Inleiding

    De persoon Oskar Schindler werd beroemd door Steven Spielbergs speelfim “Schindler's List” uit 1993. De Sudeten-Duitser groeide uit tot symbool van menselijkheid en moed, omdat hij vanuit zijn positie als succesvol zakenman tijdens de Tweede Wereldoorlog het leven van bijna 1.100 Joden redde die voor hem werkten in zijn fabriek. Daarvoor werd hij door het Israëlische Holocaustherdenkingscentrum Yad Vashem onderscheiden als Rechtvaardige onder de Naties, een belangrijke onderscheiding die wordt uitgereikt aan niet-Joden die Joden hebben gered van de nazi’s.

    Minder bekend is dat Schindler voor het aanbreken van de oorlog werkte voor de Abwehr, de inlichtingendienst van de Duitse Wehrmacht. Hij was betrokken bij de voorbereidingen van de annexatie van het Sudetenland en de invasie van Polen. Zijn erkenning tot Rechtvaardige had ook heel wat om handen, omdat hij ervan werd beschuldigd dat hij aan het begin van de oorlog onrechtmatig Joods bezit had overgenomen. Schindler was niet vrij van zonden, maar zonder zijn voorgeschiedenis bij de Abwehr en zijn aanvankelijk opportunistische instelling was hij niet in staat geweest tot het redden van zijn Joodse werknemers. Daarom wordt in dit artikel een compleet beeld geschetst van het leven van Oskar Schindler, waarbij ook zijn minder positieve daden belicht worden.

    De belangrijkste bron voor dit artikel was het in 2006 door uitgeverij Verbum uitgebrachte boek “Oskar Schindler - De biografie en het ware verhaal achter de ‘Schindlerlijst’” door David M. Crowe. In dit boek ontkracht Crowe op overtuigende wijze meerdere sterk geromantiseerde elementen die het verhaal van Schindler zijn gaan beheersen, zonder daarbij iets af te doen aan de bijzondere heldenmoed en menselijkheid die hij tijdens de oorlog wel degelijk getoond heeft.

    Definitielijst

    invasie
    Gewapende inval.
    nazi
    Afkorting voor een nationaal socialist.
    Yad Vashem
    Yad Vashem is Israëls nationale Holocaustmonument, waar naast Joodse slachtoffers en verzetshelden ook niet-Joodse helpers van Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog geëerd worden. Deze niet-Joodse helpers worden Rechtvaardigen onder de Volkeren genoemd. Tot halverwege de jaren ’90 werden bomen geplant voor deze redders. In 1996 werd een speciale herdenkingstuin opgericht waar alle namen van de helpers te vinden zijn. Jaarlijks komen er nieuwe namen bij.

    Afbeeldingen

    Jeugd, vooroorlogse carrière en huwelijk

    Oskar Schindler werd op 28 april 1908 geboren in Svitavy (in het Duits Zwittau), een stad die destijds tot de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie behoorde. Na het uiteenvallen van Oostenrijk-Hongarije na de Eerste Wereldoorlog werd het een deel van de Tsjechoslowaakse republiek. In de grensstreek met Duitsland woonden ongeveer drie miljoen zogenoemde Sudeten-Duitsers. Ook Oskar en zijn familie behoorden daartoe; hun taal en cultuur waren in de eerste plaats Duits en niet Tsjechisch. Het gezin behoorde tot de katholieke middenklasse. Oskars vader, Johann Hans Schindler, was de eigenaar van een bedrijf dat handelde in landbouwwerktuigen. Hij was getrouwd met Franziska Luser en samen met haar kreeg hij twee kinderen. Oskar was de oudste. Oskars zus, Elfriede, werd in 1915 geboren. Vader Schindler had een zwak voor vrouwen en alcohol, evenals Oskar later op volwassen leeftijd

    Oskar was geen goede student. In 1924 werd hij van het Höheres Realgymnasium gestuurd, omdat hij zijn rapport had vervalst. Na terugkeer op school noemden zijn klasgenoten hem “Schindler de oplichter”. In Brno studeerde hij daarna werktuigbouwkunde en verwarmingstechniek. Na zijn studietijd werkte Oskar op het bedrijf van zijn familie. Tijdens een zakelijk bezoek aan haar vaders boerderij in de herfst van 1927 ontmoette hij Emilie Pelzl met wie hij op 6 maart 1928 trouwde. Kort nadat hij Emilie voor het eerst ontmoette, stopte Oskar de samenwerking met zijn vader. Hij werkte kort als vertegenwoordiger voor een elektriciteitsbedrijf. Na zijn huwelijk begon hij een autorijschool. Zijn carrière werd onderbroken door een dienstplicht van 18 maanden in het Tsjechoslowaakse leger. Hierna keerde hij terug bij het elektriciteitsbedrijf waar hij werkte totdat het bedrijf in 1931 failliet ging. Hij was een jaar werkloos. Bij zijn vader kon hij ook niet terecht, want als gevolg van de economische crisis had die zijn bedrijf moeten sluiten.

    Het huwelijk tussen Emilie en Oskar is nooit heel goed geweest. In de jaren voordat hij werkloos werd, was hij vaak op zakenreis. Zijn vrije tijd besteedde hij aan motorraces waaraan hij zelf ook deelnam. In het jaar dat hij werkloos was, raakte hij verslaafd aan drank. Tussen 1932 en 1938 werd hij meerdere keren door de politie opgepakt wegens openbare dronkenschap, wangedrag en mishandeling. Hij zat enkele keren een korte gevangenisstraf uit. Op zoek naar werk vertrok Oskar in 1931 naar Berlijn. Hij keerde algauw terug naar Tsjechoslowakije om daar een kippenboerderij op te zetten. Daarmee stopte hij al na zes maanden omdat hij er niet in slaagde hiermee geld te verdienen. Vervolgens werkte hij zes jaar lang als agent van een bank in Praag. In januari 1938 stopte hij ook daarmee en begon hij in opdracht van een zakenman met het verkopen van overheidseigendommen op afbetaling. Toen het hem economisch weer voor de wind ging, kreeg hij een relatie met een vroegere schoolvriendin die nu als secretaresse voor zijn vader werkte. Met haar kreeg hij twee buitenechtelijke kinderen. Ondanks zijn losbandigheid en wispelturigheid bleef Emilie haar man trouw. Ze aanvaardde telkens zijn excuses en hield van zijn vriendelijke karakter en hulpvaardigheid. Pas na de oorlog zouden ze definitief met elkaar breken.

    Definitielijst

    Eerste Wereldoorlog
    Ook wel Grote Oorlog genoemd, conflict dat ontstond na een groei van het nationalisme, militarisme en neo-kolonialisme in Europa en waarbij twee allianties elkaar bestreden gedurende een vier jaar durende strijd, die zich na een turbulent begin, geheel afspeelde in de loopgraven. De strijdende partijen waren Groot-Brittannië, Frankrijk, Rusland aan de ene kant (de Triple Entente), op den duur versterkt door o.a. Italië en de Verenigde Staten, en Duitsland, Bulgarije, Oostenrijk-Hongarije en het Ottomaanse Rijk aan de andere kant (de Centrale Mogendheden of Centralen). De strijd werd gekenmerkt door enorme aantallen slachtoffers en de inzet van vele nieuwe wapens (vlammenwerpers, vliegtuigen, gifgas, tanks). De oorlog eindigde met de onvoorwaardelijke overgave van Duitsland en zijn bondgenoten in 1918.
    Sudeten-Duitsers
    Naam voor de ruim drie miljoen Duitsers die tot 1945 het grensgebied van Tsjechoslowakije bewoonden.

    Afbeeldingen

    Geboortehuis van Oskar Schindler in Svitavy (Zwittau in het Duits) in Tsjechië aan de Policskastraat 24, vroeger de Jihlavskastraat. Bron: STIWOT Forum.
    Oskar Schindler (in de auto) met zijn vader in Zwittau, 1929. Bron: USHMM.

    Activiteiten voor de Duitse Abwehr

    In 1935 sloot Oskar Schindler zich aan bij de Sudetendeutsche Partei van Konrad Henlein. Deze partij streefde naar de aansluiting van Sudetenland bij Oostenrijk of Duitsland. De overgrote meerderheid van de Sudeten-Duitsers bracht in 1935 een stem uit op Henleins partij. De Sudeten-Duitsers voelden zich gesteund door Duitsland waar de nazi’s, die sinds januari 1933 aan de macht waren, ernaar streefden om de grenzen van vóór het Verdrag van Versailles te herstellen en gebieden met een meerderheid aan etnische Duitsers op te nemen binnen de landsgrenzen van het Duitse Rijk. Vanuit Duitsland werden er voorbereidingen getroffen voor de annexatie van Sudetenland. Een belangrijke rol daarin was weggelegd voor de Abwehr, de inlichtingendienst van de Duitse Wehrmacht. Deze organisatie hield zich in het Sudetenland bezig met het verzamelen van inlichtingen en contraspionage, maar ook met de politieke verhoudingen binnen de Sudeten-Duitse gemeenschap. Het is niet exact bekend, maar vermoedelijk begon Schindler in 1938 met zijn werkzaamheden voor de Abwehr. In de zomer van dat jaar verzamelde hij betrouwbare kaarten en informatie over Tsjechoslowaakse troepenbewegingen, militaire versterkingen en andere gegevens die van strategisch belang waren voor de Kampf- und Sabotage-Verbände (gevechts- en sabotage-eenheden) van de Abwehr. Verder rekruteerde hij Sudeten-Duitsers met kennis van vitale militaire informatie die zo van belang konden zijn voor de invasieplannen van de Abwehr.

    Nadat hij had getracht een Sudeten-Duitse politieagent te werven, werd Schindler gearresteerd door de Tsjechische geheime politie op verdenking van spionage-activiteiten. In een vertrouwelijk rapport van de geheime politie, gedateerd 28 juli 1938, werd geconcludeerd dat Schindler een “zeer vooraanstaande spion en een bijzonder gevaarlijk type” was. Dit baseerde men onder andere op de reputatie van Schindlers contactpersoon in Duitsland, Peter Kreuzinger. Deze Abwehr-agent werd beschouwd als “een van de leidende figuren van de spionagedienst van het Duitse Rijk”. Bovendien dook Schindlers naam herhaaldelijk op in onderzoeken van de Tsjechische geheime politie naar spionage in Tsjechoslowakijke vóór 1939. Of Schindler daadwerkelijk “bijzonder gevaarlijk” was, valt te betwijfelen. Twijfelachtig was in elk geval zijn motivatie om te werken voor de Abwehr. De politiecommissaris in Brno bestempelde hem als een “zeer lichtzinnig man van dubieus karakter die het er alleen om ging op een gemakkelijke manier geld te verdienen.” Ook zelf gaf Schindler aan zijn ondervragers openlijk toe dat hij uit financiële overwegingen bij de Abwehr was gegaan. Gezien zijn zwak voor vrouwen en alcohol is het aannemelijk dat hij het geld goed kon gebruiken.

    Het is niet exact bekend tot welke straf Schindler veroordeeld werd. Bronnen noemen wisselende straffen: van 2 jaar gevangenisstraf tot zelfs de doodstraf. Wat we weten, is dat hij gevangen zat van 18 juli tot 7 oktober 1938, maar toen werd vrijgelaten als gevolg van het Verdrag van München. Dat verdrag werd op 30 september 1938 gesloten door Duitsland, Groot-Brittannië, Frankrijk en Italië. Zonder inspraak van de Tsjechoslowaakse regering werd het Adolf Hitler toegestaan om het Sudetenland te annexeren. Artikel 8 van het verdrag bepaalde dat de Tsjechoslowaakse regering Sudeten-Duitse gevangenen die vanwege politieke misdrijven gevangen zaten, zoals Schindler, vrijgelaten moesten worden. Konrad Henlein werd Rijkscommissaris voor de nieuwe Sudeten-Duitse gebiedsdelen. Ook nu het Sudetenland, net als het in maart 1938 geannexeerde Oostenrijk, onderdeel was geworden van het Duitse Rijk, bleef Hitler gericht op uitbreiding van zijn natie. In maart 1939 werd Tsjechië bezet, terwijl Slowakije een Duitse satellietstaat werd. In september 1939 zou Polen volgen.

    Schindlers betrokkenheid bij de annexatie van Tsjechië was niet groot, omdat niet de Abwehr, maar de Sicherheitsdienst (de inlichtingendienst van de SS) daarbij de belangrijkste rol vervulde. Na zijn terugkeer uit de gevangenis was Schindler binnen de Abwehr bevorderd tot plaatsvervangend commandant van een groep agenten in Moravisch Ostrava aan de Tsjechisch-Poolse grens. Hij had zich inmiddels ook aangemeld als lid van de Duitse NSDAP. Zijn aanvraag werd op 2 februari 1939 voorlopig goedgekeurd door het districtshof van de partij, alhoewel twee kwesties nog onderzocht moesten worden: Schindlers bewering dat hij sinds 1935 onafgebroken lid was geweest van de Sudetenduitse Partij – een voorwaarde om partijlid van de NSDAP te worden – en zijn strafblad uit de jaren 30. Een hooggeplaatste partijfunctionaris oordeelde later dat als Schindler geen misdaden verzweeg niets zijn partijlidmaatschap in de weg stond “indien hij verder van deugdzaam karakter en politiek betrouwbaar is”.

    Bij de voorbereidingen op de invasie van Polen speelde Schindler een grotere rol. Volgens een rapport van de Abwehr waren hij en zijn vijfentwintig agenten in de maanden voorafgaand aan de invasie actief betrokken bij het smokkelen van wapens en manschappen naar de regio Těšín om daar te oefenen voor geheime operaties. Soortgelijke activiteiten zouden zij uitgevoerd hebben in de regio Žilina. Veel tijd zou Schindler ook besteed hebben aan de voorbereiding van de Duitse aanval op de treintunnel in de Jablunkovpas in de eerste uren van de inval. Er wordt beweerd dat hij ook deelnam aan de voorbereidingen op de aanval op de in scène gezette Poolse aanval op de Duitse radiozender Gleiwitz. Hij zou onder andere de Poolse uniformen hebben verzorgd waarin de lijken van concentratiekampgevangenen waren gestoken om de indruk te geven dat het ging om de aanvallers van de radiozender die waren omgekomen toen de Duitsers zich hiertegen zogenaamd verdedigden. Schindlers betrokkenheid hierbij wordt echter betwijfeld, omdat Gleiwitz buiten zijn werkgebied lag en het een operatie was van de SD, alhoewel wel met steun van de Abwehr. Ook Emilie was in die tijd betrokken bij Oskars spionagewerkzaamheden, namelijk als kantoorcheffin en zijn administratrice.

    Definitielijst

    invasie
    Gewapende inval.
    nazi
    Afkorting voor een nationaal socialist.
    Rijkscommissaris
    Titel van onder andere Arthur Seyss-Inquart, de hoogste vertegenwoordiger van het Duitse gezag tijdens de bezetting in Nederland.
    Sudeten-Duitsers
    Naam voor de ruim drie miljoen Duitsers die tot 1945 het grensgebied van Tsjechoslowakije bewoonden.

    Afbeeldingen

    Het vroegere Hotel Ungar aan het marktplein van Zwittau waar Schindler op 18 juli 1938 door de Tsjechen gearresteerd werd als spion. Bron: STIWOT Forum.

    Nieuwe kansen in Krakau

    Schindler verhuisde na de Duitse invasie van Polen naar Krakau, één van de eerste grote Poolse steden die in september 1939 door de Wehrmacht werd ingenomen. De stad was de hoofdstad van het Generalgouvernement, het deel van Polen dat niet geannexeerd werd, maar wel bezet werd door Duitsland. Aan het hoofd van het Duitse burgerbestuur stond Hans Frank die zetelde in Krakau. Het Generalgouvernement speelde een belangrijke rol in de geschiedenis van de Holocaust; er bevonden zich meerdere getto’s, zoals in Warschau, en vier vernietigingskampen. In totaal leefden er ongeveer 2 miljoen Joden. Schindler verbleef hier van 1939 tot 1944 en was in die tijd getuige van alle verschrikkingen die de Poolse Joden werden aangedaan. Hij was naar Krakau gekomen vanuit financiële overwegingen. De spion werd zakenman. Het economische klimaat in het Generalgouvernement was gunstig, omdat de arbeiders er goedkoop waren en Joodse ondernemingen goedkoop over te nemen waren. Bovendien had Duitsland grote behoefte aan productie voor de oorlogsindustrie. Schindler greep de kans om maximaal te profiteren van de omstandigheden, maar gaandeweg veranderde de opportunist in een redder van mensenlevens.

    Het bedrijf dat Schindler in oktober 1939 overnam was Rekord N.V., een fabriek van emailwaren. In 1939 hadden de drie Joodse eigenaren een faillissement moeten aanvragen en na de Duitse overname was het overgegaan in handen van de Duitse bezetter. Schindler kon het bedrijf voor een schijntje overnemen van de feitelijke geldwaarde. Hij nam ook de bedrijfsinventaris over die had toebehoord aan de Jood Nathan Wurzel. Die was al eerder in conflict gekomen met de vorige eigenaars en zou vooral na de oorlog Schindler grote problemen geven. Hij betichtte Schindler toen namelijk van diefstal van zijn eigendommen. Bovendien zou volgens hem zijn zakenpartner, Julius Wiener, mishandeld zijn door Schindler of in zijn opdracht door de Gestapo. Schindler verweet Wurzel – die tijdens de oorlog 18 maanden voor hem werkte – dat hij zich bezighield met “egoïstische machtsspelletjes in de top van het bedrijf”. Na de oorlog heeft Schindler de beschuldigingen van Wurzel en Wiener nooit uitdrukkelijk tegengesproken, maar ook niet toegegeven. Hij erkende wel dat “het niet onder alle omstandigheden mogelijk was geweest mishandelingen te voorkomen.” De verwijten schaadden zijn reputatie en zorgden ervoor dat Yad Vashem hem formeel pas na zijn dood erkende als Rechtvaardige onder de Naties.

    Schindlers fabriek bevond zich in de industriewijk Zablocie, net buiten Krakau. Hij doopte het om tot Deutsche Emailwarenfabrik Oskar Schindler. Als zijn bedrijfsleider benoemde hij de Jood Abraham Bankier. Iedereen die “Schindler’s List” gezien heeft, zal nu zijn wenkbrauwen fronsen, want in deze film is deze rol weggelegd voor Itzhak Stern. Weliswaar werkte Stern ook in werkelijkheid samen met Schindler, maar niet als zijn bedrijfsleider. Stern was een belangrijke contactpersoon op het kantoor van Amon Göth, kampcommandant van concentratiekamp Plaszow waar veel van Schindlers werknemers gevangen zaten. Ook had hij banden met de leiders van de Joodse gemeenschap die Schindler goed uitkwamen en kwam hij in 1944 te werken in Schindlers nieuwe fabriek in Brünnlitz. Bankier, Schindlers werkelijke bedrijfsleider, vervulde een belangrijke rol. Hij was een zeer kundige bedrijfsleider die in belangrijke mate verantwoordelijk was voor de financiële successen van Schindler. Zijn contacten op de zwarte markt waren onmisbaar. De lucratiefste handel was die met de Wehrmacht. Naar schatting tachtig procent van Schindlers zakelijke transacties speelden zich op de zwarte markt af en Bankier nam daarvan het merendeel voor zijn rekening. Dit leverde Schindler de enorme geldbedragen op die het mogelijk maakten om zijn Joodse werknemers te onderhouden en uiteindelijk te redden.

    In 1940 bezat Schindler, naast Emalia, nog twee andere bedrijven: een glasfabriek tegenover het hoofdgebouw van de Emaliafabriek en een emailwarenhandel die had toebehoord aan de hierboven genoemde Shlomo Wiener. In de glasfabriek werden maandelijks 1 miljoen wodkaflessen geproduceerd. Hier werkten tussen de 350 tot 380 mensen, vermoedelijk niet-Joodse Polen. Het bedrijf werd in 1943 gesloten. In de Emaliafabriek werkten enkele weken na de opening al 250 Poolse werknemers, waaronder op dat moment nog maar zeven Joden. Gedurende het hoogtijjaar van zijn onderneming, 1944, had hij naar eigen zeggen tussen de 1.700 en 1.750 arbeiders in dienst, waaronder 1.000 Joden. Aanvankelijk had hij die Joden aangenomen omdat ze nog goedkoper waren dan niet-Joodse Poolse arbeiders. Hij ondervond ook dat ze betrouwbaarder en productiever waren dan Poolse werknemers, omdat hun overlevingskans bij verzuim of een onproductieve instelling klein was. Toen hij zag hoe de nazi’s de Joden alsmaar slechter behandelden, wierp hij zich op als hun redder. Hij zorgde voor relatief goede arbeidsomstandigheden, gaf hen extra voedsel en probeerde uiteindelijk zelfs te voorkomen dat ze werden gedeporteerd naar de vernietigingskampen.

    Definitielijst

    Generalgouvernement
    Dat deel van het Poolse gebied dat sinds september 1939 door de Duitsers was bezet. Was een autonoom deel van Grossdeutschland. In augustus 1941 werd Oost-Galicië aan het Generalgouvernement toegevoegd. Het werd door uitsluitend Duitsers bestuurd onder leiding van Generalgouverneur Hans Frank. Het zou uiteindelijk een volwaardige Duitse provincie moeten worden bevolkt door Duitse kolonisten.
    getto
    Grotendeels van de buitenwereld afgescheiden stadswijk voor Joden. Het aanstellen van getto's had als doel om Joden uit het dagelijkse leven te weren. Vanuit getto's konden Joden bovendien gemakkelijker gedeporteerd worden naar de concentratie- en vernietigingskampen. Ook bekend als 'Judenviertel' ofwel 'Joodse wijk'.
    Holocaust
    Aanduiding voor de vernietiging van het Europese Jodendom door de nazi's. Holokauston is de Griekse benaming voor een geheel verbrande offergave.
    invasie
    Gewapende inval.
    nazi
    Afkorting voor een nationaal socialist.
    Yad Vashem
    Yad Vashem is Israëls nationale Holocaustmonument, waar naast Joodse slachtoffers en verzetshelden ook niet-Joodse helpers van Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog geëerd worden. Deze niet-Joodse helpers worden Rechtvaardigen onder de Volkeren genoemd. Tot halverwege de jaren ’90 werden bomen geplant voor deze redders. In 1996 werd een speciale herdenkingstuin opgericht waar alle namen van de helpers te vinden zijn. Jaarlijks komen er nieuwe namen bij.

    Afbeeldingen

    Hoofdingang van de Deutsche Emailwarenfabrik Oskar Schindler in 1943 of 1944.
    Diezelfde ingang ruim zestig jaar later. Tegenwoordig zit er een museum in het pand. Bron: Bas Stoffelsen.
    De fabriek vanuit een ander perspectief. Bron: Bas Stoffelsen.
    De fabriek van binnen. Bron: Bas Stoffelsen.
    Schindler in Krakau, 1942. Bron: Yad Vashem.

    Joodse werknemers

    Een belangrijke scène in “Schindler’s List” is wanneer Oskar Schindler vanaf een heuvel toekijkt naar hoe Joden in het getto van Krakow op beestachtige wijze door de nazi’s worden samengebracht om gedeporteerd te worden. De indruk ontstaat dat dit hét moment was waarop Schindler besloot “zijn” Joden te redden. In werkelijkheid is zo’n moment niet aan te wijzen. Schindlers fabriek bevond zich vlakbij het getto van Krakau en zijn werknemers leefden er, dus zal hij vanaf de oprichting van het getto voortdurend geconfronteerd zijn geweest met de ellendige omstandigheden aldaar. Het getto was in maart 1941 opgezet, nadat al 40.000 Joden Krakau uitgezet waren naar steden in de omgeving en er nog 11.000 overgebleven waren. Deze overgebleven Joden werden in het getto opgesloten, samen met Joden uit gemeenschappen in de omgeving van de stad. Tegen het einde van 1941 leefden er 18.000 Joden in het overbevolkte getto. Ze werkten in fabrieken, zoals die van Schindler.

    In maart 1942 ging Aktion Reinhard van start met als doel de uitroeiing van alle Joden in het Generalgouvernement. De eerste omvangrijke deportatieactie in het getto van Krakau vond plaats tussen 28 mei en 8 juni 1942. Tijdens deze Aktion werden 300 Joden ter plekke gedood en 6.000 gedeporteerd naar vernietigingskamp Belzec. Dat was bijna ook gebeurd met Abraham Bankier, Schindlers bedrijfsleider, en dertien andere werknemers. Zij waren willekeurig opgepakt, want als dwangarbeiders waren ze eigenlijk vrijgesteld van transport. Schindler werd gewaarschuwd en toen hij op het station arriveerde, zaten ze al in de veewagons. Hij wist hen eruit te krijgen. Het einde van de deportaties was echter nog niet in zicht; een tweede Aktion vond plaats in oktober 1942. Hierbij werden 7.000 Joden naar Belzec en Auschwitz afgevoerd, terwijl er 700 ter plaatse werden doodgeschoten. In maart 1943 werd besloten om het getto definitief op te heffen. De ontruiming van het getto vond plaats op 13 en 14 maart en werd aangevoerd door SS-Hauptsturmführer Amon Göth, de commandant van kamp Plaszow. 700 Joden werden ter plaatse vermoord en 2.300 Joden werden afgevoerd naar Auschwitz. De overgebleven Joden, waaronder Schindlers werknemers, kwamen terecht in het kamp Plaszow.

    Kamp Plaszow was binnen de stadsgrenzen van Krakau in de zomer van 1942 opgezet als dwangarbeiderskamp. In januari 1944 werd het een concentratiekamp. Amon Göth was er commandant van februari 1943 tot september 1944. Overlevenden van het kamp zijn het er over eens: Göth was een sadist die er genoegen in schepte om eigenhandig gevangenen te mishandelen en vermoorden. Aan het hardvochtige kampregime van deze man waren nu ook Schindlers Joodse werknemers overgeleverd. Paradoxaal genoeg ging Schindler op kameraadschappelijke wijze om met de man die door zijn werknemers zo gevreesd en gehaat werd. Hij was vaak aanwezig op de feestjes in de villa van Göth waar beide mannen zich, samen met hooggeplaatste SS’ers en Gestapo-functionarissen, vermaakten met drank en vrouwen. Daarin zijn er grote gelijkenissen tussen de brute kampcommandant en de menslievende zakenman: allebei leefden ze een losbandig leven waarin overmatig alcoholgebruik en vrouwen een prominente rol vervulden. Toch schuilde er meer achter de vermeende kameraadschap tussen de twee mannen.

    Door zijn goede relatie met Göth wist Schindler het voor elkaar te krijgen om van de kampcommandant toestemming te krijgen tot de oprichting van een subkamp voor zijn Joodse werknemers. Schindlers motivering daarvoor naar de betrokken nazifunctionarissen was dat zijn medewerkers dan niet dagelijks een tocht moesten maken van het kamp naar de fabriek en terug. Wanneer zijn medewerkers op het fabrieksterrein verbleven, zouden ze meer energie overhouden voor hun werk. Dit zou de productiviteit vergroten en dus gunstig zijn voor de Duitse oorlogsproductie. Niet alleen door zijn overtuigingskracht, maar ook door smeergelden wist Schindler Göth en zijn superieuren over te halen tot de bouw van het Nebenlager Emalia. Met de bouw daarvan werd vermoedelijk in het voorjaar van 1943 begonnen. Er werden drie grote barakken met een capaciteit van ongeveer 300 gevangenen gebouwd, twee voor de mannen en één voor de vrouwen. Niet alleen zijn eigen Joodse werknemers, maar ook 450 arbeiders van naastgelegen fabrieken werden hier gehuisvest.

    In vergelijking met kamp Plaszow was het Nebenlager een paradijs. De gevangenen leefden er niet met de voortdurende doodsdreiging en werden door Schindler beschermd tegen het geweld dat in Plaszow zo gebruikelijk was. Een groot verschil was ook de voedselvoorziening, want Schindler gaf hen extra voedsel dat aangeschaft werd op de zwarte markt. Alles duidt erop dat Schindler dit deed uit menslievendheid als reactie op alle terreur die hij in zijn omgeving zag. Bijkomend voordeel van dit alles was echter wel dat zijn werknemers door de relatief bijzonder gunstige omstandigheden in het Nebenlager beter presteerden. Zowel lichamelijk als geestelijk waren ze er veel beter aan toe dan gebruikelijk was in de dwangarbeiderskampen van nazi-Duitsland. Door hun productiviteit kon Schindler meer geld verdienen.

    Definitielijst

    Generalgouvernement
    Dat deel van het Poolse gebied dat sinds september 1939 door de Duitsers was bezet. Was een autonoom deel van Grossdeutschland. In augustus 1941 werd Oost-Galicië aan het Generalgouvernement toegevoegd. Het werd door uitsluitend Duitsers bestuurd onder leiding van Generalgouverneur Hans Frank. Het zou uiteindelijk een volwaardige Duitse provincie moeten worden bevolkt door Duitse kolonisten.
    getto
    Grotendeels van de buitenwereld afgescheiden stadswijk voor Joden. Het aanstellen van getto's had als doel om Joden uit het dagelijkse leven te weren. Vanuit getto's konden Joden bovendien gemakkelijker gedeporteerd worden naar de concentratie- en vernietigingskampen. Ook bekend als 'Judenviertel' ofwel 'Joodse wijk'.
    nazi
    Afkorting voor een nationaal socialist.
    vernietigingskamp
    Kamp waar tijdens de Tweede Wereldoorlog grote groepen mensen (voornamelijk Joden en zigeuners) door de SS werden geliquideerd door middel van vergassing. Auschwitz, Treblinka en Majdanek zijn drie voorbeelden van vernietigingskampen.

    Afbeeldingen

    Schindler met enkele van zijn Joodse en Poolse werknemers in Krakau, 1940. Bron: Yad Vashem.
    Kampcommandant Amon Göth in concentratiekamp Plaszow. Bron: USHMM.
    Joodse gevangenen verrichten dwangarbeid in concentratiekamp Plaszow. Bron: USHMM.

    Belangrijke contacten en arrestaties door de Gestapo

    Dat Oskar Schindler zijn Joodse werknemers in dienst kon houden, terwijl de uitroeiing van de Joden in het Generalgouvernement in volle gang was, was voor een belangrijk deel te danken aan zijn contacten. Eerder noemden we al zijn vriendschappelijke omgang met Amon Göth, maar ook met hoger geplaatste functionarissen stond hij op goede voet. Sommige contacten stamden nog uit de periode dat hij werkzaam voor de Abwehr. Een belangrijke contactpersoon van Schindler was Generalleutnant Maximilian Schindler, het hoofd van de Rüstungsinspektion (bewapeningsinspectie) van de Wehrmacht in het Generalgouvernement. De mannen hadden dezelfde achternaam, maar waren geen familie van elkaar, alhoewel dit Oskar wel in zijn voordeel speelde, omdat hij anderen in de waan liet dat de generaal en hij verwanten waren. Maximilian Schindler hielp Oskar aan belangrijke wapencontracten met de Wehrmacht, zodat zijn fabriek als “onontbeerlijk voor de oorlogsinspanning” werd beschouwd en hij daarom zijn Joodse werknemers in dienst kon houden. Schindler produceerde echter tot dusver enkel potten en pannen die weliswaar afgenomen werden door de Wehrmacht, maar eigenlijk niet van wezenlijk belang waren voor de oorlogsproductie. Daarom begon Schindler in de zomer van 1944 ook met de productie van wapens. Veel had dit echter niet om het lijf, want de wapenproductie bleef ondergeschikt aan de productie van emailwaren. In zijn financiële verslag van 1945 stelde Schindler dat hij in Emalia voor 15.800.000 rijksmark aan emailwaren had geproduceerd, tegenover militaire goederen ter waarde van niet meer dan 500.000 rijksmark.

    Schindlers contacten binnen de Wehrmacht en andere belangrijke organisaties in het Generalgouvernement waren ook belangrijk voor zijn eigen veiligheid. Door zijn kameraadschappelijke omgang met zijn Joodse werknemers en de moeite die hij deed om hen te helpen overleven, was hij bijzonder kwetsbaar, want zulk uitzonderlijk gedrag was ongewenst volgens de nazi-normen. De Gestapo hield hem nauwlettend in de gaten en arresteerde hem in totaal drie keer. De eerste keer had nog niks te maken met zijn Joodse werknemers; het vond plaats toen hij nog voor de Abwehr werkzaam was in Moravisch Ostrava. In 1939 had een Poolse dief bij hem ingebroken en dit had hij niet gemeld bij de Gestapo. Dat werd hem kwalijk genomen omdat hij indertijd mogelijk geheime informatie in huis had. De tweede keer dat hij gearresteerd werd, was eind 1941, begin 1942, toen hij wel al werkzaam was in Krakau. Hij verklaarde zelf dat hij was gearresteerd wegens “verbroedering met Joden en Polen”. De derde keer dat hij gearresteerd werd, was in de lente van 1942 of 1943. Tijdens een verjaardagsfeestje op de werkvloer had hij voor het oog van de aanwezigen zowel Joodse als Poolse vrouwen gezoend. Iemand had de Gestapo hierover ingelicht. Hij werd overgebracht naar de gevreesde Gestapogevangenis in Montelupich. Net als alle andere keren kwam hij ook nu algauw vrij. Meerdere van zijn belangrijke relaties waren ingelicht en bij zijn vrijlating zou SS-Oberführer Julian Scherner, SS und Polizeiführer in de regio Krakau, verklaard hebben dat hij door zeventien mensen gebeld was die voor Schindler instonden en om zijn vrijlating hadden aangedrongen. Hij werd keurig door Gestapo-agenten naar huis teruggebracht.

    Wat de Gestapo nooit ontdekt heeft, was dat Schindlers hulp aan Joden vanaf 1943 verder ging dan enkel zijn activiteiten in Krakau. In dat jaar begon hij namelijk met het verrichten van koerierswerk voor het Joint Rescue Committee van de Jewish Agency in Palestina. Hij reisde naar Boedapest om daar met de vertegenwoordigers van deze Joodse hulporganisatie te spreken over het lot van de Joden in het Generalgouvernement en de mogelijkheden om hen te helpen. Ook in Krakau sprak hij met deze vertegenwoordigers. Bovendien smokkelde hij geld, goederen en brieven die voor de Joden in kamp Plaszow bestemd waren. In kamp Plaszow was Itzhak Stern een belangrijke contactpersoon voor Schindler en voor de Jewish Agency.

    Definitielijst

    Generalgouvernement
    Dat deel van het Poolse gebied dat sinds september 1939 door de Duitsers was bezet. Was een autonoom deel van Grossdeutschland. In augustus 1941 werd Oost-Galicië aan het Generalgouvernement toegevoegd. Het werd door uitsluitend Duitsers bestuurd onder leiding van Generalgouverneur Hans Frank. Het zou uiteindelijk een volwaardige Duitse provincie moeten worden bevolkt door Duitse kolonisten.
    nazi
    Afkorting voor een nationaal socialist.

    Afbeeldingen

    Schindler (derde van links) vermaakt zich op een feestje met Duitse officieren in Krakau, 28 april 1942. Bron: Yad Vashem.
    Schindler tijdens datzelfde feestje. Bron: USHMM.

    Ontmanteling van het Nebenlager en de Lijst

    Gedurende de laatste twee oorlogsjaren botsten de belangen van de uitvoerders van de Endlösung, vertegenwoordigd door de SS, met die van de oorlogsindustrie, vertegenwoordigd door de Wehrmacht. Er was een groot tekort aan arbeidskrachten en ondanks dat het de doelstelling van Aktion Reinhard was om alle Joden in het Generalgouvernement te vermoorden, werd in meerdere fabrieken en werkplaatsen nog gebruik gemaakt van Joodse dwangarbeiders. Vanuit kamp Plaszow werden in 1943 enkele duizenden Joden overgebracht naar wapenfabrieken in Duitsland en Polen. Voor Schindler werkten in de zomer van 1944 ook nog altijd ongeveer 1.000 Joodse werknemers. Als gevolg van het oprukkende Rode Leger werden steeds meer fabrieken in het Generalgouvernement ontmanteld en werden de bedrijfsactiviteiten naar het westen verplaatst. De productie in Schindlers Emalia-fabriek zou nog tot het begin van 1945 door 650 Poolse arbeidskrachten worden voortgezet, maar hij moest in augustus 1944 beginnen met de ontmanteling van het Nebenlager waar zijn Joodse werknemers ondergebracht waren. Hij kreeg toestemming om voorlopig 300 van zijn Joodse arbeiders in dienst te houden, terwijl de overige 700 werden afgevoerd naar Plaszow. Een groot aantal van hen werd uiteindelijk afgevoerd naar concentratiekamp Mauthausen in Oostenrijk. Toen Schindler getuige was van een transport, waarbij enkelen van zijn oud-werknemers betrokken waren, kocht hij Amon Göth om om drinkwater in de veewagons te laden en de wagens nat te spuiten om te zorgen voor verkoeling op de warme zomerdag. Ook voorzag hij de treinbewakers van schnaps en sigaretten en verzocht hij hen om de schuifdeuren van de wagons te openen wanneer de treinreis onderbroken werd.

    Schindler kon de deportatie van sommigen van zijn oud-werknemers naar Mauthausen niet voorkomen, maar was vastbesloten om zijn reddingswerk voort te zetten. Hij wilde met de overgebleven Joden een deel van zijn productie voortzetten in het Sudetenland, maar werd hierin tegengewerkt door plaatselijke functionarissen die geen Joodse arbeidskrachten wilden toelaten. Ook Amon Göth verzette zich tegen de verplaatsing van zijn gevangenen, maar daaraan kwam een eind toen hij op 13 september 1944 door de SS werd gearresteerd op beschuldiging van corruptie, mishandeling en moord. Schindler werd eveneens gearresteerd omdat hij verdacht werd van het betalen van steekpenningen aan Göth, maar kwam na acht dagen al vrij. Uiteindelijk kreeg Schindler het door smeergelden te betalen en dankzij zijn relaties met belangrijke functionarissen voor elkaar om met 300 Joodse vrouwen en 700 Joodse mannen een fabriek in Brünnlitz te openen. Nu begon een belangrijke episode in het verhaal van Schindlers reddingsactie, namelijk de totstandkoming van de Lijst.

    De kijker van “Schindler’s List” zal zich opnieuw verbazen, want terwijl we in de film zien hoe Schindler samen met Stern de lijst opstelde, hadden ze hier in werkelijkheid beiden niet veel mee te maken. De samensteller van de lijst met daarop de 1.000 gevangenen uit Plaszow die zouden worden overgebracht naar Brünnlitz was Marcel Goldberg. Hij was de corrupte assistent van de nieuwe kampcommandant van Plaszow, SS-Hauptscharführer Franz Josef Müller. Goldbergs taak was het samenstellen van transportlijsten. De namen op de uiteindelijke transportlijst betroffen onder meer de namen van vooraanstaande Joden uit het vooroorlogse Krakau of belangrijke Joodse functionarissen uit kamp Plaszow. Sommige Joden hadden hun plek op de lijst kunnen kopen. Slechts ongeveer een derde van de Joden op de lijst was werknemer van Schindler. Veel Joden die langdurig voor Schindler hadden gewerkt, waren immers al naar Mauthausen afgevoerd. Andere Joden op de lijst waren bijvoorbeeld de werknemers van Julius Madritsch. Deze Weense zakenman was de eigenaar van twee confectiebedrijven en een naaiatelier in Krakau. Net als Schindler behandelde hij zijn Joodse werknemers goed. Na de oorlog werden hij en zijn bedrijfsleider, Raimund Titsch, net als Oskar en Emilie Schindler, door Yad Vashem onderscheiden als Rechtvaardigen onder de Naties.

    Er is ook niet sprake van één “Schindlerlijst”, maar van meerdere. De oorspronkelijke lijsten van Goldberg zijn gedateerd 21 oktober 1944, maar die verschilden wezenlijk van die van het voorjaar van 1945. Toen waren er meerdere namen van de oorspronkelijke lijsten van Goldberg geschrapt en vervangen voor andere. Bovendien arriveerden er in Brünnlitz, nadat de 1.000 Joden uit Plaszow gearriveerd waren, nog enkele kleinere transporten die ook toegevoegd konden worden aan de definitieve lijst. De lijst die door Yad Vashem wordt beschouwd als “de originele lijst” is gedateerd 18 april 1945 en bevat de namen van 801 mannen en 297 vrouwen. Dat is bijna 100 meer ten opzichte van de 1.000 Joodse werknemers waarmee begonnen werd.

    Definitielijst

    Endlösung
    Eufemistische term, letterlijk eindoplossing, waarbij met oplossing bedoeld werd de oplossing voor het Jodenprobleem zoals dat door de nationaal-socialisten was geconstateerd. De Endlösung zou uiteindelijk vorm krijgen in de pogingen van de nazi's om het gehele Joodse volk in Europa uit te roeien in speciaal daarvoor ingerichte vernietigingskampen.
    Generalgouvernement
    Dat deel van het Poolse gebied dat sinds september 1939 door de Duitsers was bezet. Was een autonoom deel van Grossdeutschland. In augustus 1941 werd Oost-Galicië aan het Generalgouvernement toegevoegd. Het werd door uitsluitend Duitsers bestuurd onder leiding van Generalgouverneur Hans Frank. Het zou uiteindelijk een volwaardige Duitse provincie moeten worden bevolkt door Duitse kolonisten.
    Mauthausen
    Plaats in Oostenrijk waar de nazi’s van 1938 tot 1945 een concentratiekamp gevestigd hadden.
    Rode Leger
    Leger van de Sovjetunie.
    Yad Vashem
    Yad Vashem is Israëls nationale Holocaustmonument, waar naast Joodse slachtoffers en verzetshelden ook niet-Joodse helpers van Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog geëerd worden. Deze niet-Joodse helpers worden Rechtvaardigen onder de Volkeren genoemd. Tot halverwege de jaren ’90 werden bomen geplant voor deze redders. In 1996 werd een speciale herdenkingstuin opgericht waar alle namen van de helpers te vinden zijn. Jaarlijks komen er nieuwe namen bij.

    Afbeeldingen

    Pagina van de lijst van 18 april 1945 die door Yad Vashem bestempeld wordt als “de originele lijst”. Bron: Yad Vashem.

    Arbeitslager Brünnlitz

    De nieuwe fabriek van Oskar Schindler heette officieel Arbeitslager Brünnlitz. Het was een subkamp van concentratiekamp Gross-Rosen. Op 15 maart 1944 vertrokken de 700 mannelijke arbeiders voor Schindlers nieuwe fabriek vanuit Plaszow in een transport van 4.000 man richting concentratiekamp Gross-Rosen voor een periode van quarantaine. Vandaar werden ze op 21 oktober op transport gezet naar Brünnlitz waar ze de volgende dag aankwamen. De 300 vrouwelijke arbeiders vertrokken op 21 oktober 1944 in een transport van in totaal 2.000 vrouwen. Ze kwamen via het vernietigingskamp Auschwitz terecht in Brünnlitz. In “Schindler’s List” is dit een dramatisch moment: de vrouwen zouden per abuis in Auschwitz terecht gekomen zijn en liepen een groot risico om vergast te worden. In werkelijkheid was de tussenstop die de vrouwen van 22 oktober tot 10 of 12 november in Auschwitz maakten vermoedelijk minder dramatisch. In Gross-Rosen waren geen faciliteiten en ontbrak personeel dat een vrouwentransport kon opvangen, waardoor ze in Auschwitz terechtkwamen. Schindler reisde ook niet, zoals in de film, in allerijl af naar Auschwitz om zijn vrouwen daar vrij te krijgen. Hij was er echter niet op gerust toen het vrouwentransport dagen nadat de mannen gearriveerd waren, nog niet aangekomen was. Vermoedelijk benutte hij zijn militaire contacten in Berlijn om bij de leiding van de concentratiekampen in Oranienburg zijn vrouwen op transport te krijgen.

    Naast de 1.000 Joodse werknemers waren ook 20 Duitse en 50 Poolse personeelsleden overgekomen vanuit Krakau om Schindler bij te staan in de bedrijfsvoering in Brünnlitz. De SS had 100 SS-bewakers toegewezen aan het Arbeitslager onder aanvoering van SS-Obersturmführer Josef Leipold. Schindler moest voorzien in het levensonderhoud van de gevangenen, maar ook in dat van de personeelsleden en de kampbewakers. De kampbewakers voorzag hij tevens van drank en rookwaren, zodat ze hem gunstig gezind waren en ze zijn Joodse werknemers met rust lieten. Voor dat voedsel en die luxegoederen was hij opnieuw afhankelijk van de zwarte markt. In de loop der tijd werd het echter zo moeilijk om aan voedsel te komen dat Schindler soms reizen van meer dan 250 kilometer moest maken om eraan te komen. Kort na de oorlog berekende hij dat hij in totaal 80.000 rijksmark had uitgegeven aan voedsel en medicijnen voor het kamp. Verder werd hij geholpen door plaatselijke weldoeners: de eigenaar van een graanfabriek en een groothandelaar in kruidenierswaren met wie hij op school had gezeten. Naast het tekort aan voedsel was er ook een tekort aan medicijnen. Die waren vooral van levensbelang toen er in het kamp transporten arriveerden met vanuit andere kampen geëvacueerde gevangenen.

    Het eerste transport arriveerde op 29 januari 1945 vanuit het werkkamp Golleschau, een subkamp van Auschwitz. Sommige gevangenen waren tijdens de reis doodgevroren, maar ook de overlevenden waren er slecht aan toe. In totaal waren er 81 overlevenden, maar 10 van hen kwamen gedurende de maanden februari en maart nog om, ondanks de goede zorgen van Oskar, maar bovenal van zijn vrouw Emilie. Terwijl zij in Krakau slechts een bijrol vervulde, trad ze in Brünnlitz meer op de voorgrond en speelde ze een belangrijke rol bij het redden van de Joden. Zo zette ze een ziekenboeg op waar ze zich, samen met enkele Joodse artsen, ontfermde over de zieken. Die winter maakte ze zelfs een gevaarlijke reis naar Moravisch Ostrava met koffers vol wodka om medicijnen te kopen. Een tweede transport arriveerde vijf dagen later, dit keer uit het kleine dwangarbeiderskamp Landskron. Het ging om slechts zes gevangenen, waarvan er twee binnen een maand stierven. De doden van beide transporten werden, tegen alle regels van nazi-Duitsland in, begraven volgens de Joodse rituelen. Ook zou er nog een transport van 30 gevangenen arriveren vanuit Geppersdorf.

    Een voortdurende zorg van Oskar Schindler was ook om de schijn op te houden dat zijn fabriek van wezenlijk belang was voor de oorlogsproductie. Opnieuw gebruikte hij hiervoor zijn contacten en zijn overtuigingskracht. De bedrijfsleiding deed het voorkomen alsof er hard aan de productie werd gewerkt, maar in werkelijkheid werd er bijzonder weinig geproduceerd. Schindler wimpelde dit weg en weet het aan opstartproblemen van zijn fabriek. Terwijl hij gedurende de jaren in Krakau voor een bedrag van ongeveer 15.000.000 rijksmark emailwaren had verkocht en voor 500.000 rijksmark aan wapens, werd er in Brünnlitz slechts een enkele wagonlading munitie ter waarde van 35.000 rijksmark geproduceerd. Om zijn fabrieken draaiende te houden en zijn gevangenen in leven te houden moest hij de winsten van Krakau gebruiken om zijn uitgaven ermee te betalen. Zo slonk zijn financiële vermogen aanzienlijk gedurende de laatste oorlogsmaanden. Na de oorlog schatte hij dat het hem in totaal 2.640.000 rijksmark had gekost om zijn Joden te redden. Hij hield zo weinig over dat hij na de oorlog afhankelijk zou worden van financiële steun van Joodse hulporganisaties.

    Definitielijst

    nazi
    Afkorting voor een nationaal socialist.
    vernietigingskamp
    Kamp waar tijdens de Tweede Wereldoorlog grote groepen mensen (voornamelijk Joden en zigeuners) door de SS werden geliquideerd door middel van vergassing. Auschwitz, Treblinka en Majdanek zijn drie voorbeelden van vernietigingskampen.

    Afbeeldingen

    De bouw van Schindlers fabriek in Brünnlitz,oktober 1944. Bron: USHMM.
    Joodse dwangarbeiders aan het werk tijdens de bouw van de fabriek in Brünnlitz, oktober 1944. Bron: USHMM.
    Toegangspoort naar de voormalige fabriek van Schindler in Brünnlitz. Bron: STIWOT Forum.
    Links het gebouw waar Schindlers vrouwelijke medewerkers ondergebracht waren. Rechts het mannenverblijf en een deel van de productiehal. Bron: STIWOT Forum.
    In dit gebouw had Schindler zijn kantoor. Bron: STIWOT Forum.

    Afscheid, vlucht naar Duitsland en emigratie

    Op 20 januari bevrijdde het Rode Leger concentratiekamp Plaszow. Daar troffen ze niemand meer aan, want de laatste gevangenen waren op 14 januari 1945 op transport gezet. Nu het Sovjetleger verder oprukte, moest Schindler voorkomen dat zijn kamp ook geëvacueerd en geliquideerd zou worden. Als dat zou gebeuren, was de kans namelijk groot dat zijn Joodse werknemers dat niet zouden overleven. Hij wist het voor elkaar te krijgen dat SS-Obersturmführer Josef Leipold en zijn manschappen in april naar het front vertrokken en werden vervangen door oudere SS’ers die zich kalmer gedroegen en die hij beter onder controle had. Voor de veiligheid van hun Joodse werknemers was gezorgd, maar Oskar en Emilie moesten ook aan hun eigen toekomst denken. Ze wilden niet in handen vallen van het Sovjetleger en namen op 8 mei afscheid van hun werknemers. Er werd een afscheidsfeestje gehouden waarop Schindler een toespraak hield. Hij benadrukte zijn Joodse werknemers dat ze “waakzaam en ordelijk” moesten blijven en dat ze “rechtvaardige en menswaardige beslissingen moesten nemen”. Daarna bedankte hij ook zijn Duitse personeelsleden “voor hun onbaatzuchtige inspanningen” en de nieuwe SS-bewakers voor hun “buitengewoon menselijke en correcte opstelling”. De toespraak werd gevolgd met drie minuten stilte voor de “ontelbare slachtoffers” die gedurende de “afschuwelijke jaren” van de oorlog waren omgekomen. Voordat Oskar met Emilie en enkele anderen op 9 mei om 0:05 uur zouden vertrekken richting het Amerikaanse front, schonken de Joden hem een gouden ring en een schriftelijke verklaring waarin stond dat hij vanaf 1942 alles had gedaan “om de levens van zoveel mogelijk Joden te redden”. Volgens Thomas Keneally stond in de ring de volgende uitspraak uit de Talmoed gegraveerd: “Wie een enkel leven redt, redt de hele wereld.”

    Het Rode Leger bevrijdde Brünnlitz op 9 mei 1945. Oskar en Emilie waren er niet in geslaagd om de Sovjetopmars voor te blijven. Verkleed als kampgevangenen wisten ze echter te voorkomen dat ze gevangen werden genomen. Uiteindelijk kwamen ze dan toch terecht in de Amerikaanse bezettingszone waar hen een reispas werd verstrekt door een Amerikaanse luitenant van Duits-Joodse afkomst. Dankzij de steunbetuigingen van de Schindler-Joden hoefde Oskar niet onder te duiken en werd hij niet onderworpen aan een langdurig denazificatieproces. In de herfst van 1945 vestigden Oskar en Emilie zich in Regensburg waar ze tot 1949 zouden verblijven. Oskar vond in 1947 een baan als importeur van metaalwaren en machines op het Münchense kantoor van de Jewish Agency van Palestina. Toen dat kantoor in 1948 gesloten werd, stond hij echter op straat. De Schindlers hoopten op een nieuw leven in het buitenland en zo ontstond het plan om te emigreren naar Argentinië. Dankzij de financiële steun van de American Jewish Joint Distribution Committee kon Oskar daar een bedrijfje beginnen.

    Op 3 november 1949 arriveerde het schip met aan boord de Schindlers in Buenos Aires. In het najaar van 1950 zette Oskar een kleine boerderij op in San Vicente. Aanvankelijk fokten ze hier slachtkippen en leghennen, maar vanaf 1953 gingen ze over op otters voor bontjassen. Succesvol was hun bedrijf niet, want allebei hadden ze geen verstand van de bontfokkerij. Oskar liet de bedrijfsvoering algauw over aan Emilie. Hun financiële situatie verslechterde, net als hun huwelijk. In 1958 keerde Oskar terug naar Duitsland, zonder Emilie die in Argentinië achterbleef. Ze zouden elkaar nooit meer zien.

    Definitielijst

    Rode Leger
    Leger van de Sovjetunie.

    Afbeeldingen

    Schindler (staand, tweede van rechts) met enkele door hem geredde Joden in München, 1946. Bron: USHMM.
    Oskar en Emilie in 1946.

    Terug in Duitsland, erkenning en overlijden

    Teruggekeerd in Duitsland vestigde Oskar Schindler zich in Frankfurt en later in Hildesheim. Zakelijk gezien ging het Schindler, net als in Argentinië, niet voor de wind. Hij hoopte een succesvolle onderneming over te kunnen nemen, maar het bedrijf dat hij in 1962 overnam, ging het volgende jaar alweer failliet. Zijn leven in de jaren zestig stond in het teken van ernstige financiële en gezondheidsproblemen. Uit één zaak putte hij moed en dat waren zijn contacten met de Schindler-Joden die hem vereerden als hun redder. Hij bezocht in 1961 voor het eerst Israël en zou het land in totaal zeventien keer bezoeken. In die jaren zette hij zich in om de contacten tussen Duitsland en Israël te verstevigen. Bij zijn eerste bezoek werd hij onthaald door meer dan 200 van zijn oud-werknemers. Al sinds het eind van de jaren 40 hadden de Schindler-Joden getracht om grotere bekendheid te geven aan de inspanningen van Schindler tijdens de oorlog om hen te redden. Er verschenen meerdere artikelen hierover in kranten en tijdschriften in de Verenigde Staten en Europa.

    In 1962 zou hij door Yad Vashem tot Rechtvaardige onder de Volkeren worden erkend, maar het liep anders dan verwacht. Over Schindlers erkenning tot Rechtvaardige ontstond namelijk veel commotie als gevolg van de openlijke beschuldigingen van diefstal en mishandeling door Nathan Wurzel en Julius Wiener. Op 1 mei 1962 mocht Schindler een Johannesboom planten aan de Laan van de Rechtvaardigen bij Yad Vashem, maar na een onderzoek door een speciale commissie werd het besluit genomen dat hem de erkenning als Rechtvaardige onthouden werd en hem geen getuigschrift en een medaille toegekend werd. Voor de buitenwereld maakte dit geen verschil, want de boom die hij had geplant bleef staan en in de praktijk werd hij ondanks alles beschouwd als Rechtvaardige. Op 24 juni 1993, na zijn overlijden, volgde alsnog de officiële erkenning. Ook Emilie werd toen erkend als Rechtvaardige en haar naam werd toegevoegd op de plaquette voor de boom van Oskar aan de Laan van de Rechtvaardigen.

    Met Oskars gezondheid ging het in de jaren 70 steeds slechter. Hij leed aan hartklachten en ernstige suikerziekte. In december 1973 kreeg hij een hartinfarct waarna hij aan zijn rechterzijde verlamd raakte. Op 24 september 1974 werd hij opgenomen in het St. Bernward ziekenhuis in Hildesheim waar hij een pacemaker zou krijgen. Tijdens de operatie raakte hij in coma. Hij kwam niet meer bij bewustzijn en overleed op 9 oktober 1974. Hij werd begraven in Jeruzalem in het bijzijn van veel Schindler-Joden. Tegenwoordig wordt zijn graf gerekend tot de drukst bezochte in Jeruzalem.

    Emilie was niet aanwezig op de begrafenis van haar man. Ze was wel, samen met meerdere Schindler-Joden, aanwezig tijdens de opname van een belangrijke scène in “Schindler’List” die plaatsvond bij het graf van Oskar. Die film kwam uit in 1993 en was gebaseerd op het boek “Schindler’s Ark”, geschreven door Thomas Keneally en uitgebracht in 1982. De film werd een groot succes en gaf veel bekendheid aan het verhaal over Oskar Schindler en de geschiedenis van de Holocaust. Emilie was niet tevreden over de film, onder andere omdat ze vond dat aan haar rol bij de redding van de Joden onvoldoende recht werd gedaan. In interviews kwam ze in die tijd mede door haar kritieken op Oskar over als een verbitterde vrouw. Vergeten moet niet worden dat Oskar niet bepaald de ideale echtgenoot was geweest en dat Emilie inderdaad een belangrijkere rol speelde bij de redding van de Joden dan dat we in de film zien. In haar memoires van 1996 was ze echter milder. Op 6 oktober 2001 overleed ze, zestien dagen voor haar 94ste verjaardag, aan een beroerte. Ze ligt begraven op de begraafplaats van Waldkraiburg ten oosten van München.

    Definitielijst

    Holocaust
    Aanduiding voor de vernietiging van het Europese Jodendom door de nazi's. Holokauston is de Griekse benaming voor een geheel verbrande offergave.
    Yad Vashem
    Yad Vashem is Israëls nationale Holocaustmonument, waar naast Joodse slachtoffers en verzetshelden ook niet-Joodse helpers van Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog geëerd worden. Deze niet-Joodse helpers worden Rechtvaardigen onder de Volkeren genoemd. Tot halverwege de jaren ’90 werden bomen geplant voor deze redders. In 1996 werd een speciale herdenkingstuin opgericht waar alle namen van de helpers te vinden zijn. Jaarlijks komen er nieuwe namen bij.

    Afbeeldingen

    Oskar Schindler (midden) met de Duitse kanselier Konrad Adenauer in 1960. Bron: USHMM.
    Schindler in 1970 bij de door hem geplante boom aan de Laan van de Rechtvaardigen. Bron: USHMM.
    Schindlers graf in Jeruzalem. Bron: en.wikipedia.org.
    Getuigenis van een Holocaustoverlevende die zijn leven dankt aan Oskar Schindler Bron: Yad Vashem.