Inleiding

Inleiding
In 1934 waren de standaardjagers van de Duitse Luftwaffe, de Heinkel He 51 en de Arado Ar 68, hard aan vervanging toe. Het luchtvaartministerie schreef dan ook een ontwerpcompetitie uit voor een jager dat snel, licht en wendbaar moest zijn. De Bayerische Flugzeugwerke (Bf) liet haar topconstructeur Willy Messerschmitt een ontwerp maken. Rechtstreeks afgeleid van een ander succesontwerp van Messerschmitt, de Messerschmitt Bf 108 Taiphun, werd een toestel ontwikkeld, aangedreven door een Britse Rolls Royce Kestrel motor met een vermogen van 695 pk. De eendekker, met intrekbaar landingsgestel, was in september 1935 al zover dat de eerste proefvluchten konden beginnen.

Het bleek een veelzijdig type te zijn, snel, wendbaar en stevig. Het sterke landingsgestel maakte de Bf 109 geschikt om vanaf vrijwel elk vliegveld te opereren. De Messerschmitt Bf 109 is ťťn van de meest gebouwde jachtvliegtuigen van de Tweede Wereldoorlog. Toen de productie uiteindelijk werd stilgelegd waren er meer dan 33.000 exemplaren gebouwd.

Over de precieze aantallen, aantallen per type en zelfs het totaal aantal typen, bestaat de nodige verwarring. In de literatuur worden hierover hele verschillende aantallen gegeven. In dit artikel hebben we getracht een zo groot mogelijke concensus te vinden. We onderkennen zeker dat de hier gegeven aantallen en type-aanduidingen discutabel zijn.

Definitielijst

Luftwaffe
Duitse luchtmacht.

Afbeeldingen

De Messerschmitt Bf 109 een Duits succesmodel

Ontwikkeling

Ontwikkeling
Zoals aangegeven, werd de Bf 109 ontwikkeld vanuit haar voorganger, de Bf 108, op basis van de in 1934 afgegeven specificaties van het Reichsluftfahrtministerium (RLM).
Proeven door de Luftwaffe waaraan ook de Arado Ar 80, de Heinkel He 112 en de Focke Wulf Fw 195 deelnamen gaven de doorslag voor het ontwerp van Messerschmitt.
Het prototype, de Bf 109V1 met kenteken D-IABI vloog voor het eerst op 28 mei 1935 en bleek werkelijk superieur. Het toestel werd aangedreven door de Rolls Royce Kestrel II S motor met een vermogen van 695 pk. Voor deze motor was noodgedwongen gekozen omdat de Duitse industrie nog geen krachtig genoeg motortype kon leveren.
Alhoewel het toestel nog een tweebladige, houten propeller had waren de vliegeigenschappen en prestaties dusdanig dat Messerschmitt tien prototypen mocht bouwen.
Het toestel werd aanvankelijk door de Duitse testpiloten met de nodige argwaan bekeken. Op het eerste oog vond men het een kwetsbaar en zwak uiterlijk hebben. De handelbaarheid op de grond was verre van ideaal. De mening van de testpiloten, veranderde echter volledig toen ze eenmaal met het toestel het luchtruim kozen. Het bleek werkelijk superieur tegenover alle concurrenten.

De tweede, de Bf 109V2 met kenteken D-IUDE kreeg als eerste een Duitse motor, de Jumo 210A met een vermogen van 610 pk. Het toestel kwam gereed in oktober 1935. Alhoewel er bij dit toestel al rekening was gehouden met het plaatsen van de bewapening, werd deze nog weggelaten.

De Bf 109V3 werd het eerste bewapende prototype en bedoeld als prototype voor de A-serie. Als bewapening werd gekozen voor twee 7,9 mm MG-17 machinegeweren, aangebracht bovenin de neus. Het toestel vloog voor het eerst in mei 1936. De V4, 5 en 6 werden voorzien van verbeterde motoren en de V3, V4 en V5 werden als eerste operationeel getest tijdens de Spaanse Burgeroorlog vanaf januari 1937. Alle proefnemingen zouden moeten leiden tot de bouw van het eerste productiemodellen 1937, de Bf 109A.

Technische gegevens:

Model: Messerschmitt Bf 109 V1(D-IABI, Werk-nr 758)
Taak: Jachtvliegtuig
Bemanning: 1
Afmetingen: Spanwijdte: 9,89 m
Lengte: 8,88 m
Prestaties: Max. snelheid: 470 km/u
Plafond: 8000 m
Bereik: 660 km
Gewicht: Leeggewicht: 1404 kg
Max. Gewicht: 1800 kg
Motor: Rolls Royce Kestrel II S

Bf of Me?
Er is vaak veel discussie of de Messerschmitt-toestellen, en dan vooral de Bf 109 en Bf 110, aangeduid dienen te worden met Bf of Me.
Vanaf 1 juli 1938, werden de Bayerische Flugzeugewerke AG (Bf) namelijk omgenoemd tot Messerschmitt Ag (Me). Formeel werden bij het RLM, alle typen die voor deze datum op stapel waren gezet (Bf 108, Bf 109 en Bf 110) officieel te boek staan als Bf. In de publiciteit en in het spraakgebruik, werd echter bij deze typen gebruik gemaakt van de aanduiding Me. Omdat we in dit artikel veelal de technische kant van het toestel bespreken, gebruiken we de aanduiding Bf 109, hoewel Me 109 ook toegestaan is.

Afbeeldingen

Bf 109V1
Bf 109V4
Bf 109V6

Messerschmitt Bf 109A/B

Messerschmitt Bf 109A

Deze eerste productieversie zou direct worden afgeleid van de prototypes en zou een bewapening krijgen van twee 7,92 mm mitrailleurs bovenop de neus. Deze bewapening was echter nietig vergeleken bij het Britse concept van acht mitrailleurs. De verdere ontwikkeling werd dan ook stilgelegd en een nieuw concept ontstond. Tot productie van dit type is het dan ook niet gekomen, hoewel de diverse prototypes in sommige literatuur ook wel als de A-serie worden aangeduid.

Messerschmitt Bf 109B "Bertha"
De Messerschmitt Bf 109B, zou de eerste productieserie worden. De eerste series werden voortgestuwd door een houten tweebladige Schwartz propeller en een Jumo 210B motor met een vermogen van 610 pk. Ter verbetering van de bewapening werd een derde 7,92 mm mitrailleur aangebracht in de holle schroefas. In de praktijk was de eerste versie van dit derde wapen echter zeer storingsgevoelig en werd het vaak weer verwijderd. Een voorserie van tien Bf 109B-0 toestellen werd als eerste met het derde wapen uitgerust. De Duitsers begonnen het nieuwe toestel te showen aan de wereld en in 1937 werd met een Bf 109B een nieuw wereldrecord voor landvliegtuigen gevestigd met 608 km/u. Als prototype voor de B-0 serie, werd nog een Bf 109V7 gebouwd. De B-0 serie werd hier rechtstreeks van afgeleid.

Technische gegevens:

Model: Messerschmitt Bf 109 B
Taak: Jachtvliegtuig
Bemanning: 1
Afmetingen: Spanwijdte: 9,87 m
Lengte: 8,55 m
Prestaties: Max. snelheid: 470 km/u
Plafond: 9000 m
Gewicht: Max. Gewicht: 2200 kg
Motor: Junkers Jumo 210B
Bewapening: Drie 7,92 mm MG 17 machinegeweren, twee bovenin de neus en ťťn vurend door de schroefas.

De productie kwam pas goed op gang met de Bf 109B-1 serie in de herfst van 1936. Het type werd uitgerust met een 635 pk zware Jumo 210Da motor en een tweebladige metalen propeller. De allereerste Bf 109B-1 toestellen werden geleverd aan het JG 132 "Richthoven" Geschwader. Er werden 30 Bf 109B-1 toestellen geproduceerd.
De krachten van het toestel waren wereldkundig gemaakt, maar Hitler miste nog ťťn test, de ultieme test in het gevecht. Om deze capaciteiten te testen werden in juli 1937 totaal 24 toestellen naar Spanje gestuurd om daar met het Condor Legioen aan de zijde van Franco te vechten. Ze kwamen onder de hoede van piloten van de, aan het Condor Legioen verbonden, II/Jg 132 en bleken werkelijk superieur aan de tot dan toe gevaarlijke Polikarpov I-15 en Polikarpov I-16 jagers van het Republikeinse leger.

Technische gegevens:

Model: Messerschmitt Bf 109 B-1
Taak: Jachtvliegtuig
Bemanning: 1
Afmetingen: Spanwijdte: 9,90 m
Lengte: 8,70 m
Prestaties: Max. snelheid: 446 km/u
Gewicht: Max. Gewicht: 1955 kg
Motor: Junkers Jumo 210D

Bij de Bf 109B-2 serie, werd de motor vervangen door een Jumo 210E. Bij latere exemplaren werd zelfs een 670 pk zware Jumo 210G motor toegepast. Ook van de Bf 109B-2 serie gingen toestellen naar de Spaanse Burgeroorlog. Hoeveel is niet helemaal duidelijk, waarschijnlijk zijn het er 18 geweest, waarmee het totale aantal Bf 109B toestellen in Spanje op 42 kwam.

Technische gegevens:

Model: Messerschmitt Bf 109 B-2
Taak: Jachtvliegtuig
Bemanning: 1
Afmetingen: Spanwijdte: 9,87 m
Vleugeloppervlak: 16,17 m2
Lengte: 8,55 m
Hoogte: 2,45 m
Prestaties: Max. snelheid: 449 km/u
Gewicht: Leeggewicht: 1580 kg
Max. Gewicht: 2203 kg
Motor: Junkers Jumo 210E met een vermogen van 640 pk of een Jumo 210G met een vermogen van 700 pk
Bewapening: Drie 7,92 mm MG 17 machinegeweren, twee bovenin de neus en 1 vurend door de schroefas

De ervaringen aan het Spaanse front, bracht de Luftwaffe ertoe om een zwaardere bewapening te wensen. Een aantal exemplaren van de Bf 109B werd daarom getest met een 20 mm MG FF kanon vurend door de holle schroefas. Dit bleek echter geen succes. Het kanon weigerde al na enkele schoten dienst. Op basis van de Bf 109B, werd toen een prototype ontwikkeld, de Bf 109V8, met twee MG 17 machinegeweren extra in de vleugels. Hierdoor waren wel wat aanpassingen aan de vleugels noodzakelijk geworden.

Afbeeldingen

Bf 109V7
Bf 109B-1
Bf 109B-2 "Condor Legion" in de Spaanse Burgeroorlog

Messeschmitt Bf 109C/D

Messerschmitt Bf 109C "Clara"
De Bf 109C werd aangedreven door een Jumo 210G motor. Het type was nagenoeg gelijk aan de Bf 109B, maar was zwaarder bewapend. Door het aanbrengen van twee extra mitrailleurs, ťťn in iedere vleugel, was de slagkracht danig toegenomen. De bewapening in de schroefas werd echter achterwege gelaten vanwege de storingsgevoeligheid.
Over het aantal verschillende typen binnen de Bf 109C serie, is veel onenigheid. We houden vooralsnog hier alle mogelijke versies aan.

Direct afgeleid van de Bf 109V8 is een onbekend aantal toestellen geproduceerd uit een zogenaamde voorserie, de Bf 109C-0. Deze waren volledig gelijk aan de Bf 109V8. Deze serie is vooral gebruikt om mogelijke kinderziekten bij operationele inzet te kunnen ontdekken. De eerste serieproductie was echter de Bf 109C-1, waarvan er 58 zijn geproduceerd. Deze Bf 109C-1 had ook als eerste Bf 109 een FuG-7 radio aan boord.
In 1938 werden 12 toestellen van het type Bf 109C-1 naar de Spaanse Burgeroorlog gestuurd. De naar Spanje gestuurde 109's bleken uitermate succesvol tegen alle andere toestellen daar aanwezig.
De Bf 109C-2 is niet meer ingezet tijdens de Spaanse Burgeroorlog maar werd wel zwaarder bewapend met een vijfde 7,92 mm MG 17 mitrailleur in de holle schroefas. Het toestel is uiteindelijk zelfs niet meer geproduceerd om voorrang te geven aan de ontwikkeling van een nieuwe versie.

Technische gegevens:

Model: Messerschmitt Bf 109 C-1
Taak: Jachtvliegtuig
Bemanning: 1
Afmetingen: Spanwijdte: 9,87 m
Vleugeloppervlak: 16,17 m2
Lengte: 8,55 m
Hoogte: 2,45 m
Prestaties: Max. snelheid: 420 km/u
Kruissnelheid: 344 km/u
Plafond: 8400 m
Bereik: 650 km
Gewicht: Leeggewicht: 1597 kg
Max. Gewicht: 2296 kg
Motor: Junkers Jumo 210G met een vermogen van 730 pk
Bewapening: Vijf 7,92 mm MG 17 machinegeweren, twee boven in de neus, twee in de vleugels en 1 vurend door de schroefas.

Van het laatste C-type, de Bf 109C-3 zijn maar enkele exemplaren ter proef gebouwd. Het waren C-2 toestellen waarbij de mitrailleurs in de vleugels waren vervangen door 20 mm MG FF kanonnen. Dit bleek niet echt een succes, omdat de vleugels hier niet bepaald geschikt voor waren. Een oplossing werd gevonden door niet de vleugelmitrailleurs, maar de mitrailleur vurend door de schroefas te vervangen door een nieuw 20 mm MG/FF M kanon. Van deze Bf 109C-4 is echter geen enkel exemplaar gebouwd.

Messerschmitt Bf 109D "Dora"
De nieuwe Daimler Benz DB.600A motor met een vermogen van 960 pk zou in eerste instantie de nieuwe motor voor de Bf 109 worden. Tegen de tijd dat men deze motor in productie wilden nemen ontwikkelde Daimler Benz een verbeterde versie, de DB 601. Hierdoor ontstond een tussenmodel, de Bf 109D, die eigenlijk al was voorbereid op de nieuwe motor, maar nog werd uitgerust met een Jumo 210G.

Er werden er in totaal slechts dertien gebouwd, waarvan er tien aan Zwitserland en drie aan Hongarije werden verkocht. Het was eigenlijk een tussentype, waarbij de constructie van de vleugels en het landingsgestel was verstevigd. Van de Bf 109D-0 voorserie zijn enkele exemplaren gebouwd. Samen met de Bf 109D-1 serie werden zij geŽxporteerd en uitgerust met twee 7,92 mm mitrailleurs op de neus en twee in de vleugels.
Bij de enkele exemplaren van de D-2 en D-3 types is geŽxperimenteerd met een zwaardere bewapening van twee 7,92 mitrailleurs en twee 20 mm kanonnen.

Technische gegevens:

Model: Messerschmitt Bf 109 D-1
Taak: Jachtvliegtuig
Bemanning: 1
Afmetingen: Spanwijdte: 9,87 m
Vleugeloppervlak: 16,17 m2
Lengte: 8,60 m
Hoogte: 2,45 m
Prestaties: Max. snelheid: 450 km/u
Plafond: 10000 m
Gewicht: Max. Gewicht: 2420 kg
Motor: Junkers Jumo 210D
Bewapening: Vier 7,92 mm MG 17 machinegeweren, twee boven in de neus en twee in de vleugels
Productie: 13 D's

Een aantal Dora's is nog naar Spanje gestuurd, voornamelijk om de prestaties in actie te kunnen testen. De nieuwe motor bleek duidelijk een verbetering te zijn en werd dan ook de standaard voor de hierna te ontwikkelen versies.

Afbeeldingen

Bf 109C-1
Bf 109D-1 Zwitserland

Messerschmit Bf 109E/T

Messerschmitt Bf 109E "Emil"
De "Emil" is de eerste versie die een succesvariant kan worden genoemd. Bij de inval in Polen in 1939 had dit type al alle eerdere varianten vervangen in de Luftwaffe. Het is de eerste versie die niet alleen als jager is ingezet, maar ook haar waarde bewees als jachtbommenwerper. Een totaal van 304 Emils zijn geŽxporteerd naar:
Hongarije (40), Japan (2), JoegoslaviŽ (23), RoemeniŽ (69), Sovjet-Unie (5), Slowakije (16) en Zwitserland (80).
Gedurende de eerste jaren van de Tweede wereldoorlog, zou de Bf 109E de standaardjager van de Luftwaffe zijn.

Als prototype voor de Bf 109E, werd de Bf 109V14 (D-IRTT) geproduceerd. Het toestel werd uitgerust met een 1100 pk zware Daimler Benz DB 601A motor. Met deze nieuwe motor, kreeg de Bf 109 ook een driebladige in plaats van de tot dan toe gebruikte tweebladige propeller. Dit toestel vloog voor het eerst in de zomer van 1938. Als bewapening was gekozen voor twee 7,92 mm machinegeweren boven de motor en twee 20 mm MG FF kanonnen in de vleugels. Een ander prototype, de Bf 109V15 (D-IPHR) kreeg twee 7,92 mm mitrailleurs en een 20 mm kanon vurend door de holle schroefas. Het 20 mm kanon bleek echter nog steeds problemen op te leveren en daarom werd voor de productieversie, de Bf 109E, toch weer gekozen voor de optie van vier 7,92 mm MG 17 machinegeweren.
De Bf 109E-0 voorserie telde in totaal tien toestellen, uitgerust met een DB 601 A-1 motor en vier 7,92 mm mitrailleurs. In februari 1939 rolde met dezelfde motoren bewapening, de Bf 109E-1 uit de fabriek. Een aantal van deze toestellen heeft nog deelgenomen aan de gevechten van de Jagdgruppe 88 in de Spaanse Burgeroorlog. Twintig toestellen overleefden de gevechten en vormden samen met 20 E-1 toestellen, in kratten aanwezig, en 27 overgebleven B en C jagers de ruggengraat van de nieuwe Spaanse Nationalistische Luchtmacht. De Joegoslavische toestellen zijn in april 1941 nog ingezet tegen de Duitse invasie van het land, maar waren vooral niet talrijk genoeg om enig verschil uit te halen.

Technische gegevens:

Model: Messerschmitt Bf 109 E-1
Taak: Jachtvliegtuig
Bemanning: 1
Afmetingen: Spanwijdte: 9,87 m
Vleugeloppervlak: 16,20 m2
Lengte: 8,37 m
Hoogte: 2,27 m
Prestaties: Max. snelheid: 570 km/u
Kruissnelheid: 374 km/u
Plafond: 11430 m
Bereik: 663 km
Gewicht: Leeggewicht: 1980 kg
Max. Gewicht: 2500 kg
Motor: Daimler Benz DB 601 A met een vermogen van 1100 pk
Bewapening: Vier 7,92 mm MG 17 machinegeweren, twee boven in de neus en twee in de vleugels

Van de Emil zijn vele uitvoeringen bekend een opsomming met de bekendste kenmerken zijn:

E-1/B: Jachtbommenwerperversie uit 1940, welke onder de romp maximaal een 250 kg SC-250 bom kon meevoeren.
E-2: Als de E-1, echter uitgerust met twee 7,92 mm MG 17 mitrailleurs en twee 20 mm MG FF kanonnen.
E-3: Ontwikkeld uit de E-1, met een DB 601 Aa motor met een vermogen van 1175 pk, vier 7,92 mm MG 17 mitrailleurs, een 20 mm MG FF/M kanon vurend door de holle schroefas, gewijzigde cockpitkap en voor het eerst bepantsering voor de piloot. Dit type werd in 1939 geÔntroduceerd. Dit is het meest gebouwde type uit de Bf 109E serie.
E-4: Ontwikkeld begin 1940. Uitgerust met andere, snelvuurkanonnen in de vleugels.
E-4/B: Jachtbommenwerperversie van de E-4, geschikt voor het vervoeren van ťťn SC-250 bom van 250 kg of Vier SC-50 bommen van 50 kg.
E-4N: Een E-4 met een DB 601N motor met een vermogen van 1200 pk.
E-4/Trop: Uitvoering voor gebruik in de tropen, met stof/zandfilters over de luchtinlaten en een overlevingspakket voor in de woestijn.
E-5: Verkennerversie ontwikkeld uit de E-4. De vleugelkanonnen waren verwijderd en er was een RB 30/50 camera geplaatst in de romp, achter de cockpit.
E-5/Trop: Een E-5 in tropenuitvoering.
E-6: Een uit de E-5 ontwikkelde Bf-109 met een DB 601N motor met een vermogen van 1200 pk.
E-7: Een jachtbommenwerperversie van de E-4/N. De E-7 kon maximaal 250 kg aan bommenlast vervoeren of een extra 300 liter brandstoftank. Van de E-7 is verder bekend een E-7/Trop versie, een E-7/U2 versie waarbij extra bepantsering was aangebracht aan de onderzijde van het toestel om het geschikt te maken voor aanvallen op gronddoelen en een E-7/Z versie waarbij de motor was opgevoerd.
E-8: Dit was een uit de E-7 ontwikkelde versie met een DB 601 E motor met een vermogen van 1350 pk.
E-9: De verkennerversie van de E-8, uitgevoerd met een Rb 50/30 of twee Rb 32/7 camera('s).

Messerschmitt Bf 109T "Tony"
Eind jaren dertig ontwikkelde Duitsland plannen voor de bouw van twee vliegdekschepen, de Graf Zeppelin en de Peter Strasser. De schepen zouden in 1944 operationeel moeten zijn en in 1939 werden de eerste eenheden opgericht voor aan boord en werden uitgerust met Bf 109B en Junkers Ju 87 A toestellen.
De bedoeling was om uit de Messerschmitt Bf 109E en Junkers Ju-87 B vliegtuigen speciale typen te ontwikkelen voor gebruik aan boord van een vliegdekschip.
Uit de Bf 109E-1 ontwikkelde Messerschmitt de Bf 109T. De toestellen hadden verlengde vleugels die konden worden opgevouwen en verstevigd waren om met een katapult te kunnen worden gelanceerd. De belangrijkste kenmerken van de Bf 109T waren de spanwijdte van 11,08 m, een vanghaak en het aanbrengen van versterkingen voor katapultstarts.

Er zouden 10 E-1's worden omgebouwd tot T-0 toestellen en bij Fieseler zouden in totaal 60 Bf 109T-1 toestellen worden gebouwd. De productie werd in 1939 stilgelegd nadat zeven T-1's waren geproduceerd (Werknummer 7728 t/m 7734), toen besloten werd om de vliegdekschepen niet meer af te bouwen. De toestellen werden uiteindelijk ingezet bij I/JG 77.
Eind 1940 werd de bouw hervat als T-2. De verlengde vleugel werd behouden, de overige vliegdekaanpassingen niet. De Bf 109T-2 werd een jachtbommenwerper speciaal voor operaties vanaf vliegvelden met korte landingsbanen. De toestellen zagen voornamelijk actie vanaf vliegvelden in Noorwegen tot de zomer van 1942. De overgebleven toestellen zijn tot eind 1944 ingezet vanaf het eiland Helgoland.

Technische gegevens:

Model: Messerschmitt Bf 109 T-2
Taak: Jachtvliegtuig
Bemanning: 1
Afmetingen: Spanwijdte: 11,08 m
Lengte: 8,64 m
Prestaties: Max. snelheid: 550 km/u
Plafond: 10500 m
Gewicht: Max. Gewicht: 2800 kg
Motor: Daimler Benz DB 601 Aa (ook wel N genaamd) met een vermogen van
1175 pk
Bewapening: Twee 7,92 mm MG 17 machinegeweren boven in de neus en twee 20 mm MG/FF kanonnen in de vleugels, bommenlast van vier 50 kg of een 250 kg bom.

Afbeeldingen

Bf 109E
Bf 109E-4

Messreschmitt Bf 109F

Messerschmitt Bf 109F "Frederick"
De Bf 109E was al een topproduct in de ogen van de ontwerpers, maar men ging echter verder met de ontwikkeling door vooral naar de aŽrodynamische aspecten te kijken. Begin 1940 werd daarom begonnen met het herontwerpen van het toestel. De belangrijkste doelstellingen waren een betere stroomlijning en de mogelijkheid tot het toepassen van nog krachtiger motoren. Het eerste resultaat werd de Bf 109F. Het toestel was danig aangepast ten opzichte van de vorige versies. Opvallend waren de betere stroomlijning, de afgeronde vleugeluiteinden en de grotere propellerkap. De propeller was kleiner in diameter, maar met bredere bladen. De radiatoren onder de vleugels werden gestroomlijnd en er werd ook een gedeeltelijk intrekbaar staartwiel toegepast.
De aanpassingen waren noodzakelijk geworden doordat de geallieerden in de loop der tijd steeds betere versies van hun vliegtuigen op het strijdtoneel brachten. Vooral vliegtuigen als de nieuwe Supermarine Spitfire, de Bloch MB.151/152 en de Dewoitine D.520 bleken beter dan de voorgaande Bf 109E.
Voor de voortstuwing werd gekozen voor een 1350 pk zware DB 601E motor. Bij het eerste prototype, de Bf 109V21 werd echter nog gebruik gemaakt van een DB 601Aa motor. De volgende drie prototypen werden echter gebruikt om de nieuwe motor te testen (Bf 109V22 t/m V24).

In de herfst van 1940 rolden de eerste Bf 109F-0-toestellen uit de fabriek. Door productieproblemen met de nieuwe motor, werden de 10 geproduceerde voorserietoestellen echter uitgerust met de DB 601N motor. Ondanks deze mindere motor, liet het nieuwe ontwerp de nodige verbeteringen in prestaties zien.

De eerste Bf 109F-1 toestellen werden in maart 1941 operationeel bij de Jagdgeschwadern 2 en 26, opererend boven het Kanaal. De eerste Bf 109F toestellen werden bewapend met twee 7,92 mm machinegeweren en een 20 mm MG/FF kanon vurend door de holle schroefas.
Bij de Duitse invasie in de Sovjet-Unie, had de Bf 109F haar voorganger al voor een groot deel vervangen, hoewel de Bf 109E, vooral in de jachtbommenwerperrol, ook nog is gebruikt.

Technische gegevens:

Model: Messerschmitt Bf 109 F-4
Taak: Jachtvliegtuig
Bemanning: 1
Afmetingen: Spanwijdte: 9,92 m
Lengte: 8,90 m
Hoogte: 2,60 m
Prestaties: Max. snelheid: 625 km/u
Kruissnelheid: 480 km/u
Plafond: 12000 m
Bereik: 850 km met afwerpbare brandstoftank
Gewicht: Leeggewicht: 2590 kg
Max. Gewicht: 3120 kg
Motor: Daimler Benz DB 601E-1 met een vermogen van 1350 pk
Bewapening: Twee 7,92 mm MG 17 machinegeweren boven in de neus en een 20 mm MG 151/20 kanon vurend door de schroefas
Productie: ca. 2200 Bf 109F's totaal

Ook van dit type zijn weer vele versies op de markt gebracht.

F-1: Uitgerust met een DB 601N motor kwam deze versie als eerste in 1941 in operationele dienst.
F-2: Het bij de F-1 gebruikte 20 mm kanon in de holle schroefas werd, in verband met operationele problemen, vervangen door een 15 mm MG151/15 kanon.
F-2/B: Jachtbommenwerperversie van de Bf 109F-2.
F-2/Z: Jager voor grote hoogte, uitgerust met een GM-1 stikstofoxide turbo.
F-2/Trop: Speciale versie, uitgerust met zandfilters voor gebruik in Noord-Afrika
F-3: De F-2 maar dan uitgevoerd met een DB-601E motor met een vermogen van 1300pk. In productie vanaf begin 1942.
F-4: Parallel aan de F-3 werd de F-4 ontwikkeld met weer een, verbeterde 20 mm MG 151/20 kanon in de holle schroefas.
F-4/B: Jachtbommenwerperversie van de F-4 met de mogelijkheid tot meenemen van een 250 kg bom of vier 50 kg bommen.

Op dit moment barstte bij de Luftwaffe de discussie los over de bewapening. Vooral piloten waren niet tevreden over de kwaliteit en de hoeveelheid. Onder leiding van de bekendste Duitse ace, Adolf Galland, werd verzocht om meer bewapening zodat ook minder ervaren piloten een betere kans op overleven hadden. De oplossing werd gevonden in de ontwikkeling van een aantal RŁstsštze, welke ter plekke op de basis konden worden gemonteerd. De meest gebruikte hiervan zijn: (De R nummers zijn niet zeker en worden in sommige literatuur anders verklaard)
R1: Jachtbommenwerper uitrusting voor maximaal 250 kg SC-250 bom.
R2: Bommenwerperjager met twee 210 mm WGr. 21 raketwerpers.
R3: Extra afwerpbare brandstoftank van 300 liter.
R4: Zware jager met twee extra 30 mm MK 108 kanonnen in gondels onder de vleugels.
R6: Middelzware jager, als R4 maar dan met twee 20 mm MG 151/20 kanonnen.
Hierdoor ontstond de mogelijkheid voor een welhaast oneindig aantal varianten.

F4/Trop: Tropenversie van de Bf 109F-4
F-4/Z: Een aantal F-4's werd uitgerust met een, middels GM-1, opgevoerde motor voor operaties op grote hoogte.
F4/Z Trop: Tropenversie voor operaties op grote hoogte.
F-5: Een F-4 waarvan de propellerbewapening was verwijderd en een camera en extra brandstoftank werd gemonteerd om als verkenner te fungeren. Geproduceerd in 1942.
F-6: Een onbewapende verkenner met meer camera's.
Een bijzondere uitvoering van dit type was de Bf 109Z, welke was opgebouwd uit twee naast elkaar liggende F-rompen.

Eind 1941 werd de productie van de F-versie gestopt ten voordele van de nieuwe Bf 109G of "Gustav". Hierdoor waren er eind 1942 nog maar weinig in Duitse dienst. In andere landen is dit type echter tot aan het einde van de oorlog nog intensief gebruikt. KroatiŽ, en ItaliŽ gebruikten een onbekend aantal, Zwitserland ontving er 2 ter evaluatie, Hongarije 20 en naar Spanje gingen 15 toestellen voor training van Spaanse piloten die als oorlogsvrijwilliger mee gingen vechten aan het Oostfront.

Afbeeldingen

Bf 109F-4
Bf 109F-5

Messerschmitt Bf 109G

Messerschmitt Bf 109G "Gustav"
De "Gustav"was het volgende succesnummer uit de 109-stal. De Gustav is de meest gebouwde versie, met de meeste aanpassingsmogelijkheden. Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog waren meer dan 24000 exemplaren gebouwd, waarvan 14000 in 1944 alleen al. Dit type is dan ook voor de meest uiteenlopende doelen ingezet. De Bf 109G kwam in operationele dienst vanaf 1942.
De Gustav is ontwikkeld uit de Bf 109F, waarbij een DB 605 motor met 1450 pk vermogen werd gebruikt, een drukcockpit voor operaties op grote hoogte werd aangebracht en het landingsgestel werd versterkt. Door de krachtiger motor kreeg de neus ook een iets andere vorm.
Met deze versie kwam men ook gelijk aan de grensmogelijkheden van het Bf 109-ontwerp. Hoewel de snelheidstoename nog aanzienlijk was, werd de handelbaarheid van het toestel bij hoge snelheid almaar slechter. Dat het toch nog een succesvol toestel is geworden, heeft voornamelijk te maken met de productieproblemen die men bij de Focke Wulf Fw 190 ondervond.

Naast de productie bij Messerschmitt zelf werd dit type ook gebouwd in RoemeniŽ, Hongarije, TsjechiŽ en Spanje. Als exportproduct kent de G de volgende landen (export en licentiebouw): Bulgarije (145), KroatiŽ (onbekend aantal), Finland (162), Hongarije (+360), ItaliŽ (129), Japan (2), RoemeniŽ (152), Slowakije (30), Spanje (25) en Zwitserland (14).
De Finse Me 109's waren van het type G-2 en G-6. De G-2 toestellen kwamen in maart en mei 1943 aan en werden in dienst gesteld onder de kentekens MT-201 t/m MT-230. Om verliezen te vervangen zijn later nog meer G-2's ontvangen in totaal 48 met kentekens tot MT-248. De toestellen werden in 1944 gedeeltelijk vervangen door G-6 toestellen. Hiervan werden er in totaal 109 ontvangen welke werden ingeschreven onder registratie MT-401 t/m MT-514. De Finse toestellen hebben zowel tegen Sovjetjagers als later tegen Duitse jagers gevochten voornamelijk bij de eenheden Lentolaivue 34 en HLeLv 24 en hebben in totaal zeker 663 vijandelijke toestellen neergehaald.

Technische gegevens:

Model: Messerschmitt Bf 109 G-6
Taak: Jachtvliegtuig
Bemanning: 1
Afmetingen: Spanwijdte: 9,92 m
Vleugeloppervlakte: 16,17 m2
Lengte: 9,04 m
Hoogte: 2,59 m
Prestaties: Max. snelheid: 623 km/u
Plafond: 11600 m
Bereik: 1000 km met afwerpbare brandstoftank
Gewicht: Leeggewicht: 2676 kg
Max. Gewicht: 3402 kg
Motor: Daimler Benz DB 605A-1 met een vermogen van 1475 pk
Bewapening: Twee 13 mm MG 131 machinegeweren boven in de neus en een 20 mm MG 151/20 kanon vurend door de schroefas
Productie: ca. 24000 Bf 109G's totaal

Ook van de Bf 109G is weer een groot aantal versies ontwikkeld. Een samenvatting:
G-0: Van deze voorserie werden 12 exemplaren gebouwd. De productie begon in de zomer van 1941. Deze serie werd hierdoor nog met de DB 601E motor uitgerust en kreeg dezelfde bewapening als de Bf 109F-4.
G-1: Dit was de versie uitgerust met de DB 605A-1 of DB 605B-1 motor en met twee 7,92 mm MG17 mitrailleurs op de neus en ťťn 20 mm MG 151/20 kanon in de holle schroefas. Vanaf maart 1942 bereikten de eerste exemplaren de Jagdgeschwader.
Hier is ook een G-1/Trop versie van uitgebracht waarbij de twee 7,92 mm mitrailleurs
waren vervangen door twee 13 mm MG131 mitrailleurs vanwege de grotere betrouwbaarheid. Door aanbrengen van deze wapens, ontstonden er op de motorkap twee kenmerkende bobbels. Hoewel de vuurkracht hierdoor danig werd vergroot, hadden de bobbels als nadeel dat het, al beperkte uitzicht bij het taxiŽn op de grond, nog verder werd beperkt.
G-2: Is gelijk met de G-1 ontwikkeld, maar was iets eerder klaar omdat hier de drukcockpit was weggelaten.
G-3: Gelijk aan de G-1, maar met een andere radio.
G-4: Gelijk aan de G-2, maar met de radio van de G-3.
G-5: Als de G-1/Trop, maar met een DB 605 AS motor met een vermogen van 1200 pk.
Naast de al bij de F-versie genoemde RŁstsštze, werden er bij de Gustav ook andere aanpassingsversies mogelijk, de zo genaamde UmrŁst Bausštze. De bekendste zijn:
U2: Een houten staartstuk om het toestel lichter te maken
U4: Een half intrekbaar staartwiel
/N: Een FuG350 Naxos Z radar voor het opsporen van bommenwerpers.
G-6: Deze versie kwam in productie vanaf herfst 1942. De drukcabine was weggelaten en in de holle schroefas werd een 30 mm MK 108 kanon aangebracht. De propeller werd aangedreven door een nieuwe DB-602AM motor met een vermogen van 1475 pk.
G-8: De G-7 is nooit geproduceerd en de G-8 werd de verkennerversie ontwikkeld uit de G-6. Als aandrijving werd gebruik gemaakt van een DB 603A-1 of 603AS motor en het toestel was slechts bewapend met ťťn 30 mm MK 108 kanon.
G-10: Deze versie was bedoeld als massaproductiemodel. Als basis koos men voor de G-6 met een DB605D opgevoerde motor met een vermogen van 1850 pk. De G-10 kwam vanaf het voorjaar van 1944 in operationele dienst en was bewapend met een 30 mm of een 20 mm kanon en twee 13 mm mitrailleurs. Met 685 km/u was dit de snelste Me 109.
G-12: Dit was een uit de G-1, G-5 en G-6 ontwikkelde tweepersoons trainerversie.
G-14: Vanaf 1944 zou de industrie zich gaan toeleggen op de productie van de nieuwe Me 109K, maar tot de Introductie hiervan werd de G-14 geproduceerd. Het was een G-10 met een DB605AM motor.
G-16: Dit werd de laatste Gustav, ontwikkeld uit de G-14 maar met een DB605D motor.

Afbeeldingen

Bf 109G-4
Bf 109G-5

Messerschmitt Bf 109H/K

Messerschmitt Bf 109H
In 1943 kwam de Bf 109H in productie. Dit type was speciaal gebouwd om op grote hoogte te kunnen worden ingezet tegen de hoogvliegende Amerikaanse bommenwerpers. De voorserietoestellen Bf 109H-0, waren omgebouwde Bf 109F toestellen waarvan de spanwijdte met 2, 15 meter was vergroot. Een Daimler Benz DB 601E zorgde voor de aandrijving.
De proefnemingen waren van dien aard dat een klein aantal Bf 109H-1 toestellen werd gebouwd om uitvoeriger te worden getest te Guyancourt.
Men wist met de toestellen een hoogte van 14350 m te behalen en een snelheid van 750 km/u. Echter bij duikvluchten gaven de lange vleugels grote problemen en de ontwikkeling werd stilgelegd ten gunste van de Focke Wulf Ta 152 H.

Messerschmitt Bf 109K
Deze versie kwam in productie om beter opgewassen te zijn tegen de zwaarbewapende geallieerde jagers in 1944. Het toestel kwam pas tegen het einde van de oorlog beschikbaar en is daardoor nauwelijks operationeel ingezet. Het aantal geproduceerde toestellen is onbekend, wel is bekend dat ItaliŽ 19 K's heeft gehad.

Technische gegevens:

Model: Messerschmitt Bf 109 K-4
Taak: Jachtvliegtuig
Bemanning: 1
Afmetingen: Spanwijdte: 9,92 m
Vleugeloppervlakte: 16,17 m2
Lengte: 8,94 m
Hoogte: 2,59 m
Prestaties: Max. snelheid: 727 km/u
Plafond: 12500 m
Bereik: 573 km
Gewicht: Leeggewicht: 2676 kg
Max. Gewicht: 3356 kg
Motor: Daimler Benz DB 605ASCM/DCM met een vermogen van 1550 pk
Bewapening: Twee 13 mm MG 131 machinegeweren boven de motor en een 20 mm MG 151/20 of 30 mm MK 108 kanon vurend door de schroefas

De K is gebaseerd op een frame van de Bf 109G-10 en de volgende versies zijn ontwikkeld:
K-0: Voorserie ontworpen in september 1944. Aangedreven met een DB605DB.
K-4: Uitgevoerd met een drukcabine
K-6: Zware jager versie van de K-4 met een 30 mm kanon in de schroefas, twee 13 mm mitrailleurs op de neus en twee 30 mm MK 103 kanonnen in gondels onder de vleugels. Deze versie maakte haar debuut in januari 1945.
K-14: In de laatste weken van de Tweede Wereldoorlog werden er nog enkele K-14's in stelling gebracht met een DB605L motor met een vermogen van 1700 pk.

Messerschmitt Bf 109L
Ontwikkeld uit de "Gustav" was de L weer bedoeld voor grote hoogte. Hierdoor zou het toestel weer een grotere spanwijdte krijgen. Door het beŽindigen van de oorlog is het echter niet meer tot productie gekomen.

Buitenlandse gebruikers en naoorlogse productie

De Messerschmitt Bf 109 in Buitenlandse dienst
Gedurende en na de Tweede Wereldoorlog hebben verschillende landen gebruik gemaakt van een bepaalde versie van de Messerschmitt Bf 109, al dan niet in licentie geproduceerd.

Bulgarije kreeg in totaal 19 Bf 109E en 145 Bf 109G toestellen. Deze Messerschmitts kwamen in dienst bij het 6e Jager Regiment dat vloog vanuit Karlovo en zich vooral heeft bewezen bij de verdediging van Sofia in april 1944.

KroatiŽ kreeg zelf een klein aantal Bf 109G-10 toestellen aangewezen en een kleine eenheid van Kroatische piloten streed als Staffel 15 binnen het Duitse Jagdgeschwader 52.

Slowakije kreeg in 1944 15 Bf 109G toestellen toegewezen. Er waren plannen om bij de Avia-fabriek de Bf 109G-14 in licentie te produceren, maar de invasie door de Sovjets maakte hier een voortijdig einde aan.

In de jaren 1943 en 1944, verkreeg Finland maar liefst 30 Bf 109G-2 en 130 Bf 109G-6 toestellen. Bij het vertrek van de Duitsers uit Finland, werden ook enige achtergebleven Bf 109G-14 toestellen in dienst genomen. Rond september 1944 waren nagenoeg alle Finse jagereskaders met de Bf 109 uitgerust. Het vliegtuig bleef hier in dienst tot haar vervanging in 1952 door de de Havilland Vampire.

Hongarije kreeg 59 Bf 109G toestellen, maar produceerde er maar liefst 500 zelf. Het was dan ook de standaardjager van de Hongaarse luchtmacht gedurende haar strijd aan de zijde van de Duitsers.

RoemeniŽ verkreeg een bescheiden aantal van 70 Bf 109G toestellen en produceerde er zelf nog eens 16.

Toen het Condor Legioen in 1939 Spanje verliet, liet zij haar meeste vliegtuigen achter. De Spaanse luchtmacht kon dan ook een behoorlijke luchtmacht opbouwen met onder andere de Bf 109B en Bf 109C. Tevens werd een aantal Bf 109E toestellen besteld en verkreeg men bij Hispano Suiza het recht op licentiebouw.
Om deze bouw te ondersteunen verkreeg men een eerste aantal van 45 Bf 109B, 15 Bf 109E, 10 Bf 109F en 25 Bf 109G frames. Met deze aantallen werd langzaam aan de productie opgestart die tot ver na de Tweede Wereldoorlog zou voortduren.

Een andere luchtmacht die gebruik maakte van de Bf 109 was die van Zwitserland. Diverse typen, waaronder 12 Bf 109G-6 toestellen werden geleverd.

Voor testdoeleinden gingen twee Bf 109E en twee Bf 109G toestellen naar Japan.

Naast deze landen gingen nog diverse toestellen naar ItaliŽ en de Sovjet-Unie.

Naoorlogse productie
Het einde van de Tweede Wereldoorlog betekende niet het einde van dit succesvolle jachtvliegtuig. Voor landen als Finland en Zwitserland bleef de Me 109 nog lange tijd een standaardtoestel in de luchtmachten. Tsjecho-Slowakije en Spanje(als Hispano HA-1109-J) zetten de productie nog lange tijd door. Tsjechisch geproduceerde jagers (Als CS-99, CS-199 e.a.) zijn nog door IsraŽl ingezet in de oorlog in 1948. Dit is des te opmerkelijker als men bedenkt dat dit toestel, dat oorspronkelijk ontworpen was door een land dat verantwoordelijk is geweest voor de dood van miljoenen Joden, in een oorlog voor de Joodse staat nog zo'n belangrijke rol heeft gespeeld.
Een ander opmerkelijk feit is dat door gebrek aan Duitse motoren de naoorlogse productie in Spanje werd uitgevoerd met een Rolls Royce Merlin motor en hiermee de beste prestaties ooit neerzette. Opmerkelijk als we bedenken dat het allereerste exemplaar van de Bf 109 ook al met een Engelse motor was uitgerust.

Definitielijst

Condor Legioen
Naam van Duitse luchtmachteenheden die gedurende de Spaanse burgeroorlog (1936-1939) meevochten aan de kant van generaal Franco.
invasie
Gewapende inval.
Regiment
Onderdeel van een divisie. Een divisie bestaat uit een aantal regimenten. Bij de landmacht van oudsher de benaming van de grootste organieke eenheid van ťťn wapensoort.
Sovjet-Unie
Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.

Afbeeldingen

De Finse MT-222
Een Zwitserse Bf 109E-3

Diverse projecten

Onvoltooide projecten
Tijdens de productie van de Messerchmitt Bf 109 zijn verschillende pogingen gedaan om verbeteringen aan te brengen of om uit de Bf 109 een volwaardige opvolger te produceren. Een aantal hiervan laten we de revue passeren.

Messerschmitt/ Blohm & Voss Bv 155
In een poging een volwaardige jager voor operaties op grote hoogte en vanaf een vliegdekschip te produceren werd bij Messerschmitt in 1942 begonnen met het ontwikkelen van een jager op basis van zo veel mogelijk Bf 109 onderdelen. De ontwikkelingscapaciteit was bij Messerschmitt echter onvoldoende en het project werd overgeheveld naar Blohm & Voss.

Messerschmitt Me 209
Dit toestel werd al op 26 april 1936 gepresenteerd als de Bf 109R, een toestel dat in staat zou zijn het magische wereldrecord van 755,11 km/u te doorbreken. Het enige dat het toestel eigenlijk gemeen had met de Bf 109, was hetzelfde ontwerpteam. Eigenlijk ging het hier om een prototype voor een nieuwe Messerschmittjager die als opvolger voor de Bf 109 te boek stond. Op basis van deze Bf 109R, werd een volwaardig prototype gebouwd, de Me 209V4. Het toestel bleek zo ingewikkeld in bediening, dat een testpiloot het onmogelijk kon bedienen. Een verbeterde versie, de Me 209V5, kwam klaar op een moment dat het Duitse RLM al gekozen had voor de Focke-Wulf Ta 152.

Messerschmitt Me 309
De Me 309, was een volwaardige poging om een opvolger te maken voor de Bf 109. Het bleek een redelijk goed toestel, met als enige zwakke punt het fragiele neuswiel. Met een bewapening van twee 20 mm kanonnen, vier 13 mm machinegeweren en een 30 mm kanon en aangedreven door een 1750 pk zware DB 603A-1 motor had men in aanleg wel een zeer krachtig wapen. Door het einde van de oorlog kwam men niet verder dan vier prototypen.

Messerschmitt Me 409
De Me 409 was een combinatie van de tweelingromp van de Bf 109Z, de stroomlijn van de Me 209 en de vleugels van de Me 155. Het project werd in 1944 afgeblazen.

Messerschmitt Me 509
De Me 509 was een poging om de voordelen zoals die bij de Bell P-39 Airacobra waren toegepast, in te passen in de Me 309 door de cockpit naar voren en de motor naar achter te plaatsen. Wellicht had men hiermee het neuswielprobleem bij de Me 309 kunnen oplossen. Het einde van de oorlog bracht ook dit project tot een vroegtijdig einde.

Messerschmitt Me 609
Ook dit was een project waarvoor een dubbele romp werd gebruikt. Ditmaal gebaseerd op de Me 309. Het werd al snel naar de prullenbak verwezen.

Definitielijst

kanon
ook bekend als Kanone (Du) en Gun (En). Wordt vaak gebruikt om allerlei geschut aan te duiden. Eigenlijk slaat de term op vlakbaan geschut. Wordt gekenmerkt door een langere loop en grotere dracht.

Afbeeldingen

Messerschmitt Me 209
Messerschmitt Me 309

Informatie

Artikel door:
Wilco Vermeer
Geplaatst op:
01-04-2003
Laatst gewijzigd:
24-11-2009
Feedback?
Stuur het in!

Gerelateerde thema's

Nieuws

dec2012

Duitse piloot spaarde Amerikaanse vijand kort voor kerst

Het gebeurde kort voor kerst, op 20 december 1943, in het midden van de Tweede Wereldoorlog. Een Amerikaanse B-17 bommenwerper keerde zwaar gehavend terug van een missie boven Duitsland. Het toestel was een gemakkelijke prooi voor de toegesnelde Messerschmitt BF-109. Maar in plaats van het vijandige toestel neer te schieten, koos de Duitse piloot er uit medemenselijkheid voor om zijn Amerikaanse medemensen te sparen.

Lees meer

okt2012

Defensie stelt Messerschmitt in IJsselmeer veilig

Op aanwijzing van een groep civiele duikers heeft Defensie een Messerschmitt Bf 109 in het IJsselmeer aangetroffen. De krijgsmachtdelen werkten afgelopen week nauw samen om het eenmotorige vliegtuigje te identificeren en de wapens en munitie veilig te stellen. Er zijn geen stoffelijke resten gevonden.

Lees meer

Gerelateerde bezienswaardigheden

Gerelateerde personen

Bronnen

- Cooksley G., Messerschmitt 109E, Aerodata International No.4, 1978
- Dick Air Vice-Marshal R., Messerschmitt Bf 109: Luftwaffe Fighter, Howell Press, Charlottesville
- Donald D., Warplanes of the Luftwaffe, Aerospace Publishing Limited 1994
- Donald D., Messerschmitt Bf-109: The First Generation, Wings of Fame Volume 4, 1996
- Donald D., Messerschmitt Bf-109: The Later Variants, Wings of Fame Volume 11, 1996
- Green W., Famous Fighters of the Second World War, Mac Donald, 1960
- Griehl M., Messerschmitt Bf 109F, Luftwaffe Profile Series Volume 13, Schiffer Publishing Ltd., 1999
- Howson G., Aircraft of the Spanish Civil War 1936-39, Putnam AeronauticaL Books
- Patterson D. en R. Dick, Messerschmitt Bf-109: Luftwaffe Fighter, Living History Series, Volume 5, Howell Press, 1997
- Payne M., Messerschmitt Bf 109 in the West, 1937-1940, Stackpole Books, 1998
- Price A., Messerschmitt Bf 109, Classic Warplanes, 1992
- Radinger W. en W. Schick, Messerschmitt Bf 109 A-E: Development/Testing/Production, Schiffer Publishing Ltd., 1999
- Ries K. en H. Ring, The Legion Condor-A History of the Luftwaffe in the Spanish Civil War 1936-1939, Schiffer Books, Pennsylvania, 1992
- Wilson S., Aircraft of WWII, Airospace Publications Pty Ltd, Australia, 1998
- Wings, Midway to Hiroshima, CD-Rom, Discovery/Maris multimedia, 1995
- Falcon's Messerschmitt Bf 109 Hangar
- Warplanes of the Luftwaffe
- Spitfire Emporium

Gerelateerde bezienswaardigheden