapende inval.

    Afbeeldingen

    LCT 1190 wordt van LST 78 gelanceerd voor Okinawa '45

    LCT(6), (7) en (8)

    LCT(6) Landing Craft Tank Mk VI
    De LCT(6) was een verlengde versie van de LCT(5), met hetzelfde laadvermogen. De LCT(6) had ook nog een secundaire functie, waarbij het vaartuig diende als een soort van brug voor het uitladen van een LST. De opbouw was aan de zijkanten geplaatst, en zowel de voor als achterkant kon middels een klep opengezet worden, waardoor deze tussen een LST en het strand geplaatst kon worden voor het ontschepen van voertuigen.
    In totaal werden er 965 stuks gebouwd tussen 29 juni 1942 en 22 december 1944. De vaartuigen die de oorlog overleefden werden hernoemd naar LCU (Landing Craft Utility).
    Van de LCT(6) werden er twee stuks onder lend-lease naar Groot-BrittanniŽ gestuurd, waar ze LCT Mk VI werden genaamd.
    De LCT was het kleinste vaartuig van de Amerikaanse marine dat individuele nummers kreeg zoals LCT1-1465.

    Technische gegevens:

    Waterverplaatsing: 309 ton
    Afmetingen: Lengte 36,30 m
    Breedte 9,96 m
    Diepgang 1,09 m voorkant 1,22 m achterkant
    Machinerie: 3 schachten dieselmotoren, 675bhp = 8 knp
    Lading: 4 middelzware of 3 zware tank of 150 ton goederen
    Bewapening: 2-20mm kanonnen
    Bemanning: 13 man

    AMC(U)
    Van de LCT(6) werden 6 vaartuigen omgebouwd voor het lokaliseren van objecten onder water in 1945 en kregen de benaming AMC(U)1-6.

    LCT(7) Landing Craft Tank Mk VII
    De Mk VII werd tijdens de ontwerpfase door de Verenigde Staten hernoemd naar LSM (Landing Ship Medium) vanwege de ontwerpgrootte van het dek, dat dubbel zo groot was als de overige LCTís.


    LCT(8) Landing Craft Tank Mk VIII
    De Mk VIII was ontworpen door Thornycroft voor het Verre Oosten. Deze versie was groter, betrouwbaarder en had betere omstandigheden voor de bemanning. Dit type heeft de Tweede Wereldoorlog niet meer meegemaakt, en een groot aantal van de bestelde vaartuigen is ook nooit afgeleverd. Voor deze Mk VIII waren de nr.ís 4001-4200 gereserveerd. Ze werden gebouwd van 1945-47.

    Technische gegevens:

    Waterverplaatsing: 810 ton
    Afmetingen: Lengte 68,58 m
    Breedte 11,58 m
    Diepgang 1,45 m
    Machinerie: 2 schachten Paxman dubbele dieselmotoren, 1760 bhp = 11,9 knp
    Lading: 8-30t voertuigen en 42 man
    Bewapening: 3-20mm kanonnen
    Bemanning: 22 man

    Afbeeldingen

    6 LCT(6) die net van de werf komen

    LCT(A)

    LCT(A) Landing Craft Tank (Armored)
    Speciaal voor operatie Overlord (D-Day) werden er enkele LCTís aangepast. Het waren voornamelijk LCT(5) ook wel Mk V genaamd die werden aangepast.
    De boegdeur werd van 2Ē dik extra pantsermateriaal voorzien en extra plaatmateriaal ter bescherming van het stuurhuis, zodat deze LCTís die als eerste het strand zouden bereiken op H-Hour ook bestand waren tegen vuurkracht van Duitse geschut op het strand. Deze modellen kregen dus een extra (A) achter de naam, en ze kregen een 2 voor het nr. LCT 214 werd dus LCT(A) 2214.

    Naast de extra bepantsering werden er in de LCT ook houten schansen gemonteerd waardoor de tanks hoger stonden dan normaal. Op deze manier konden ze al vurend over de boegdeur het strand waar ze naar op weg waren onder vuur nemen.

    De omgebouwde LCTís waren voornamelijk in Groot-BrittanniŽ aangepaste modellen, die tijdelijk voor de landing werden uitgeleend aan de Verenigde Staten. Er werden 16 LCT(A)ís ingezet bij Omaha Beach en 8 bij Utah Beach.

    LCT(A) 2124 werd bij de D-Day landing zeker 10 keer geraakt door een 57mm kustbatterij. Het schip had nagenoeg geen last van deze treffers op het verlies van het anker en het lekken van brandstof na. Nadat de LST zijn tanks had afgezet op het strand keerde deze weer terug, waarbij het vaartuig een eindje uit de kust stil kwam te liggen vanwege zout water in de brandstof. Na het switchen van brandstoftank kon de LST gewoon zijn weg weer vervolgen.

    Definitielijst

    D-Day
    De dag dat de invasie van West-Europa plaatsvond op 6 juni 1944. Na een lange misleidingsoperatie vielen de geallieerden op vijf plaatsen op de Normandische kust de stranden binnen om zo hun opmars naar Nazi-Duitsland te beginnen. Hoewel D-Day vaak als Decision Day wordt gezien, is dit niet geheel correct. De D staat in dit geval gewoon voor Day, in het militaire jargon wordt namelijk gesproken van een operatie op Dag D, beginnend op Uur U.
    operatie Overlord
    De overkoepelende strategische planning voor de Geallieerde landing op de Normandische kust in juni 1944 t/m 90 dagen na D-Day.

    Informatie

    Artikel door:
    Frank van der Drift
    Geplaatst op:
    06-02-2003
    Laatst gewijzigd:
    13-09-2009
    Feedback?
    Stuur het in!

    Gerelateerde boeken

    All the world fighting ships 1922-1946