Voetballen in oorlogstijd

Harry Walstra schreef het boek 'We proberen weer gewoon te doen...voetballen in oorlogstijd.' De titel is een citaat van een sportjournalist, opgetekend net na de capitulatie in mei 1940. Natuurlijk verliep er de jaren nadien weinig zoals het voorheen ging. De verhalen in het boek illustreren dat. Ze gaan over voetballers en voetbalclubs die op allerlei manieren met de oorlog te maken kregen. Oude voetbalhelden werden afgeschreven omwille van hun Joodse afkomst. Anderen werden kampcommandant of SS'er, verzetsman of collaborateur. De één kon vluchten, de ander kwam om. Ook de manier waarop er op wat men in de oorlog deed of naliet werd teruggekeken, verschilt van geval tot geval. Maar het voetbal ging eigenlijk altijd door.



Walstra werd geboren in Sneek en woont ook tegenwoordig in Friesland, maar hij groeide in de jaren ’70 op in het nabij de Duitse grens gelegen Emmen. In een tijdperk vol sportzenders en de mogelijkheid online elke goal, ingooien en corner tot vervelens toe terug kijken is het lastig voor te stellen , maar voor de jonge voetbalgek was het feit dat je te Emmen in het weekend wedstrijden uit de Duitse Bundesliga op tv kon zien meer dan een mooie bijkomstigheid. “Zo kwam ik met de Duitse taal in aanraking, en ik vind Duitsland een mooi land. Vroeger voetbalde ik zelf, later ben ik er in mijn vrije tijd over gaan schrijven.”

Walstra schreef in de afgelopen tien jaar zeven boeken, waaronder bundels met voetbalverhalen en en ‘Poerbêst’, vol interviews met Friese topsporters uit heden en verleden. Recent verscheen van zijn hand dus ‘We proberen weer gewoon te doen…voetballen in oorlogstijd’, met vooral verhalen over Duitse en Nederlandse spelers en clubs voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog.

Kwam je bij dit onderwerp uit vanuit een belangstelling voor zowel voetbal als de oorlog, of waren het verhalen die je de afgelopen jaren al tegenkwam?

“Beide. In mijn boek ‘Vedette aan de zijlijn’ staan ook al twee voetbalverhalen die gerelateerd zijn aan de Tweede Wereldoorlog. Daarvan heb ik er één opgenomen in het nieuwe boek, maar ik had sowieso al wat aanvullende ideeën. Bij het uitzoeken en schrijven van eerdere boeken kwam ik wel vaker verhalen op het spoor over voetballen in oorlogstijd. Bovendien las ik in mei 2015 in de Leeuwarder Courant een artikel van Peter van der Meren over het tragische lot van voetballer Willem Rienstra. Dat artikel is in het boek opgenomen en vormde, met verhalen die al helemaal of deels af waren en andere ideeën, een mooie basis voor het boek.”

Welk van de verhalen is jouw persoonlijke favoriet?

“Het verhaal over Rein Boomsma vond ik zelf erg mooi. Deze voetballer van onder meer Sparta was in de oorlog verzetsman en kwam in 1943 in Neuengamme om het leven. Het bijzondere was dat ik voor dit hoofdstuk in contact kwam met een kleinzoon en kleindochter van Boomsma, die ik voor het boek ook heb geïnterviewd. Op basis van wat ik online en in boeken vond was het verhaal van Boomsma al min of meer af, maar dat interview met hen hielp wel om het mooi rond te krijgen.”

Ben je ook zaken tegengekomen die je hebben verbaasd of geschokt?

“Als je boeken over de Tweede Wereldoorlog gaat lezen krijg je altijd schokkende dingen onder ogen. Dat was zeker het geval bij het lezen over Otto ‘Tull’ Harder, die kampbewaker en kampcommandant werd, en Rudolf Gramlich, die ondanks zijn verleden als SS’er erevoorzitter van Eintracht Frankfurt werd. Het boek ‘Leg dich, zigeuner’ is een dubbelbiografie van Tull Harder en Johann Trollmann, een bokser en Sinti die in 1943 omkwam in Neuengamme terwijl Harder daar bewaker was. Als je dan leest wat er in die kampen gebeurd is, en dan met name de details over hoe Trollmann aan zijn einde kwam: dat is haast niet te bevatten. Onvoorstelbaar.

Dergelijke schokkende details heb jij overigens niet in je boek verwerkt.

“Over het algemeen niet. Ik heb mijn verhalen wat globaler gehouden. Ik heb de dertien hoofdstukken die ik wilde uitwerken op een rijtje gezet. Daarna ben ik eerst online op zoek gegaan naar informatie en aanvullend heb ik boeken over het thema voetbal en oorlog gelezen. Ik wilde geen complete biografieën schrijven. Ik heb wel een aantal voetballers en wat ze in de oorlog meemaakten beschreven, maar dat zijn bewust vrij korte verhalen gebleven.”

Wat is je verder opgevallen tijdens het schrijven van je boek?

Verhalen zoals deze: in de zomer van 1943 bombardeerden de Engelsen onafgebroken een week lang Hamburg. Er kwamen meer dan 30.000 mensen om het leven en grote delen van de stad waren totaal verwoest. Op 17 oktober 1943, dus een paar maanden later, zaten in dezelfde stad 25.000 toeschouwers in een voetbalstadion gewoon weer naar een bekerwedstrijd te kijken. Wat me verder opviel, zowel in mijn onderzoek als in Duitse tv-programma’s over de Tweede Wereldoorlog, is dat veel Duitsers open zijn over de oorlog, en kritisch op het eigen verleden. Ze stoppen het zeker niet weg, en dat vind ik mooi om te zien.”

Heb je veel respons op het boek gehad?

“Het is geen grote uitgave, ik zal niet zomaar duizend boeken verkopen en daar is het me ook niet om te doen. Ik ben een liefhebber die het leuk vindt om dingen uit te zoeken en op te schrijven. Reacties komen dus vooral uit mijn directe omgeving. Wat ik wel erg leuk vond was de respons van de kleindochter en kleinzoon van Rein Boomsma. Van hen heb ik hele mooie reacties ontvangen. En daar doe ik het voor.”

Het boek ‘We proberen weer gewoon te doen…voetballen in oorlogstijd’ is verkrijgbaar in de webshop van Boekscout via deze link.

Gebruikte bron(nen)

  • Bron: Vincent Krabbendam (STIWOT)
  • Gepubliceerd op: 10-02-2016 18:42:29