De Eerdse Molen

De Windmolen van Eerde werd verwoest op 24 september 1944 tijdens de slag om de zandduinen. Op de molen bevindt zich een plaquette met de namen van de gesneuvelde soldaten.

In deze windmolen is op maandag 18 september 1944 tegen elf uur 's morgens sergeant Jacob H. Wingard (Pennsylvania, 501 Parachute Infantry Regiment, 101st Airborne Division) door de Duitsers doodgeschoten toen hij van uit de molen vuurleiding gaf. Hij ligt begraven op de Amerikaanse Militaire Begraafplaats Margraten.

Op 24 september lag het 501st Parachute Infantry Regiment in en rond Eerde, net boven de corridor tussen St. Oedenrode en Veghel. Indertijd lagen er aan de zuidwestkant van Eerde er een groot aantal zandduinen, waaronder een aantal dicht bij de Eerdse Molen.

De Duitsers hadden voor die dag meerdere pogingen gepland om de corridor te doorbreken. Het waren de mannen van Kampfgruppe Chill die om 09:00 uur de zandduinen wisten te bereiken. Van daaruit hadden ze een overzicht over de Amerikanen in Eerde en konden deze worden beschoten met artillerie en mortieren. Vier Jagdpanthers van Panzerjšger-Abteilung 559 ondersteunde de aanval.

De verdediging van Eerde werd vooral de verantwoordelijkheid van het 1st Battalion. Maar al snel werd ondersteuning van Britse tanks gevraagd. Deze kwamen in de vorm van A Squadron, 44th Royal Tank Regiment vanuit Veghel. Zij rapporteerden het zien van een eerste Panther-tank [sic] om 09:40 uur. Iets over 11:00 uur worden kort na elkaar drie tanks van A Squadron door de Duitsers uitgeschakeld. Amerikaanse bronnen geven vervolgens aan dat de Britse tanks terugtrokken en het gevecht aan de Amerikanen overlieten. De Britten zelf geven aan dat ze om 11:15 uur terugtrekken op Eerde, om vervolgens om 13:43 uur een nieuwe gezamenlijke aanval te plannen met het gehele 501st Parachute Infantry Regiment. Deze aanval komt echter pas later in de middag op gang.

Company A van 1st Battalion wist vervolgens de Duitsers uit de Duinen te verjagen door de duinen vanuit het zuiden aan te vallen: "Ik zag ze, in tweeŽn en drieŽn, in machinegeweernesten springen. Het was moed zoals ik me dat nooit had voorgesteld Ė bijna dwaze moed Ė en betwijfel of iemand het tegen hen had kunnen opnemen." Na zware hand tegen hand gevechten waren de Duitsers uit de duinen verdreven en was Eerde veiliggesteld.

Op 17 september 2014 werd er in de molen een klein museum geopend. Naast de molen is eveneens een monument voor het 501st Parachute Infantry Regiment.

Voor de actuele bezoekersinformatie, kunt u terecht op de website van het museum.

Heeft u zelf meer informatie over deze locatie? Lever het aan!

Gebruikte bron(nen)

Gerelateerde boeken

10sep

Oorlogsveteraan Dick Klein opent uitbreiding Geronimo museum Eerde

EERDE - Pete Hoekstra, ambassadeur van de VS, WO2-veteraan Richard (Dick) Klein en burgemeester Kees van Rooij van Meierijstad openen op dinsdag 17 september de uitbreiding van het Geronimo museum in de St. Antonius molen in Eerde. Het bijzondere is dat korporaal Dick Klein op 18 september 1944 naast sergeant Jacob Wingard op de steenzolder van de molen stond toen Jacob door een Duitse sluipschutter dodelijk werd getroffen.

Lees meer

29jun

Basisschoolleerlingen zorgen voor oorlogsmonument Eerde. 'Ze zijn gestorven voor onze vrijheid'

Groep 8 van basisschool Petrus en Paulus in Eerde heeft de zorg voor het airborne monument in het dorp overgedragen aan groep 7. Die klas zal komend schooljaar bijdragen aan de herdenkingen rond 75 jaar bevrijding. Het Airborne Comitť Eerde zorgde samen met de Stichting Eerdse Molen voor een bijzondere geschiedenisles. Wat gebeurde er rond die 17 september 1944, de dag dat Amerikaanse soldaten voet op Eerdse bodem zetten om Brabant te bevrijden?

Lees meer